woensdag 20 mei 2009

Rondje Noord-Holland

Vandaag rijden Kees van Hattem en ik een rondje Noord-Holland. Om half elf is de koffie in huize Van Hattem in Heerhugowaard bruin en tegen elven rijden we noordwaarts. Het is schitterend helder weer, volle zon, 16 graden C. en zuidwestelijke wind met kracht 3 tot 4 Bft. Door het prachtige midden Noord-Holland koersen we eerst op Medemblik aan. Met de wind in de rug komen er onrealistisch lage hartslagwaarden op de meter. Dat zal straks wel anders worden, Kees wil tussen Medemblik en Den Oever de gaskraan wijd open trekken.
Ik nodig Kees uit mij 'zoek' te rijden. Kees geeft inderdaad gas en trekt door tot 45 km/u. De wind komt nu dwars in en het verwachte windvoordeel blijkt er niet in te zitten. Kees vindt het prima zo en ik gooi er een paar flinke scheppen bovenop. Ik trek door tot maximaal 54,5 km/u, maar dat is flink teveel gevraagd. Alles gaat in het rood en uiteindelijk is 50 km/u het maximaal haalbare. Ik zie Kees in mijn spiegels niet meer, maar als ik bij Oude Zeug de oprit naar jachtbouw Jongert oprij en wacht op Kees, is ie er verrassend snel.
Jachtbouw Jongert heeft vorige week surseance van betaling gekregen en een faillissement is onafwendbaar. De stilte op het immense terrein is onwezenlijk. Er blijkt nog wel gewerkt te worden aan een groot jacht, maar dit gebeurt door mensen die door de eigenaar zelf zijn ingehuurd. Het vaste personeel is naar huis gestuurd. We kijken even bij de masten van een megalomaan zeiljacht en verbazen ons over de afmetingen van een wantspanner. De mensen die dit soort jachten koopt houden de portemonnee even dicht en de gevolgen zijn desastreus.
Nadat we een broodje hebben verorberd rijden we via de haven de Oude Zeug naar Den Oever. Ook nu weer heeft Kees zin om stevig door te rijden. In Den Oever rijden we over het haventerrein van de vissershaven om over de buitenkant van de zeedijk onze weg te vervolgen. Het is laag water en leegheid van het gebied is overweldigend. Al na een paar kilometer heeft Rijkswaterstaat het hek stevig op slot en we moeten dan ook het eiland Wieringen oprijden. Geen straf, het golvende landschap is prachtig.
Wel hebben we nu de wind tegen en met rond de 30 km/u is het heel comfortabel rijden.
Bij het Total station bij vliegveld De Kooi pauzeren we even langs het Noord-Hollands kanaal rijden we richting Alkmaar. In Schoorl staat er plotseling een Quest langs de weg. We herkennen de fiets van Yvonne van der Stok en stoppen even bij het hotel restaurant Hof van Schoorl. Direct heeft Yvonne ons in de gaten en schenkt een lekkere espresso in. Kees heeft haar fiets van nieuwe remkabels voorzien en eindelijk remt haar fiets zoals het hoort. De nieuwe gevlochten buitenkabels die Velomobiel.nl monteerde blijken toch niet het gewenste resultaat op te leveren. Kees heeft weer de vroegere stijve buitenkabels geplaatst en nu werkt het uitstekend.
Met 32 km/u rijden we verder en via Alkmaar Noord kom ik op de route naar De Woude. De laatste 15 kilometer gaat met 42 km/u en ben ik netjes op tijd thuis voor het doen van boodschappen.
Werkelijk een prachtige fietsdag.
141 km

Bezoek aan M5

Ik probeer zoveel mogelijk informatie te verzamelen over lagers. Het internet is uiteraard een vrijwel onuitputtelijke bron van informatie. Het is naar mijn mening ook belangrijk om ervaringen van fabrikanten van ligfietsen te vernemen. Eén van Nederlands meest innovatieve ondernemingen op dit gebied is M5 in Middelburg. Bjorn Frank van M5 had mij al gemaild over ervaringen met diverse, waaronder Chinese, lagerfabrikanten. Goede reden om het mooie Middelburg met een bezoek te vereren.
Bjorn ontvangt me vanmiddag hartelijk en neemt meer dan een uur de tijd om ervaringen uit te wisselen. Zij hebben geëxperimenteerd met vol-keramische lagers zonder afdichting. Dit leverde na een jaar reacties van gebruikers op die meldden dat er slijtage merkbaar zou zijn. Gemeten is deze slijtage niet. Om verdere klachten te voorkomen is M5 overgeschakeld naar hybride lagers met een rubber afdichting. Over deze, met vet gesmeerde lagers, komen geen klachten meer binnen. De lagers zijn van Ceramic Speed uit Denemarken.
Ik krijg een setje lagers mee om aan te meten. Het eerste wat opvalt is dat zowel het voor- als het achterwiel lager heel licht ogen. In alle dimensies zijn de afmetingen van deze lagers minder dan half zo groot als de lagers van de Quest. Door de rubber afdichtingen loopt het lager niet zo licht als een vol-keramisch lager. Het ziet er wel fraai afgewerkt uit. Belangrijk is te weten dat een twee-wielige ligfiets vooral radiale belastingen te verwerken krijgt, dit terwijl een velomobiel naast radiale vooral ook axiale belastingen te verduren krijgt.
De metingen aan het M5 achterwiel lager leveren een onbelaste axiale speling op van 12/100 ste mm. De belaste axiale speling is vrijwel 0, al laat het lager zich met een druk van 6 kg toch vrij makkelijk 3/100 ste mm heen en weer bewegen. De onbelaste radiale speling is 1/100 ste mm.
Globaal komen deze waarden overeen met het Chinese silicium nitride lager.
Ter controle doe ik de belaste axiale meting aan het zirkonium oxide lager nog een keer. Bij zijdelingse druk waarbij het M5 lager de puppitast doet uitslaan, staat het zirkonium oxide lager nog stil. Bij flink meer druk krijg ik ook het zirkonium lager enkele honderdsten millimeters in beweging.
Alles overziende staat niets de import van Chinese lagers meer in de weg. De nauwkeurigheid, zeker onder belasting, is ronduit uitstekend en duidelijk beter dan de stalen lagers die nu in bijv. een Quest worden gebruikt.
Morgen zal ik een paar foto's maken van de verschillende lagers zoals die in een M5 ligfiets worden gebruikt, naast de vergelijkbare lagers van een Quest.
Ik waag me aan een advies aan M5. Gebruik voor de echte race modellen lagers met een contactloze PEEK afdichting. 98% van het vuil, zand en stof wordt hiermee uit het lager geweerd. Komt er toch verontreiniging in het lager, dan wordt dit door de harde keramische kogels vermalen en zal het lager weer verlaten. Als bonus kan het lager veel hogere temperaturen verwerken al is dit voor een Quest relevanter dan voor een open ligfiets.

Bij de foto's
Ik was vandaag niet toegekomen aan het maken van foto's van de lagers. De hele dag heerlijk gefietst met Kees en daarna met andere zaken bezig geweest. Om kwart over acht toch nog maar een poging gewaagd. Mede dankzij de uitstekende Nikon D700 en de Micro Nikkor lukt het toch.
De zon gaat al onder en dat levert een aardig plaatje op. De foto met vier lagers toont van links naar rechts het voorwiellager van M5, het vol-keramische voorwiellager voor de Quest, het achterwiellager van M5 en het achterwiellager van Velomobiel.nl.
De foto's van de details spreken voor zich.

zondag 17 mei 2009

Lagerspeling gemeten

Ik krijg veel bijval voor mijn initiatief om lichtlopende keramische lagers te gaan importeren. De eerste serie samples heb ik binnen en inmiddels aan verschillende mogelijke afnemers laten zien. Ook Bjorn Frank van M5 ligfietsen schrijft dat ie mijn plannen toejuicht, maar waarschuwt voor de soms te grote speling op de vol-keramische lagers van diverse Chinese fabrikanten. Om die reden passen zij voor hun race producten nog uitsluitend hybride keramische lagers toe.
Gevoelsmatig hebben de vol-keramische lagers inderdaad meer speling dan de standaard stalen lagers die ik meekreeg van Velomobiel.nl. De keramische lagers hebben onbelast voelbaar enige speling. Dit is bij de stalen en hybride lagers ogenschijnlijk minder.

Maar zijn de stalen lagers nou inderdaad met strengere toleranties gemaakt?
Meten is weten en aangezien ik de hele mechanische en optische werkplaats van Holland Aero Camera Supply in de garage heb, maak ik een eenvoudige testopstelling. Ik gebruik hiervoor de 6001 lagers waarvan ik alle varianten in huis heb. Deze lagers worden als voorwiel lagers in de Quest, Mango en vele andere fietsen gebruikt.
De lagers worden tussen twee oude zilveroxide batterijen geklemd en opgespannen in de bankschroef. De buiten ring kan vrij draaien. Met een puppitast kan ik de axiale en radiale speling meten binnen 1/100 ste mm. Voor de niet-ingewijden, radiale speling meet je door de buitenste lagerschaal van het ingeklemde lager verticaal op en neer te bewegen. Axiale speling meet je door de buitenste lagerschaal horizontaal heen en weer te bewegen.
Axiaal onbelast is de speling bij alle lagers vrij groot, niet zo verwonderlijk omdat je de kogels uit de lagerbaan wrikt. Om een zinvoller vergelijking te verkrijgen belast ik de lagers met een 6 kg zware gereedschap klem.
De tabel is duidelijk, axiaal belast doen de keramische lagers het uitstekend, in ieder geval beter dan de standaard stalen en hybride lagers. Vrijwel zeker is het in de stalen en hybride lagers aanwezige vet de oorzaak van de ogenschijnlijk mindere speling. De metingen wijzen het tegendeel uit.
Als laatste axiale proef belast ik het lager met een aanvullend stalen gewicht van 8 kg. Dit brengt geen verandering in de resultaten.
De radiaal onbelaste metingen laten geen grote verschillen zien. Bij belasting lijken die verschillen volledig te verdwijnen, maar dit kan natuurlijk niet. Ik kan met mijn vinger gewoon de kracht niet opbrengen om 14 kg op te tillen. Overigens zijn kleine axiale spelingen belangrijker dan de radiale spelingen.

woensdag 13 mei 2009

Quest Yvonne en rijden in DuoQuest

Gisteren belt Yvonne van der Stok of ik vandaag mee kan naar Velomobiel.nl om de aanpassingen aan haar recent gekochte gebruikte Quest te beoordelen. Dat wordt natuurlijk een mooi ritje naar Dronten. Kees gaat ook graag mee en vanmorgen vroeg blijkt het wel mooi zonnig weer te zijn, maar de wind is met Bft 5 tot 6 wel zeer royaal van de partij. Vrijwel de hele 100 km is tegen wind, niet getreurd, met een Quest is dat gelukkig geen probleem. Met snelheden van 28 tot 32 km/u tegen wind buldert de wind feitelijk met een kracht van 8 Bft om om je oren.
Op de dijk van Enkhuizen naar Lelystad staat de wind stevig door. Golven slaan op de rotsblokken onderaan de dijk uiteen en een fijne nevel slaat zo nu en dan op mijn bril neer. De wind komt precies van de zijkant in en dat geeft weliswaar weinig voordeel, maar hinder hebben we er ook niet van. Op het ruim windse stuk naar de Houtribsluizen hoeven we een tijd niet te trappen en blijft de snelheid 27 km/u. Ik waai Kees weer eens voorbij en Kees roept 'lagers hé'.
In Dronten wordt eerst even gezocht naar een rammel in mijn fiets. Theo vindt het euvel en verhelpt dit. Na nog een kleinigheid aan mijn en Kees' fiets is het wachten op Yvonne die met Meindert Valenteyn onderweg is. Om twee uur arriveren ze en wordt er begonnen met het gangbaar maken van de remmen, het stuur, het vervangen van twee gebroken spaken, het vervangen van een shifter, derailleurkabels en nieuwe voorbanden.

Onderwijl mogen Kees en ik ons vermaken met een ritje in de DuoQuest. Ik stap links in, daar zit Allert meestal en ik weet dat de afstand tot het crankstel dan precies op mijn maat staat. Kees wurmt zich rechts in de Duo. Nee Kees, ik ga het niet over je gewicht hebben, maar 10 dagen Lourdes hebben je ook niet doen vermageren :).
Het stuur is een heel bijzondere constructie. Een verticaal staande stick moet je vooruit duwen om rechtsaf te gaan en naar je toe trekken om linksaf te gaan. Dat lijkt heel onlogisch, maar na een paar honderd meter heb ik het aardig door. Op de stick zit ook de bediening van de claxon, de richtingaanwijzers en één remhandel. De schijfremmen doen het formidabel, zou ik eigenlijk ook in mijn Quest willen hebben. Iedere rijder drijft zijn eigen achterwiel aan en heeft dan ook een eigen shifter.
Het rijden voelt wat logger aan in vergelijking met een gewone Quest. Het optrekken verloopt ook wat trager, al is dit slecht te beoordelen omdat je niet weet hoe hard je mederijder trapt. Het bochtenwerk is heel apart, je kunt zonder vrees vierkant en hard de bocht door. Deze Quest zal niet omslaan.
Even later wil ook Yvonne een ritje maken in de Duo en we stappen weer in. Yvonne wil gas geven en in no time rijden we 35 km/u. Die snelheid is goed vast te houden. De zit in de DuoQuest is wat dieper en je hebt het gevoel in een kleine sportwagen te rijden. Bij gelijk vermogen zal de Duo iets langzamer zijn dan een normale Quest. Al met al een heel leuke ervaring.

Bij Velomobiel.nl is altijd wat te zien, nu weer de eerste versies van de eigengemaakte kettingwieltjes, zowel voor de 26" als de 20" Quest. Met de keramische lagers die ik mag leveren moet dat een mooi geruisloze en efficiënte kettingloop opleveren.

Om half zes zijn de werkzaamheden achter de rug en rijden we gedrieën naar Noord-Holland terug. Blijft Yvonne in de polder nog redelijk in onze buurt, op de dijk naar Enkhuizen geeft mevrouw gas en de beide heren moeten flink sleuren om haar bij te houden. Ik denk na een paar minuten dat ze dit niet vol zal houden, niks is minder waar. Ze gooit er nog een paar flinke scheppen bovenop en rijdt met halve wind 43 km/u, niet een paar honderd meter, nee vele kilometers lang.
Zelfs ik moet hard werken om onze nieuwe Quest rijdster bij te houden. Ik lees op mijn hartslagmeter maximaal 130 slagen per minuut af. Het lijkt erop dat Kees tegen dit vrouwelijke geweld niet opgewassen is en we zien hem in onze spiegels steeds kleiner worden. Yvonne heeft de grootste pret en kan boven de 40 km/u zelfs nog blijven praten. Hoe kan het dat zo'n klein vrouwtje zo hard kan fietsen? Gewoon training. Zij fietst, ook in de bergen, altijd met een twee-wielige ligfiets met daarachter een hondenkar met daarin een 15 kg zware Border Collie. Met tent, slaapzak en hond rijdt ze gemiddeld 23 - 25 km/u. Even hard trappen, ook Yvonne gebruikt een hartslagmeter, levert in de Quest 43 km/u op.
Vlak voor Enkhuizen komt Kees, een rood hoofd als een boei, weer langzij en mompelt iets over afvallen.
Dan rijden we rustig richting Hoorn. Yvonne slaat af naar Oosterblokker waar haar aanhangwagen staat.
Kees en ik rijden de laatste kilometers samen naar Avenhorn waar onze wegen scheiden.
Prachtige fietsdag
196 km, totaal nu 2100 km.

zaterdag 9 mei 2009

Prijsdoorbraak keramische lagers

De weerstanden waar wij als velomobiel rijders mee te maken krijgen kunnen wij zelf maar ten dele beïnvloeden. De luchtweerstand hangt direct af van de vorm en frontaal oppervlak van fiets en berijder. Eigenlijk zou de berijder er niet met zijn hoofd uit moeten steken. Zonder hoofd boven het instapgat vermindert de luchtweerstand met maar liefst 38%.
Goed, de luchtweerstand laten we voor wat ie is. Continue onder een racekap zitten is ondoenlijk en alleen voor wedstrijden interessant.
De banden zijn de tweede belangrijke weerstandsfactor. Tot 30 à 35 km/u is de rolweerstand zelfs groter dan de luchtweerstand. Hier is dus heel veel te 'verdienen'. Zoals bekend ben ik met Vredestein in gesprek over de ontwikkeling van een radiale velomobiel band. De definitieve tekst is inmiddels in bezit van Vredestein. In september/ oktober a.s. verneem ik een definitief besluit van hen. Mocht Vredestein niet willen dan ga ik uiteraard met andere partijen in gesprek.

De derde factor zijn lager- en aandrijvingsweerstanden. Relatief veel weerstand ondervindt de ketting door de kettingbuizen. Dit is niet makkelijk te verminderen, je wilt niet iedere keer zwart als een ketelman uit je fiets stappen. Een goed kettingwiel is in ieder geval aan te bevelen.

Dan de lagers. De Quest heeft maar liefst 13 lagers. 4 in de voorwielen, 3 in de achteras, 2 in het kettingwiel, 2 in de trapas en 2 in de derailleur. De deskundigen bij Velomobiel.nl denken hier niet veel winst te behalen. Theo van Velomobiel.nl laat zien hoe mooi een stalen lager loopt. Echter zonder afdichting, zonder vet en zonder belasting. Dat zijn drie factoren die de weerstand van een stalen lager deels bepalen, er van uitgaande dat het lager niet versleten is. Een stalen lager moet altijd voorzien zijn van een stalen of rubber afdichting om het lager te vrijwaren van verontreiniging van buitenaf. Deze afdichtingen maken continue contact tussen de beide lagerschalen en leveren weerstand op. Slijt de afdichting na verloop van tijd, dan is het lager niet meer voldoende beschermd tegen zand en ander vuil. Mountainbikers zien kans om bijv. elke drie maanden de stalen lagers van hun trapas kapot te trappen.
Keramische lagers hebben veel minder last van slijtage door zand e.d. De kogels zijn zo hard dat zand gewoon fijn wordt gemalen en uit de lagerschaal wordt weggewerkt. Daarom kunnen voor vrijwel alle toepassingen contactloze afdichtingen worden gebruikt. De op één na mooiste combinatie is een hybride keramisch lager met een teflon kooi (afstandmechanisme van de kogels) en een PEEK afdichting.
De mooiste combinatie is uiteraard de vol-keramische versie in dezelfde uitvoering.

Het is opvallend dat mijn Quest, al jaren uitgerust met hybride keramische lagers, altijd het snelst van een heuvel rolt. Proeven één op één met de Quest van Kees van Hattem, tonen heel grote verschillen tot wel 19% aan. In theorie kunnen die verschillen niet zo groot zijn, de praktijk wijst anders uit. Tests bij Elan tonen aan dat de snelle Whitehawk uitgerust met keramische lagers tot 15 Watt minder vermogen vraagt in vergelijking met normale stalen lagers. Deze verschillen zijn gemeten met een SRM meter die bij Elan in bezit is. 15 Watt betekent bij een Quest die 40 km/u rijdt dat je 2,3 km/u sneller rijdt. Nogmaals, theoretisch zou het niet kunnen, maar de praktijk bewijst het.

In mijn streven naar een optimale fiets heb ik al jaren keramische lagers in mijn fiets. Tot nu toe zijn dit steeds hybride keramische lagers geweest. Dit zijn lagers waar de ringen uit gehard roestvast staal bestaan en de kogels uit Si3N4, Silicium Nitride. Deze kogels zijn 2,5 keer zo hard als het hardste staal. Een setje van 9 lagers, voor voorwielen, achteras en kettingwiel, kost in de USA rond 250 euro. Nog mooier zijn vol-keramische lagers. Deze lagers hebben ringen en kogels van keramiek materiaal. Nog minder weerstand maar met rond 1000 euro vrijwel onbetaalbaar.

Kan dit niet goedkoper? Ja, dat kan. Niet in de VS, maar in China. De afgelopen maanden ben ik bezig geweest met het selecteren van een goede Chinese fabrikant. Dat is geen sinecure. De meeste Chinese lagerfabrikanten hebben wel een deels Engelstalige website, in het Engels communiceren is voor de meesten een brug te ver. Heb je een fabrikant die enigermate Engels spreekt, dan blijkt het meestal een bulkfabrikant te zijn. Ook bij de Chinezen geldt: grote aantallen tegen lage prijzen, enkele stuks tegen hoge prijzen. Ik wil lage prijzen en dus moet er zaken gedaan worden met een fabrikant die per order minimaal 10.000 US dollar afname vraagt. Dit is 7.500 euro en teveel voor individuele (lig)fietsbedrijven. Daarom slinger ik een al even slapend bedrijfje binnen de fam. Schermer weer op gang en ga zelf de lagers importeren.

Wat gaat het kosten?
Er zullen drie verschillende lager sets worden aangeboden voor de Quest. Overigens zijn sommige van deze lagers ook te gebruiken voor tweewielers.
Een set van 9 hybride keramische lagers met rubber afdichting voor bijv. de 26" Quest gaat 119 euro kosten. Dezelfde lagers, maar dan voorzien van PTFE kooi en PEEK contactloze afdichting, kost 149 euro. Deze lagers hebben minder weerstand dan de uitvoering met rubber afdichting. Wil je 'top of the bill' rijden, een set vol-keramische lagers, gemaakt van ZrO2 kost 299 euro, incl. btw en af De Woude. Wil je aanvullend ook de twee trapaslagers in hybride keramiek uitvoeren, reken dan op 33 euro voor de 2 trapaslagers.
Kunnen beide lagertypen op dezelfde wijze worden gemonteerd als de huidige stalen lagers? In principe ja. Wel moeten de vol-keramische lagers wat voorzichtiger worden gemonteerd dan de stalen lagers. Ze zijn brosser dan staal en een goede montage is belangrijk. Om die reden ga ik geen lagers importeren die gemaakt zijn van Silicium Nitride. Deze lagers zijn erg bros en kunnen alleen met bijv. warm stoken van een naaf worden gemonteerd. Gebruik van een lagerpers is met Silicium Nitride lagers uit den boze.

Waar zijn ze koop? Wil je zelf de lagers monteren, bestel de lagers dan bij Holland Aero Camera Supply op emailadres aerocam@xs4all.nl. Wil je de montage niet zelf doen, dan kan Elan in Nijmegen de lagers leveren en monteren. Ook Velomobiel.nl zal de beide non-contact lager series in voorraad nemen. Ook voor de 20" Quest zullen lagersets worden aangeboden. Ligfiets- en andere bedrijven kunnen zich uiteraard tot mij wenden. Bellen kan ook 06-24816003.
Ik zal eerdaags een webpagina maken waar alle lagers individueel zijn beschreven en voorzien zijn van een prijs per los lager.

Bij de foto's boven van links naar rechts:
Silicium Nitride (Si3N4) lager - Zirkonium oxide (ZrO2) lager - Hybride lager met Si3N4 kogels en rubber afdichting.

Foto daaronder:
Set stalen lagers zoals die momenteel standaard in de Quest worden gemonteerd.

donderdag 30 april 2009

Quest voor Yvonne

Vanmiddag rij ik op verzoek van Yvonne van der Stok naar Oosterblokker om de Quest van Meindert Valenteijn te bekijken.
Quest 130 is eerder van Ymte geweest en is nu te koop omdat Meindert een nieuwe Quest krijgt. Om even na half een rij ik weg van het eiland. Heerlijk weer, 19 gr. C. lichte oostenwind en volle zon. Via Driehuizen, Schermerhorn, de Mijzenpolder, Grosthuizen en Hoorn bereik ik even voor twee uur Oosterblokker.
In Hoorn gaat het twee keer bijna verkeerd. Hoewel ik bewust niet door het centrum rij, ik ken de Hoornaars tijdens feestdagen als stevige innemers, loop ik toch tegen een ploeg drinkebroers op. Ze rennen achter me aan en ik probeer te ontkomen via een oprit. De oprit is vrij steil en de snelheid te hoog. De Quest springt omhoog, gaat op twee wielen en dreigt om te slaan. Het loopt goed af. Even later rijden twee meisjes in fraaie oranje kleding met hun fiets voor me uit. Zonder boe of ba slaan ze linksaf en krijgen bijna de Quest tussen de benen.
Bij Meindert lijkt er niemand thuis terwijl ik toch precies op tijd ben. Bellen helpt niet dus dan maar even via de telefoon. Ik hoor de telefoon binnen overgaan, maar geen reactie. Ik wacht tot kwart over twee en zoek dan met de iPhone op het internet naar het telefoonnummer van Yvonne. Helaas geen vermelding in het telefoonboek. Wat nu?
Ik ga maar een eindje fietsen, het is tenslotte zeldzaam mooi weer. Ik rij door de vele dorpjes in West-Friesland en belandt in Enkhuizen. Als ik in de rij sta voor een ijsje, gaat de telefoon. Mijn vrouw vraagt waarom ik nog niet in Oosterblokker ben.
Het ijsje gaat aan mijn neus voorbij en met ruim in de 40 km/u ben ik binnen twintig minuten weer in Oosterblokker. Blijkt dat Yvonne en Meindert in de grote tuin ver achter het huis hebben gezeten.
Quest 130 is stevig gebruikt en de sporen daarvan zijn goed zichtbaar. Ik rij een stukje met de fiets en dat valt niet mee. Ondanks dat er recent nieuwe remkabels zijn gemonteerd stuurt de fiets zwaar en ook het remmen gaat heel zwaar. Voor een Erik de Noorman zoals Meindert geen probleem, voor de kleine handen van Yvonne ondoenlijk. De fiets moet echt naar Velomobiel.nl voor wat correcties.
Meindert zal de stoel in de Quest zodanig ophangen dat het hondje van Yvonne goed achter de stoel kan zitten. Daarna gaat de fiets naar Velomobiel voor een nieuwe shifter en wat andere klussen.
Yvonne gaat terug naar haar werk en Meindert en ik drinken een biertje in de grote tuin achter zijn huis. De eigen tuin staat letterlijk vol met fietsen, frames, stroomlijnen, mallen en gereedschap. Er kan gewoon niks meer bij.
Om half zes rij ik met de wind achter in minder dan een uur naar huis.
100 km
1880 km totaal

De foto is gemaakt tijdens het rondje Texel.

woensdag 29 april 2009

Rose Versand

Vanmorgen rijden mijn vriend Jan Veenis en ik naar Rose Versand Bike Town in Bocholt in Duitsland. Wat is daar nou te doen? Jan wil een nieuwe racefiets en heeft zich grondig georiënteerd op de markt in Nederland en daarbuiten. Zijn keus valt op een Rose Red Bull SL 3000.
De eerste indruk van Bike Town is indrukwekkend. Een groot gebouw van drie verdiepingen waar honderden fietsen overzichtelijk zijn opgesteld. Als de eerste indrukken zijn verwerkt verkennen we het gebouw en zijn al snel op de derde verdieping waar de racefietsen zijn te vinden. Jan wordt voor een meetwand geplaatst en met een laserinstrument worden snel de belangrijkste gegevens in de computer ingelezen. Opvallend is dat er veel Nederlanders in het gebouw lopen, nog opvallender is dat er een flink aantal adviseurs zijn die Nederlands spreken.
Na de opmetingen komt er een advies uit de computer waarbij nog persoonlijke variaties bespreekbaar zijn. Zo zullen wedstrijdrenners bijv. een 2 cm lager frame voor kiezen, toerfietsers een iets hoger frame. Ook de hoogte van het stuur en de afstand van het stuur tot het zadel worden tot op de centimeter bediscussieerd. Zadel, pedalen, kleuren en wat al niet meer worden gekozen en vastgelegd.
Ik moet er niet aan denken met een racefiets te rijden, maar voor een heel scherpe prijs wordt er een perfect afgewerkte fiets geleverd met onder meer een Ultegra groep. Daar steekt mijn XT setje ietwat schraal bij af.
Nadat de racefiets is besteld dwalen we door het gebouw en verbazen ons over de kwaliteit van de presentatie en het vakmanschap van de mensen.
Beneden staan kleding, schoenen, onderdelen, voeding en accessoires overzichtelijk uitgestald. Daar vind ik mijn hoognodige mondstukje voor de Camelbak en daarnaast hangt een bijzonder handig klemmetje waarmee de drinkslang aan mijn shirt kan worden bevestigd. Beneden is ook een windtunnel te vinden waar je je nieuw gekochte kleding kan testen. Windsnelheid, vochtigheid en temperatuur is in te stellen waardoor je uitstekend kunt beoordelen of je de goede spullen hebt gekocht.
Ligfietsers hebben hier gemiddeld niet veel te zoeken, maar de faciliteiten, ruim voldoende goed personeel en een enorme keus zijn een verademing vergeleken met veel Nederlandse winkels.

zaterdag 25 april 2009

Kees' poldertocht 2

Op de picknickplaats in Marken loopt mijn Camelbak weer eens deels leeg, nu op mijn zitmatje. Ik moet echt eens een nieuw mondstukje halen. Ik leg de Quest op zijn zij om de zon de kans te geven het matje te drogen. Dat lukt inderdaad in een half uur. Ook mijn broek is weer droog, toch wel comfortabeler zo.
We pikken de dijk op langs het IJsselmeer. Er zijn veel tegenliggers waarvan er sommige niet blij zijn met onze aanwezigheid.
Ik stop even bij een weiland waar veel jonge paarden lopen. Ik probeer een aardig plaatje te schieten. Een passerende fietser roept 'zijn voor op de hamburger', kennelijk doelend op het lot wat de paarden wacht.
Sebastiaan mist me en komt terug rijden, heel attent.
Bij Durgerdam rijden we echt laag Noord-Holland binnen, Waterland. Mooi fietsen hier en met de wind bijna in de rug gaat het best wel hard. Bij Ilpendam vullen we een hele pont en rijden zo naar het Twiske. Pé rijdt voorop en neemt een kortere noordelijke route. Geen probleem, we maken kilometers genoeg.
We hebben weer een ontmoeting met ons 'moederschip', maar Kees zet snel zijn helm op en voort gaan we weer.
We rijden één keer verkeerd en de weg houdt op te bestaan. Kees kijkt verongelijkt, maar de weg is er toch echt niet :).
Via de oostzijde van Zaandam koersen we op de Zaanse Schans af. Het fietspad is opgebroken, maar de grote weg is begaanbaar. Ook hier weer horden toeristen die ons op de kiek zetten. We maken een groepsfoto en rijden Wormerland door. Op een gegeven moment moeten we de heel steile houten brug over om de weg naar Neck te bereiken. Ik had al eerder de brug fietsend genomen, nu maar weer.
We rijden via Graftdijk naar Driehuizen waar we bij Sebastiaan Talsma thuis een glas fris drinken. Kees zet zijn helm nu in recordtempo op. Ik ga naar De Woude, de rest rijdt naar Heerhugowaard.
Prachtige dag, prachtige rit, meer dan uitstekende verzorging, deze mag op de jaarkalender.
Bedankt Kees en Marian.
169 km

Kees' poldertocht 1

Vandaag staat de door Kees van Hattem georganiseerde Poldertocht op het programma. Een tocht van 160 kilometer door of langs maar liefst 16 polders in laag Noord-Holland. Marian van Hattem zorgt de hele dag voor eten, drinken en fruit. Ze rijdt samen met twee vrienden de hele dag mee met de camper.
Deelnemers aan de tocht zijn Kees van Hattem, Pé Koomen, Elly en Jules Boetekees, Sebastiaan Talsma, Mark Groen, Peter Huiberts, Mark-Jan Bastian, Yvonne van der Stok en ondergetekende. Later voegt ook Hans Schoonekamp zich bij de groep die dan bestaat uit vier twee-wielige ligfietsen en zeven velomobielen. Yvonne rijdt in de Kees' Mango en gaat als een speer.
Ik rij om kwart over acht weg van het eiland om na een half uurtje bij de Waerdse Tempel de dan al complete groep te ontmoeten. Er is koffie en thee, maar om klokslag 9.00 uur dirigeert Kees de ploeg in en op de fiets. Er wordt een straf tempo aangehouden, ook tegen wind komt er 30 km/u op de teller. Ik informeer bij een paar fietsers of zij het bij kunnen benen, maar dat is geen enkel probleem.
Ik weet ongeveer welke route Kees gaat rijden, maar dat ie compleet terug naar De Woude rijdt had ik niet verwacht. Ik had ook een uurtje langer in mijn bed kunnen liggen :). Via West-Graftdijk rijden we naar Purmerend om langs de mooie Beemster Ringvaart de eerste etappeplaats Etersheim aan het IJsselmeer te bereiken. De beroemde appeltaart is weer als vanouds en met een kop koffie, dit alles gesponsord door Sebastiaan, komt de inwendige mens royaal aan zijn trekken.
In Edam denk ik dat Kees over het ophaalbruggetje zal rijden. Ik rij vooruit en krijg de groep op de foto op het bruggetje. Dit is evenwel niet de bedoeling, we moeten door Edam rijden om de volgauto niet kwijt te raken. De camper kan zeker niet over het bruggetje en via de GSM krijgt Marian instructies van Kees.
De volgende etappeplaats is Marken en dat betekent recht tegen de al aantrekkende wind optornen.
In Volendam verkiest Kees de beproeving van de dijk. De verzameling internationale toeristen hebben alleen nog maar oog voor de karavaan voor hen vreemde voertuigen. Ik slaag er in om een foto te maken waar maar liefst twaalf toeristen ons fotograferen.
Buiten Volendam komen we langs een ijssalon waar ik normaal gesproken niet langs kom zonder een ijsje te eten. Ik rij even naar voren en stop abrupt bij de ijssalon. Iedereen is met een natte vinger te lijmen en het heerlijke ijs, Kees en ik eten een 'Keessie' met advokaat, verdwijnt als sneeuw voor de zon.
In Marken is het even zoeken, een auto blokkeert onze normale passage, maar even later wordt door Marian en haar secondanten een wel heel complete picknick opgetuigd.
Als Kees zijn helm opzet is het parool: rijden.

woensdag 22 april 2009

Rondje West-Friesland

Ik had niet gedacht dat de lange broek er weer aan te pas zou moeten komen. Vanmorgen is het nog geen 10 gr. C als ik in de Quest stap om samen met Kees een rondje West-Friesland te rijden. Dit is Kees' biotoop en ik volg hem graag op enige afstand. Ik blijf gemiddeld net buiten fluitafstand. Hé ... wat bedoel je Wim? Heel simpel, Kees fluit de hele dag ten teken dat ie het naar zijn zin heeft. En als Kees fietst heeft ie het naar zijn zin.
Kees zou zelfs op zijn verjaardag nog het liefst de hele dag in de Quest zitten. We rijden over de historische dijken benoorden Heerhugowaard richting Schagen. We passeren onbekende plaatsjes als Tolke, Valkkoog, Keinse, Poolland, Haringhuizen en noem maar op. Overal bloeien paardenbloemen in onwaarschijnlijk grote aantallen. In Schagen wil Kees beslist op koffie met taart trakteren. 'Hoezo Kees?'. 'Nou Wim, ik bèn vandaag jarig'. 'Oops, maar wordt jij dan niet thuis verwacht?'. 'Ja, maar jij wou vandaag toch fietsen?'.
Hoe dan ook, de taart is niet voorradig, de koffie is prima.
We rijden weer een stuk van de Westfriese Omringdijk en zoeken even een plaatsje om in de luwte van de dijk een broodje te eten. De natuur is overweldigend. We genieten van de kieviten die een grauwe kiekendief het leven zuur maken. In de sloot aan de voet van de dijk zwemmen talloze rietvoorntjes. De grauwe ganzen lopen al weer trots met hun nieuwe kroost rond. Mooi om te zien, minder mooi voor de boeren die er weer een groot aantal niet-betalende gras eters bij krijgen.
In Barsingerhorn stoppen we even bij de in 1934 opgeheven tramlijn van Schagen naar Ewijcksloot. Vandaar kon men met de boot naar Wieringen.
Via de oostkant van Heerhugowaard rijden we de plaats weer binnen en krijg ik bij Kees thuis de taart die ze in Schagen niet hadden.
Na drie kwartier gezelligheid en pret in huize Van Hattem, de beide dochters hebben Kees' Quest voorzien van een tekst 'REESKEES' rij ik met 40 tot 42 km/u naar huis. Dat kost me met hartslag 108 niet erg veel inspanning.
Het was al met al een rustig ritje, 100 km gereden, 260 kcal verbruikt, gemiddelde hartslag 83.
Een mooi verjaardagsritje, nogmaals van harte Kees. Bloemen had ik niet bij me, vandaar een fluitend portret met genoeg bloemen op de achtergrond.

zondag 19 april 2009

Politie in burger in de fout

Vanmiddag rij ik naar Volendam op en neer. Heerlijk weer, volle zon, 15 gr. C. en noordoostelijke wind kracht 3 tot 4 Bft.
De natuur is nu volop ontwaakt. Overal bloeien de tulpen uitbundig en een paar foto's staan er snel op.
In De Rijp rij ik een stel wielrenners achterop. Eén van hen gaat rechtop zitten en grijpt naar zijn rug. Ik vraag hem naar de bekende weg 'of ie pijn in zijn rug heeft'. Hij bevestigt dit en ik roep hem toe dat ie beter een ligfiets kan kopen. Zijn maten gaan door en rijden tegen wind 34 km/u. Da's best hard, maar met de Quest kan daar natuurlijk wel een schepje bovenop. Ik zet aan en langzaam versnel ik. Twee van de vier gaan diep in de beugels en pikken aan. Dan nog maar een tandje erbij en even later rij ik 42 km/u. Dat is al heel gauw veel te veel voor de wielrenners. Ook geen eerlijke strijd natuurlijk.
In Volendam rij ik op de rijbaan met 38 km/u. Er passeert een VW Tiguan net even te dicht langs me. Ik zie de bestuurder een gebaar naar zijn hoofd maken. De VW probeert even later in het dorp te parkeren en ik spreek de bestuurder aan.
'Weet u soms niet dat ik op de rijbaan mag rijden?' De man zegt dat ik dat helemaal niet mag en meldt dat ie politieman in Volendam is. Dan druk ik hem het kaartje met de uitleg in de Wegenverkeerswet in handen. Hij leest aandachtig, doet nog een laatste poging zijn blazoen schoon te vegen en zegt 'U reed ook midden op de rijbaan'. Als ik hem vertel dat het niet gebruikelijk is op de hoofdrijbaan met meerdere voertuigen naast elkaar te rijden, kijkt ie beteuterd. Zijn drie vrienden in de auto maken snerende opmerkingen 'dat ie wel weer naar de Politieschool mag'.
Op de dijk is het natuurlijk bommetje vol en bij hotel Spaander maak ik een praatje met de parkeerwacht die ik daar al jaren zie. Op mijn vraag of het nu rustiger is dan voorheen meldt ie dat dat niet het geval is. 'Ze bieden nu goedkopere arrangementen aan'. De bussen zitten toch weer vol, die slimme Volendammers zijn niet voor één gat te vangen.
Terug rij ik via Edam en geniet van het heerlijke fietsen met de wind in de rug. In De Rijp kan ik nu doorrijden, het tegenliggende verkeer moet de oost-west richting voorrang geven. Moet .... maar dat gebeurt niet. Een bestuurder blijft stug op mijn weghelft rijden. Ik rij ook stug door en moet op het laatst hard remmen. De automobilist kan ook niet verder. Ik vraag hem of ie weet dat ie aan de kant moet. 'Of jij gaat aan de kant' gromt ie. Ik mopper dat ie de verkeersregels eens moet leren, we schuiven met een paar centimeter ruimte langs elkaar en ik vervolg mijn weg.
55 km

zaterdag 18 april 2009

Ontwikkeling nieuwe velomobiel band

Na het positieve bezoek aan Vredestein heb ik, volgens afspraak met Vredestein, een stuk geschreven waarin ik de argumenten, technische voorwaarden en marktpotentie in beeld breng. Dit stuk staat hieronder. Ik stel me voor dat we op de Google ligfiets lijst over dit stuk discussiëren. Wil je daar een bijdrage aan leveren, kopieer dan een stuk tekst van dit artikel, geef het de subtitel die er boven staat en post het op de lijst. Zo kunnen we mogelijk met elkaar tot een nog doorwrochter verhaal komen.
Helaas is het niet mogelijk om op dit moment tweewielers hierin te betrekken. Later wil ik dat nog wel een keer doen.

Ontwikkeling van een velomobielband

Waarom een velomobielband?
Een velomobiel is een snelle driewielige ligfiets voorzien van een stroomlijn. Niet alleen velomobielen, ook trikes zijn de doelgroep voor een nieuwe velomobielband. Kenmerk van deze fietsen is dat zij in bochten niet overhellen en de banden, net als bij een auto, grotere zijdelingse krachten te verwerken krijgen dan bij een tweewielige fiets. Dit resulteert er soms in dat een hieldraad scheurt en een klapband het gevolg is. Een klapband bij een velomobiel op hoge snelheid resulteert meestal in een onbestuurbare fiets en soms letsel. Een velomobiel band moet op dit punt speciaal versterkt worden.

Eigenschappen en voorwaarden voor een velomobiel band
- radiale constructie
- opbouw van de band
- lichte loop
- maximaal 42 mm breed
- volledige slick
- anti-lek bescherming
- veiligheid
- balans grip versus slipeigenschappen
- levensduur
- montage
- marktpotentie

Radiale constructie
Alle fietsbanden worden nog steeds diagonaal geconstrueerd. Dit is misschien voor een gewone (lig)fiets goed, voor een velomobiel zeker niet. Bij een gewone (lig)fiets wordt de band redelijk gelijkmatig belast en krijgen de hieldraden, ook in bochten, geen extreme zijdelingse krachten te verwerken. Bij een velomobiel ontstaan wel sterke zijdelingse krachten waardoor de banden overmatig belast worden. Bij automobielen worden de dwarskrachten opgevangen door .... radiaalbanden. Het is niet toevallig dat ik voor een radiaalband opteer, een Quest stuurt en gedraagt zich als een auto. De nieuwe band moet volgens het radiaal principe worden gemaakt en voorzien zijn van dunne soepele wangen. Dat wil zeggen dat de grote meerderheid van het karkas moet worden gevormd door versterkingsdraden die dwars op de rijrichting staan. Dit maakt de band sterker en veiliger. Een heel groot voordeel echter is dat de band lichter loopt. Het in veren van een radiaalband kost veel minder energie dan bij een diagonaalband. Bij een diagonaal band wordt in de kruiselings liggende versterkingsdraden veel energie in wrijvingswarmte omgezet en dus verloren. Dit is al heel lang bekend.
Paul Rinkowsky, een in 1915 geboren Duitse ingenieur, is niet alleen één van de pioniers op ligfiets gebied, maar ook en vooral bekend door zijn superlicht lopende fietsbanden. Rinkowsky maakte in de zeventiger jaren banden voor de Oost-Duitse wielerploeg die opvallend goed presteerden. Rinkowsky heeft onder meer een aantal 20" banden gemaakt die een rolweerstand hadden die maar 40 tot 50% was in vergelijking met elke andere fietsband. De Rinkowsky radiaal banden hadden een stalen versterking in het rubber gevulcaniseerd, mede waardoor de rolweerstand extreem laag werd. Er staat op http://www.helsinki.fi/~tlinden/rolling.html een document online waaruit deze extreem lage rolweerstand blijkt. In de praktijk zal deze extreem lage rolweerstand niet gehaald worden. Wat het effect van het gebruik van Rinkowski banden zou zijn is in Kreuzotter.de, nu niet meer online, te berekenen. Een fietser die 150 Watt trapt in een Quest met brede slicks rijdt 39,3 km/u. Zou je dezelfde Quest uitrusten met Rinkowski radiaal banden, dan ga je met dezelfde 150 Watt maar liefst 45 km/u. De rolweerstand gaat van Cr 0,00640 naar Cr 0,00384 ofwel wordt 40% lager.
Helaas is deze Oost-Duitse bandenpionier door beperkingen achter het IJzeren Gordijn, in 1986 overleden zonder dat zijn vele vindingen commercieel konden worden benut. Schwalbe is inmiddels begonnen met de productie van radiaalbanden voor racefietsen

Opbouw van de band
Een velomobielband mag een vrij hard en smal loopvlak hebben. De banden zullen niet zoals bij een normale fiets onder helling komen te staan. Door de helling moeten banden voor tweewielige fietsen ook in de schouder en een deel van de wangen tegen insnijdingen worden beschermd. Een velomobiel band blijft rechtop en hoeft deze bescherming minder hoog te worden opgetrokken. Een smal vrij hard loopvlak zal weinig rolweerstand hebben. De schouder mag al snel overgaan in een soepele wang die dun is en door zijn radiale opbouw met weinig verlies in veert. De hieldraad en overgang naar de wang moet vrij sterk zijn omdat de zijdelingse krachten groot zijn. De band moet beslist rond zijn om de projectie op de ondergrond zo rond mogelijk te laten zijn. Ook heeft een ronde band het grootste luchtvolume, een van de belangrijkste factoren voor een lichte loop.

Lichte loop
Een velomobiel band moet lichter lopen dan de bestaande banden, anders heeft deze geen bestaansrecht. Een velomobiel weegt tussen 30 en 40 kg en heeft door zijn 3 banden een 50% grotere rolweerstand dan een twee-wielige ligfiets. Ook is de wielmaat van een velomobiel met 20" inch relatief klein. Deze factoren houden in dat, afhankelijk van de snelheid, de rolweerstand van een velomobiel tussen de 35 en 60% van de totale weerstand bedraagt.

42 mm breed
De breedte van 42 mm wordt gedicteerd door de stuuruitslag van de meeste velomobielen. Met 42 mm wordt de stuuruitslag weliswaar enigermate beperkt, maar dit is zeker acceptabel. Bredere banden zoals de Perfect Moiree 47 mm lopen goed, maar beperken de stuuruitslag te veel.
Smallere banden zijn voldoende voorhanden maar zij hebben door hun geringe luchtvolume geen lichte loop.

Volledige slick
Een velomobiel heeft, overigens net als alle andere fietsen, geen enkel voordeel van een geprofileerde band. Velomobielen zullen uitsluitend op de verharde weg rijden en nimmer als mountainbike worden gebruikt.
Een profiel levert vervorming op die weerstand oplevert die een lichte loop en optimale grip tegenwerkt. Vergelijk bijv. een 35 mm Perfect Moiree en een even brede Schwalbe Kojak. De Kojak is een volledige slick en loopt 10% lichter dan de Perfect Moiree.

Anti-lek bescherming
Er moet een redelijke anti-lek bescherming aanwezig zijn. Maar dit mag de lichte loop van de band niet te negatief beïnvloeden. Door de enkelzijdige wielophanging is het verwisselen van een band heel gemakkelijk. Een rock-solid anti-lek bescherming doet de lichte loop teniet en is daarom geen eis. Velomobielen kunnen ook makkelijk één of meer reservebanden meenemen. In de praktijk wordt een voorband met licht opgepompte binnenband in de velomobiel meegenomen. Ook wordt in de regel een normale fietspomp, zij het van kunststof, meegenomen.
De Avocet Fasgrip heeft door zijn harde loopvlak een zeer goede lekbescherming. In deze band zijn zelfs na 12.000 km nog nauwelijks insnijdingen te zien.

Veiligheid
Een velomobiel band moet veilig zijn. De huidige banden zijn zonder uitzondering bedoeld voor gebruik op twee-wielige fietsen. De specifieke eigenschappen van een velomobiel houden in dat de zijdelingse krachten in de huidige banden onvoldoende worden opgevangen. Dit resulteert erin dat soms hieldraden breken met een klapband tot gevolg. Sterkere hieldraden en een goede krachtoverbrenging vanuit de hiel naar de wangen moeten deze grotere krachten opvangen.

Balans grip en slipeigenschappen
Er moet een goede balans zijn tussen grip en slipeigenschappen. Een zachte loopvlak compound geeft veel grip, maar heeft als bezwaar dat de band snel slijt. Veel grip, iets dat voor tweewielers een voorwaarde is, kan voor een velomobiel juist verkeerd uitpakken. Te snel insturen voor een bocht kan een velomobiel op twee wielen doen rijden of zelfs laten omslaan. Iets minder grip zou de velomobiel, vlak voor het omslaan, bij voorkeur over de voorwielen, laten slippen. Dit is een minder gevaarlijke situatie dan omslaan, zeker als dat op een moment gebeurt dat een lantaarnpaal of ander straatmeubilair in de weg staat. Er zijn diverse zeer ernstige ongevallen bekend als gevolg van omslaande velomobielen. De achterband moet juist weer veel grip hebben om de velomobiel bij een slip weer snel in het rechte spoor te krijgen. Het omslaan van een velomobiel gebeurt in fracties van een seconde. De categorie rijders die dit voelt aankomen is klein. Het begin van een slip is makkelijker waar te nemen en kan eenvoudig gecorrigeerd worden door de snelheid iets te verlagen of mee te sturen in de richting van de slip.
Ter vergelijking kiezen we als vertrekpunt de Avocet Fasgrip, een band die zoals bekend licht loopt, precies de goede diameter heeft en zeker 15.000 kilometer meegaat. De loopvlak compound is hard waarmee de lange levensduur is verklaard. De grip bij nat weer is redelijk tot goed, maar in ieder geval minder dan van bijv de Perfect Moiree. Toch blijken vele fietsers ook in de winter voor de Avocet Fasgrip te kiezen. Ze slippen liever dan op twee wielen te rijden of om te slaan.
Een Avocet Fasgrip band op de voorwielen is uitstekend, op het achterwiel juist niet.

Levensduur van de band
Voorbanden van een velomobiel slijten gemiddeld sneller dan van een twee-wielige fiets. Dit wordt veroorzaakt doordat de banden bij een velomobiel grotere zijdelingse krachten moeten verwerken. Ook heeft de sporing van een velomobiel veel invloed. Dit speelt niet bij een tweewieler. Achterbanden gaan wel tot tweemaal zo lang mee.
De Avocet Fasgrip gaat op een velomobiel 15.000 km mee. Dit is voor een nieuw te ontwikkelen velomobiel band geen eis. 8000 tot 10.000 km is voldoende.

Montage
Een nieuwe velomobiel band moet met de hand kunnen worden omgelegd. Als voorbeeld kunnen de huidige brede Perfect Moirees dienen, die leggen goed om. Velomobielen worden veelal het hele jaar door gebruikt. Ook in de winter, als alles stugger is, moeten de banden eenvoudig kunnen worden verwisseld.

Marktpotentie
Wel moet de marktpotentie worden bekeken, alleen Nederland is natuurlijk te klein. Met de uitbreiding van de productie van Quest en Mango, de start van de bouw van Questen in de VS en de mogelijkheid deze banden te gaan leveren aan niet-velomobielen als bijv. trikes, moet dit kunnen lukken.
Behalve eerste montage, rijden er inmiddels duizenden velomobielen en trikes rond die zo nu en dan nieuwe banden nodig zullen hebben.

Onderstaand een lijst van fabrikanten van velomobielen en trikes die twee of zelfs drie wielen van 20" inch hebben.

Velomobielen
Velomobiel.nl, Quest
Sinner, Mango
WAW
Flevobike, Versatile
Leiba, Classic en Brise
Birkenstock, Butterfly
Aerorider, Sport
Sunrider
Go-one
Cab-Bike
Leitra
Alligt, Alleweder
Tripendo
Dutch Speed Bicycles
Greenspeed
Tri-Sled, Avatar
Eigen bouw velomobielen

Trikes
Challenge
Ice
Hase
Greenspeed
Windscheeta
Terratrike
Stein trikes
Scootertrikes
Optima
Tempelman, Flevotrike
Antro Tech
Catrike
Whike (zeilfiets)
Fast FWD (kanteltrike)
Gforce trikes
HP Velotechniek
Flyke vliegtrike
Steintrikes, Subotica en Serbia
Eigen bouw trikes

Een groot aantal kleine initiatieven heb ik niet opgenomen. De aantallen blijven zo klein dat het voor een bandenfabrikant niet zinvol is.

donderdag 16 april 2009

Vredestein positief

Vanmiddag om half twee ben ik in Enschede bij Vredestein. Doel is de mogelijkheden te bespreken een velomobielband te ontwikkelen. Een dergelijke band moet licht lopen, maximaal 42 mm breed zijn en een volledige slick zijn. Een anti-lek bescherming moet aanwezig zijn maar mag de lichte loop van de band niet te negatief beïnvloeden. Uiteraard moet de band ook veilig zijn. Er moet een goede balans zijn tussen grip en slipeigenschappen. Een zachte loopvlak compound geeft veel grip, maar heeft als bezwaar dat de band snel slijt. Veel grip, iets dat voor tweewielers een voorwaarde is, kan voor een velomobiel juist verkeerd uitpakken. Te snel insturen voor een bocht kan een velomobiel doen omslaan. Iets minder grip zou de velomobiel, vlak voor het omslaan, bij voorkeur over de voorwielen, laten slippen. Dit is een minder gevaarlijke situatie dan omslaan, zeker als dat op een moment gebeurt dat een lantaarnpaal of ander straatmeubilair in de weg staat. Kees van Malssen, onze voorzitter van de NVHPV, weet hier alles van. De achterband moet juist weer veel grip hebben om de fiets bij een slip weer snel in het rechte spoor te krijgen.

Diagonaal
Coen Bosch en Harry Peppelman, respectievelijk area sales manager en product manager van Vredestein Two Wheel Tires ontvangen mij hartelijk. We bespreken de mogelijkheden om een band specifiek voor velomobielen te ontwikkelen. We doen dit aan de hand een van een groot aantal banden die ik meegenomen heb. Vertrekpunt is de Avocet Fasgrip, een band die zoals bekend heel licht loopt, precies de goede diameter heeft en zeker 15.000 kilometer meegaat. De loopvlak compound is hard waarmee de lange levensduur is verklaard. De grip is evenwel te gering, voor mooiweer rijders als ik geen probleem, voor winterharde doorrijders zou dit beter moeten zijn.
Er passeren veel zaken de revue. Ook de vraag waarom onze fietsbanden nog steeds diagonaal worden geconstrueerd. Dit is misschien voor een gewone (lig)fiets goed, voor een velomobiel zeker niet. Bij een gewone (lig)fiets wordt de band redelijk gelijkmatig belast en krijgen de hieldraden, ook in bochten, geen extreme zijdelingse krachten te verwerken. Bij een velomobiel ontstaan wel sterke zijdelingse krachten waardoor de banden overmatig belast worden. Tom Hospes maakte dit afgelopen week mee toen de hieldraad van zijn Perfect Moiree afscheurde en een klapband ontstond. Bij Vredestein is dit natuurlijk bekend en niet alleen bij Vredestein. Bij automobielen worden de dwarskrachten opgevangen door .... radiaalbanden. Het is niet toevallig dat ik voor een radiaalband opteer, een Quest stuurt en gedraagt zich als een auto. De nieuwe band moet volgens het radiaal principe worden gemaakt. Dat wil zeggen dat de grote meerderheid van het karkas moet worden gevormd door draden die dwars op de rijrichting staan. Dit maakt de band sterker en veiliger. Een heel groot voordeel echter is dat de band lichter loopt. Dit is al heel lang bekend.

Radiaal
Paul Rinkowsky, een in 1915 geboren Duitse ingenieur, is niet alleen één van de pioniers op ligfiets gebied, maar ook en vooral bekend door zijn superlicht lopende fietsbanden. Rinkowsky maakte in de zeventiger jaren banden voor de Oost-Duitse wielerploeg die opvallend goed presteerden. In hoeverre dit aan de banden of aan doping lag, is de vraag. Vast staat dat Rinkowsky onder meer een aantal 20" banden heeft gemaakt die een rolweerstand hadden die maar 40 tot 50% was in vergelijking met elke andere fietsband. De Rinkowsky radiaal banden hadden een stalen versterking in het rubber gevulcaniseerd, mede waardoor de rolweerstand extreem laag werd. Er staat hier een document online waaruit deze extreem lage rolweerstand blijkt. Uiteraard zal in de praktijk deze extreem lage rolweerstand niet gehaald worden. Wat het effect van het gebruik van Rinkowski banden zou zijn is in Kreuzotter.de, nu niet meer online, te berekenen. Uitgaande van een fietser die 150 Watt trapt rij je in een Quest met brede slicks 39,3 km/u. Zou je dezelfde Quest uitrusten met Rinkowski banden, dan ga je met dezelfde 150 Watt maar liefst 45 km/u. De rolweerstand gaat van Cr 0,00640 naar Cr 0,00384 ofwel 40% lager.
Helaas is deze Oost-Duitse bandenpionier door beperkingen achter het IJzeren Gordijn, in 1986 overleden zonder dat zijn vele vindingen commercieel konden worden benut. Schwalbe is inmiddels begonnen met de productie van - smalle - radiaalbanden.

Terug naar Vredestein. Zien zij wat in mijn idee om een echte velomobiel band te ontwikkelen? Mijn beide gesprekspartners wel. Wel moet de marktpotentie worden bekeken, alleen Nederland is natuurlijk te klein. Met de uitbreiding van de productie van Quest en Mango, de start van de bouw van Questen in de VS en de mogelijkheid deze banden te gaan leveren aan niet-velomobielen als bijv. trikes, moet dit kunnen lukken.
Wij spreken af dat ik een stuk schrijf ter ondersteuning van de aanvraag. Hierin worden de argumenten genoemd en technische specificaties opgesteld. Ik zal een aantal banden leveren die als referentie zullen dienen. Vredestein gaat dit intern bespreken en uiterlijk in oktober zullen zij een besluit nemen. Bij groen licht wordt er een matrijs gemaakt en een eerste proefserie van 50 banden vervaardigd. Een mogelijk eerste productie run zal minimaal 1000 banden omvatten.
Bosch en Peppelman zien er wel brood in. Met die laatste woorden neem ik afscheid en rij met een goed gevoel naar huis.

Overleg met Vredestein over Quest band

Vandaag ga ik naar Enschede om met mensen van Vredestein te overleggen over een nieuw te ontwikkelen 20" band voor de Quest. Ik vind het jammer dat goede voorbanden voor de Quest feitelijk niet meer te koop zijn. Wat vind ik goede voorbanden voor de Quest? Allereerst de Avocet Fasgrip, maar ook de Primo Comet 1.75 is een comfortabele lichtlopende band. Helaas worden deze 42 mm brede banden niet meer gemaakt.
Er zijn meerdere merken met een 35 mm brede band. Deze banden hebben een klein luchtvolume, lopen als gevolg daarvan niet mooi licht en zijn ook niet erg comfortabel. Meerdere merken hebben daarboven wel een 47 mm of een 50 mm, maar die beperken de stuuruitslag in een Quest te veel.
Mijn doel is een slick band te laten ontwikkelen die 42 mm breed is, zeer dunne wangen en een relatief hard loopvlak heeft.
De Avocet Fasgrip gaat 15.000 km mee en is dus heel slijtvast. Dit is wel prettig, maar beperkt de grip bij nat weer.
Wordt vervolgd.

zondag 12 april 2009

Verkennen voor poldertocht 25 april

Kees wil vanochtend een deel van de op 25 april te houden Polders tocht verkennen. Of ik mee wil? Jazeker, alleen moet ik vroeg in de middag thuis zijn om een stukje te varen met de familie.
Het eerste stuk gaat richting Purmerend en Ilpendam. Dan rechtsaf naar Het Twiske. Ik schat een passage langs een paaltje niet goed in en raak van de weg. Dat wordt een stukje cross-country door de blubber van het laag liggende Twiske. Het fietspad is verder heel fraai en zal straks door de deelnemers gewaardeerd worden. Een wegopbreking, belegd met rijplaten hindert de passage enigermate, maar dat zal over drie weken wel opgelost zijn.
We praten even met een tweetal skeelers die bijzonder in de Quest geïnteresseerd zijn. We eten een broodje en gaan door naar de Zaanse Schans. Daar ziet het zwart van de toeristen, veelal van Aziatische komaf. Die hebben allemaal een camera in de hand en switchen razendsnel van mosterdmolen naar Quest, heel vermakelijk. Zelfs Japanners die op een hoge omloop van een molen staan, draaien zich razendsnel om om ons te vereeuwigen. Kees toetert tientallen toeristen aan de kant, ik maak een paar foto's van enkele van de tientallen ons fotograferende toeristen.
Via het mooie Wormer polderlandschap bereiken we een wel heel steile houten brug. Kees stapt uit, ik schakel op het kleinste blad voor en het grootste achter en klim als een berggeit omhoog. Dat gaat prima, omlaag echter moet ik toch de fiets uit omdat er een bijna onneembare bocht is gecreëerd.
Via Neck en Spijkerboor ben ik redelijk op tijd thuis, althans volgens mij. Mijn vrouw belt en heeft een andere visie :).
61 km, totaal nu 1.400 km

vrijdag 10 april 2009

Rondje Texel

Vandaag rijdt de "Twisker ligfietsclub' zijn eerste lustrum rit naar Texel. Vorig jaar was ik er niet bij door een mogelijk probleem met de achterbrug, nu ben ik wel van de partij. Om kwart voor zeven zie ik Eduard Botter aan de overkant van de Markervaart staan. Hij is om kwart over drie vertrokken uit Wateringen, zeg maar Hoek van Holland. Als mijn dagteller op 0 staat, heeft Eduard er al 110 km op zitten. Samen rijden we naar Heerhugowaard waar een klein smaldeel velomobielen voor Kees van Hattems huis staat. Na de koffie rijden we door het prachtige midden Noord-Holland naar Twisk waar de hele groep zich ten huize van de fam. Leegwater verzamelt.
Ook hier koffie en heerlijke roomsoesjes. Matthijs roept op tot vertrek, de boot in Den Helder wacht niet. Met 13 velomobielen gaan we op weg. Via Middenmeer en de Haukes bereiken we vlot de Waddenzee dijk. Fotograaf John Oud maakt foto's, vrijwel zeker voor het Noord-Hollands Dagblad.
Twee minuten voor elf komen we bij de boot aan. Net op tijd voor de twee minuten later vertrekkende veerboot.
Op de boot maken we kennis met Yvonne, de enige vrouwelijke deelnemer. Zij rijdt op een twee-wielige Baron, maar gezien haar interesse in alles wat Quest heet zie ik haar daar nog wel een keer in rijden.
We rijden het eiland linksom, dat wil zeggen eerst langs de Waddenzee dijk om na de vuurtoren door de duinen van de Noordzeekust weer zuidwaarts te rijden. De wind is de hele weg al in de rug en dat levert heel lui ligfietsen op. Bij 30 km/u met hartslag 85 is toch wel erg met twee vingers in de neus. We houden natuurlijk rekening met Chris, hij is onderweg met de Alleweder van Kees en heeft heel wat minder kilometers in de benen dan de meeste andere deelnemers. 30 km/u met een Alleweder is flink aanpoten.
Kees wil ons graag op de buitenkant van de zeedijk laten rijden, tot .... het hek dicht is. Omkeren en verder nog maar eens proberen. Dat lukt en iedereen geniet van de weidsheid van de Waddenzee. De rode vuurtoren van de Cocksdorp is al van kilometers afstand te zien, met recht een baken.
In het restaurant bij de vuurtoren gaat de voortreffelijke appelgebak er goed in, hartelijk dank Matthijs en Nico. Na nog een tweede kop koffie stelt de groep zich op voor een foto met de vuurtoren op de achtergrond. Ik geef mijn camera aan een aardige meneer, zo sta ik er zelf ook een keer op.
Het wordt warmer en warmer, ondanks de nu voelbare tegenwind. Daarom gaat de lange broek voor het eerst dit jaar uit en komen de witte melkflessen in beeld. Het tempo daalt nu behoorlijk en we hebben alle tijd om de vele fietsers rustig te passeren. Ik wacht in Den Hoorn op een paar achterblijvers. Er komt geen sterveling en een inwoonster wijst me erop dat een aantal collega's door het dorp zijn gereden en al lang uit beeld zijn. Het gas er dus even op en snel ben ik bij de veerhaven.
Er is ijs voor alle 14 fietsers, natuurlijk ook voor Yvonne. Die is echter met de Quest van Kees aan het proefrijden en als ze terugkomt is het ijsje wel heel vloeibaar geworden. Yvonne vindt het heerlijk en zit helemaal onder het ijs. Ik haal maar een emmertje sop en iedereen die dat wil kan de handen afspoelen.
Op de boot zie ik dat het schip 23 km/u vaart, best hard.
Om half vijf staan we weer op het vaste land. Omdat Eduard nog naar Wateringen wil fietsen, gaat hij langs het Noord-Hollands kanaal richting Alkmaar. 'Of ik mee wil' vraagt Eduard, wetend dat ik de weg hier goed ken. Prima, dan kan er ook stevig doorgereden worden. Sebastiaan Talsma, ook een notoire doorrijder, voegt zich bij ons. We nemen afscheid van de groep en tegen de stevige wind in rijden we met 35 tot 38 km/u langs het kanaal. 'Gaat het niet te hard Eduard?' 'Nee hoor Wim, er mag nog wel een tandje bij'. Door Alkmaar bereiken we wederom het Noord-Hollands kanaal, nu aan de oostkant.
Sebastiaan slaat linksaf richting Driehuizen, Eduard en ik gaan door naar De Woude. Dat tandje erbij krijgt Eduard en met 42 km/u bereiken we al om tien voor zes, in één uur een twintig minuten, De Woude.
Eduard wil graag doorrijden en nadat ik hem nog wat uitleg over de route naar pont Buitenhuis heb gegeven, gaat ie de laatste 110 van de totaal 400 km vandaag, volmaken.
Een schitterende fietsdag met schitterend weer is ten einde.
Een uitgebreide fotoserie staat op:
http://picasaweb.google.com/wimschermer/RondjeTexel1042009?feat=directlink
190 km.

PS. De foto's van John Oud zijn inderdaad in het Noord-Hollands gepubliceerd. Onze pontbaas Dirk zal me de krant bezorgen.