Zoals bekend is Jan Reus de geestelijk vader van de stormstrip. De Quest is zijn enige vervoermiddel en dus moet deze liefst altijd gebruikt kunnen worden. Nou wil het in onze kustprovincie nogal eens hard waaien. Dat vindt een velomobiel als de Quest niet heel prettig. Jan heeft een verdere verbetering van de veiligheid bij harde wind voor ogen.
De wind waait natuurlijk niet alleen over de Quest heen maar ook onder de fiets door. Daardoor ontstaat aan de lijzijde van de fiets een vacuum die meehelpt de fiets om te trekken. De stormstrips op de bovenkant van de fiets zijn weliswaar heel effectief maar het kan beter.
Jan plakt twee stukken stormstrip onder de Quest. Nu kijken of het helpt.
Tweede Paasdag, het waait in Noord-Holland Bft 9 met vlagen tot 100 km/u, rijdt Jan van Amsterdam Zuid-Oost naar Enkhuizen. Verschillende caravans waaien om en de wind plukt flink aan de Quest. De fiets blijft keurig rechtop. Zonder trappen rijdt Jan vele kilometers met 40 tot 45 km/u. Aan de benodigde opstuurhoek is goed te voelen dat de wind hard tegen de zijkant van de Quest duwt. Het gevaarlijke hellende koppel is er niet. Jan rijdt, wel de hoge dijken vermijdend, veilig naar huis.
Ik wil geen reclame maken voor het rijden bij Bft 9, maar de veiligheid is door deze nieuwe toepassing van de stormstrip, een stap verder gebracht.
Het rondje Texel 2016 belooft te beginnen met regen en kou. En dat klopt. Ik kies ervoor om ditmaal rechtstreeks naar de veerboot in Den Helder te rijden. De omweg naar Twisk betekent anderhalf uur vroeger op en een uur langer in de regen rijden, niet zo aantrekkelijk. Ik rij om kwart voor negen van het eiland af en met regen en pittige tegenwind ben ik om half elf in Den Helder bij de veerhaven.
Het weerzien met 13 andere deelnemers is leuk en al kletsend zijn we snel aan de overkant.
Daar blijk ik een lekke band te hebben. Had ik toch de half versleten F-lite maar moeten vervangen 😢. Gelukkig ligt de nieuwe met licht opgepompte binnenband voor de greep en in vijf minuten zijn we onderweg. Een stuk van de dijkweg lijkt afgesloten en we maken een toertje door het binnenland.
Het regent inmiddels niet meer al miezert het soms nog wel. Geen ideale fotocondities, met 8 graden wel plascondities.
Eenmaal weer langs de dijk van de Waddenzee is het een genoegen om de vele moederschapen met hun kroost te zien lopen. Ze hebben allemaal bontgekleurde nummers op hun kleine lijfjes.
Texel is een vogeleiland pus sang. Een beetje telelens maakt het makkelijk om bruikbare foto's te maken. Ik hoef er mijn Quest niet voor uit.
Scholeksters en ganzen in verschillende soorten, het zijn er heel veel.
De gebruikelijke stop op het noordelijkste puntje van het eiland bij de vuurtoren moet nu binnen plaatsvinden. Het is buiten te koud. De ramen beslaan direct als de groep binnenkomt. De koffie met appeltaart gaan er wel in.
Na de koffie maken we weer de gebruikelijke groepsfoto voor de vuurtoren. Iedereen blijft lekker in zijn carbon cocon en we gaan snel weer onderweg. Inmiddels is de zon erbij gekomen. Met de noordwestelijke wind rijdt het zo een heel stuk prettiger en ook sneller.
De rit door de duinen is altijd weer spectaculair. De snelheden lopen makkelijk op tot 40 km/u en met de vele bochten is dat soms spannend. Na het open duinlandschap komen we halverwege het eiland tussen de bomen te rijden. Al om drie uur zijn weer terug in de Veerhaven. De boot ligt nog aan de kade maar we kunnen niet meer mee. Terwijl ik al rijdend op de klok tuur vliegt de Quest met een klap omhoog. Ik knal op een trottoirband die ik niet heb gezien. Dank zij de F-lite blijft de band heel en er lijkt verder zelfs geen schade te zijn. Thuis nog maar eens goed kijken.
De rit naar huis maak ik in gezelschap van Winand Jonker. Winand denkt dat ik veel harder kan rijden dan hij in de Strada. Hij geeft het tempo aan en rijdt wel heel stevig door. Steeds tussen 45 en 48 km/u. Dat zijn voor een Strada hoge snelheden. Op een kruising rij ik hem voorbij en hou een snelheid aan van 42 tot 46 km/u. Winand volgt prima en we zijn snel door Alkmaar en rijden de Schermer binnen. Daar raakt het muntje van Winand op en we rijden wat rustiger naar De Woude.
We nemen afscheid en Winand rijdt nog een uurtje door naar Sloten.
Al met al een mooie dag fietsen in goed gezelschap. Na precies 170 km rijden ben ik om half zes weer thuis.
Er zijn al heel wat oplossingen bedacht voor het wissen van beregende vizieren. Geen van die oplossingen voldoen echt goed. Maar nu is er mogelijk wel een goede oplossing. Het heet Rainpal.
Het systeem bestaat uit een wisser die een straal beschrijft gelijk aan de kromming van een motorhelm vizier.
Het apparaatje werkt 3 uur continue op een ingebouwd accuutje dat met USB kan worden geladen.
Er zit naar wens een afstandbediening bij waarmee je de snelheid en interval kan regelen.
De maker, Adam Aarons, is momenteel bezig via Fundrazr.com de nodige middelen te vergaren om de productie te kunnen starten.
Ik heb er in elk geval voor 79 Engelse Pond een besteld. Wil je meedoen, ga dan naar: https://fundrazr.com/campaigns/315tK0
Deze winter is een heerlijke winter om te fietsen. De temperatuur is steeds tussen 3 en 9 graden C. In de Schermer polder is het uitzicht vanaf de dijken prachtig. Vaak heb ik mijn Panasonic FZ1000 fotocamera mee in de fiets. Deze camera is voorzien van een Leica Vario-Elmarit lens. De brandpuntsafstand is te variëren van 25 tot 400 mm, gerekend met full-frame equivalenten. De lichtsterkte is 2.8 tot 4.0, afhankelijk van de tele-instelling. Als ik hemelsbreed nog ruim 1000 meter ben verwijderd van het lieflijke dorpje Driehuizen maak ik, vanaf dezelfde positie, wat foto's van de wolkenlucht boven Driehuizen.
Weer valt me op hoe enorm het zoombereik van deze camera is. Meestal worden zoomlenzen op hun meest ingezoomde stand wat wollig en zacht. De Leica lens op de Panasonic FZ1000 blijft ook op 400 mm scherp en contrastrijk. Bij de onderste foto van het kerkje is iedere voeg tussen de stenen van de muur te onderscheiden, een bijzondere prestatie. Dit is naar mijn mening de ultieme reiscamera. Relatief licht met 850 gram, ruim 20 miljoen pixels en zonder extra lenzen mee te slepen een hoge kwaliteit in ieder zoombereik. Mijn fraaie Nikon D700 met kilo's aan mooi optisch glas raakt langzamerhand gepensioneerd, in de fototas wel te verstaan.
Even een update over de Rottweiler die mij op de dijk steeds aanvalt. Ik heb me verdiept in de Dazer, een tip van Belle. Het blijkt dat deze gemiddeld goed werkt bij wat kleinere honden en bij honden die langzaam dreigend naderbij komen of meelopen met een voertuig. Op grote agressieve honden die op snelheid een fietser of wandelaar naderen heeft de Dazer meestal geen effect. Sommige grote honden worden er nog agressiever van. De Dazer wordt het niet. Maar wat dan wel.
Eergisteren kwam het beest weer als een dolle van het boerenerf rennen en vliegt omhoog tegen de dijk. Ik kan het beest al van flinke afstand zien aankomen en besluit nu gewoon te stoppen. Dat blijkt wonderwel heel effectief. Als de hond op de top van de dijk de weg opstuift sta ik vrijwel stil.
Dat vindt de Rottweiler prima. Hij komt tot stilstand, kijkt me aan en .... loopt weer rustig de dijk af naar de boerderij. Nou wil ik, zeker niet als ik een snel rondje wil maken, steeds stoppen voor een hond, maar om gevaar en schade te voorkomen is het wel verstandig. Misschien gaat de hond nu leren dat zo'n gele torpedo helemaal niet hoeft te worden aangevallen. We zullen zien.
In de winter rij ik gewoon door. Niet elke dag maar zo'n 3 tot 4 keer per week. Alleen als het harder waait dan Bft 6 of als het regent, dan blijft de Quest in zijn warme garage. Buienalarm is een prachtige App om dit in de gaten te houden. Stormt het dagen achtereen dan klim ik, met flinke tegenzin, op de Life Fittness ligfiets hometrainer om wat beweging te hebben. Het trainen op een hometrainer vind ik oervervelend.
Nu de bomen niet in het blad staan heeft de Rottweiler van de boer voorbij Driehuizen mij meestal snel in de gaten. Het kreng vliegt van het erf af, rent de dijk op en valt de Quest aan. Een enkele keer raak in de hond licht, soms krijgt de Quest een flinke klap. Afgelopen week kreeg de fiets zo'n harde klap dat ik vreesde voor schade aan het laminaat. Dat kon ik evenwel niet zo snel ontdekken. Ik heb gelijk maar even mijn hart gelucht en de boerin, in ieder geval een mevrouw die achter de boerderij met kinderen op paarden bezig was, duidelijk gemaakt dat ik dit een waardeloze vertoning vind.
Ik hoor haar roepen dat de honden alleen mijn fiets aanvallen, verder niemand. Zal zo zijn, maar shit is het.
In de winter krijg je soms mooie luchten te zien, zo ook gisteren. Even gestopt om een panorama te maken van een mooie wolkenpartij. Mijn ritje is vrijwel altijd een rondje om de Schermer polder van 30 km lengte. Een enkele keer maak ik een rondje om de Beemster, het ritje is dan 45 km. Dat gaat dan langs het Noord-Hollands Kanaal naar Purmerend, vervolgens over de prachtige Oostdijk naar Oosthuizen en vandaar naar de molens van Schermerhorn. Het laatste stuk door de Schermer langs Driehuizen brengt me weer op De Woude.
De hele winter, eigenlijk altijd, rij ik vóór met F-lites, achter met Super Moto. De Super Moto is niet lek geweest sinds de Noordelijke Velomobieltocht 14 maanden geleden. Ook de F-lites houden zich uitstekend. Afgelopen jaar 1 lekke band. Gisteren reed ik door een kapot gegooide fles. Te laat gezien door tegenlicht op nat wegdek. Eigenlijk was ik me er pas van bewust dat het glas was toen de banden door de stukken glas knerpten. Hoewel de F-lites een Kevlar anti-lek laag hebben merkte ik dat de rechter band langzaam leeg liep. Vanmorgen staat de band inderdaad helemaal leeg.
Jan Geel, de innovatieve Quest rijder uit Oostwoud, heeft de mooie verlengde rug van zijn Quest al weer verschroot. Waarom? Jan rijdt vaak over de lange winderige polderwegen in Noord-Holland en heeft steeds het idee dat achterop komend verkeer de minuscule LED lampjes laag op de staart van de Quest niet of heel laat ziet. Twee belangrijke onderdelen, veel duidelijker richtingaanwijzers en een stormstrip ontbraken nog.
Jan maakt korte metten met de nieuwe rug en profileert in een nieuwe rug uitstekend zichtbare en aërodynamisch vormgegeven richtingaanwijzers. De nieuwe clignoteurs zijn buitengewoon goed zichtbaar van achter, maar zijn aangevuld met een kleinere LED om ook vanaf de zijkant goed zichtbaar te zijn. Door de hoge positie op de rug van Quest zitten de lampen tevens op een hoogte die door achterop komend verkeer van grote afstand makkelijker kan worden gezien en geïnterpreteerd. De veel grotere LEDs, het zijn kleine fietskoplampen uit China, zijn aangevuld met een oranje glaasje.
Als je toch bezig bent is het natuurlijk mooi om een stormstrip bovenop de rug te integreren.
Komende berichten
Het VeloTilt team werkt aan een fiets met zijspan waarbij een ernstig gehandicapte jongen, hij kan zijn benen niet bewegen, toch meetrapt.
Een nieuwe innovatie van Jan Geel bestaat uit een eenvoudig systeem om met een gewone derailleur terug te schakelen bij stilstand. Het bestaat uit een draaischijf met een pen erop. Deze draaischijf zit vlak bij de achterderailleur en tilt de ketting bij het achteruittrappen naar de grotere tandwielen. Bediening is met een shifter.
Zondag 14 februari vindt de jaarlijkse wintertraining in Alkmaar plaats. Het regent de hele dag en ik besluit dat het rijden naar Alkmaar met de Quest nu niet leuk is. De Tesla is verkocht en in afwachting van een versie met Autopilot rij ik in een Ford Focus. Gelukkig komt de nieuwe Tesla volgende week en is het leed geleden :)
Het eerste dat opvalt als ik in de sporthal binnenkom is dat het aantal deelnemers beperkt is tot maar 16 fietsers. Vier daarvan zijn kinderen en weer drie daarvan zijn de kinderen Ymte en Swanette. Ymte is er niet omdat hij de Elfstedentocht rijdt. Die is door het slechte weer afgelast, jammer voor de velomobielrijders die vergeefs een lange tocht hebben gereden in slecht weer.
Dat de stormstrips op de DF in rechte lijn geen nadeel opleveren is goed te zien in de resultaten. Met maar 135 Watt vermogen rijdt Daniel met de DF al 51 km/u. Als ie flink aanzet kan ie ook een aantal ronden met 65 tot 69 km/u rijden.
De jeugd doet fanatiek mee, dat zit wel goed. Verder is er van een echte competitie nauwelijks sprake. De deelnemers zijn te verschillend in kracht en materiaal. Hoe dan ook, het is voor iedereen een prima training. Voor mij is het leuk om weer een aantal fietsvrienden te spreken.
Het is al een maand geleden dat ik het laatste bericht publiceerde. Gebeurt er dan helemaal niks? Welzeker, maar de beslommeringen rond de revalidatie van mijn vrouw Marian nemen me nogal in beslag. Eten koken, wassen, hulp bij douchen en een groot huis schoon houden nemen veel tijd in beslag, helemaal als je die dingen niet gewend bent.
De ontwikkeling van de VeloTilt gaat gestaag door. De nieuwe lagering van de wielen, 2 kleine lagers op 4,5 cm afstand van elkaar, heeft de rolweerstand een heel eind verminderd. De nieuwe constructie maakte het rondtrappen moeilijk, ik raakte met de onderkant van mijn schoen de nieuwe constructie.
Omdat het onderste halfronde geleidingssegment verbogen was, kon dit in weer een nieuwe voorvork meteen 1 mm dikker en dus veel sterker worden uitgevoerd.
Bram Smit en Piet Kunis verwijderen de bestaande vork en verwisselen deze voor de nieuwe versie. Het verwisselen gaat heel vlot. Er hoeven maar vier moeren te worden gelost, het voorframe kan dan wat omhoog, en de nieuwe vork kan op zijn plaats. Het past perfect en de vork draait zonder weerstand.
Links de oude vork met het 3 mm halfronde segment, rechts de nieuwe versie met een 4 mm halfrond.
Op bovenstaande foto is goed te zien dat er veel meer ruimte is ontstaan om met de voet er overheen te draaien.
Tegelijkertijd gaat de kappenproductie door. Hier is Jan Reus bezig een geplamuurde kap te schuren. Hierna kan de kleurlaag erop en kan de kap worden afgemonteerd.
De nieuwe vork is gemonteerd en alles loopt spelingvrij. De nieuwe constructie voorkomt tevens dat de ketting eraf kan lopen.
De Quest is ondanks zijn ruim 15 jaar oude ontwerp nog steeds een uitstekende velomobiel. Maar op een aantal punten is de leeftijd goed af te zien. Moderne velomobielen hebben onderhuids een aantal versterkingen die in de oudere Quest ontbreken. Deze versterkingen zijn deels alsnog aan te brengen.
Moderne velomobielen hebben allemaal een bredere tunnel achter het hoofd. Dit levert een veel betere aerodynamische luchtstroming op aan de boven/achterkant van de fiets.
Jan Geel, de inventieve Quest rijder uit Oostwoud en eigenaar van museum De Baan in Oostwoud heeft al een reeks verbeteringen in zijn Quest aangebracht. De meeste onderhuids maar de spiegels met ingebouwde richtingaanwijzers zijn een fantastische veiligheidsvoorziening. Jan besluit om zijn Quest met een nieuwe tunnel achter het hoofd een belangrijke upgrade te geven. Jan is niet van het benauwde en zet de zaag in de Quest. Hij zaagt letterlijk de hele bovenkant van de achterkant van zijn Quest af. Daarna maakt ie een mal waarop ie een nieuwe bovenkant lamineert. Tenslotte lamineert Jan de nieuwe tunnel op zijn fiets. De nieuwe tunnel is 3 tot 4 cm breder en blijft ook hoger dan de bestaande tunnel.
Jan maakt de tunnel langer aan de voorkant waardoor het hoofd vlak tegen de tunnel aankomt en er dan ook nauwelijks ruimte tussen hoofd en tunnel overblijft. De eigengemaakte racekap sluit nu ook vloeiender aan op de nieuwe tunnel. Dit is aerodynamisch een groot voordeel. De achterkant van de nieuwe tunnel is open en wordt daar warme lucht uit de fiets afgevoerd. De opening is tevens een prachtig handvat om de fiets op te tillen.
Maakt dit de Quest sneller? Volgens Jan wel. Hij kan zonder zware inspanning 45 km/u rijden tegen windkracht 4. Dat komt mede doordat Jan alle andere verstijvingen al heeft uitgevoerd. Vooral een andere stoel, deze is zodanig gemaakt dat ie totaal niet meer vervormt, heeft de fiets zeer efficiënt gemaakt. Ik ken weinig mensen die op 74-jarige leeftijd in een Quest rijden, ik ken al helemaal niemand die dan ook met 45 km/u tegen windkracht 4 inrijdt.
Het is nogal rustig op mijn blog. Zelf heb ik het niet rustig. Een paar uur nadat ik op 18 november mijn laatste bericht publiceerde viel mijn vrouw Marian 's nachts in huis en brak haar heup. Ze was precies op de heup gevallen waar al een prothese aangebracht was. Het resultaat was dat het bovendijbeenbot in drie stukken spleet en de prothese inscheurde. Dat leverde een 6 uur durende operatie op met heel veel ijzerwerk om alles met een nieuwe langere prothese weer een beetje op zijn plek te krijgen.
Dan gaat je dag er heel anders uitzien, wondverzorging, koken, wassen, letterlijk alles wat je normaal met zijn tweeën doet. Daarnaast mag ze de eerste maand het been maar voor 25% belasten en dat betekent dat ze bij letterlijk alles geholpen moet worden. Ik klaag niet maar je hoofd staat even ergens anders naar.
De breedte van velgen beïnvloedt op diverse manieren de rijeigenschappen van onze velomobielen.
De rolweerstand is een factor, maar ook de stuureigenschapen en het comfort. Smalle velgen van 19 mm worden in principe gebruikt voor buitenbanden van 23 tot 28 mm. Bredere velgen kan wel, maar het weinige comfort dat deze smalle bandjes bieden wordt nog minder. Ook neemt de kans op 'snakebites' toe omdat de hoogte van de band boven de velg lager wordt. De rolweerstand met de smalste banden neemt met 25 mm velgen heel licht toe. Er is dus geen reden om smalle banden op brede velgen te zetten.
Bredere banden, zeg vanaf 35 mm en hoger, kunnen wel succesvol op bredere 25 mm velgen worden toegepast. Vanaf 40 mm en breder lopen deze banden meetbaar lichter dan op 19 mm velgen. De stuurprecisie verbetert met brede velgen zeer duidelijk. Bij 3,5 bar en een 19 mm velg begint de F-lite in snel genomen bochten te zwabberen. Bij 25 mm velgen is bij 3,5 bar dit effect volkomen afwezig.
Omdat de recentere 25 mm velgen zelfs lichter zijn dan de vroegere 19 mm velgen, is de 25 mm velg min of meer de standaard geworden.
Maar wat gebeurt er als we nog bredere velgen gebruiken? Hans van Vugt van Elan spaakt twee 32 mm brede velgen om een Sturmey Archer trommelremnaaf en stuurt ze me toe. Weegt een 25 mm velg met trommel 892 gram, de 32 mm velgen wegen ieder 1149 gram. Het zijn wel heel robuuste exemplaren die er overigens heel fraai uitzien. De buitenmaat van deze velgen is 38,4 mm. Ik leg F-lites om met daarin latex binnenbanden. Dat gaat met flink wat moeite. De superbrede velg heeft een diameter van 42,4 cm tegen een 25 mm velg 41,9 cm. De temperatuur in de garage is 18,3 graden C en dat is te laag om vergelijkbare metingen te doen. Met een ventilatorkachel die ik eerder voor dit doel kocht breng ik de temperatuur op 20 graden C.
De pendel gaat 72 seconden heen en weer. De F-lite om 25 mm velgen pendelt 72,3 seconden gemiddeld over 6 metingen. Dat verschil is dus verwaarloosbaar. Dan probeer ik dezelfde proef te doen met Michelin radiaal banden. Helaas mislukt dat omdat de buitendiameter van de velgen te groot is. Michelin radiaal banden gaan al moeilijk op een 25 mm velg en dus helemaal niet op de grotere brede velgen. De F-lite op een 25 mm velg wordt bij 5 bar 53 mm breed, op een 32 mm velg worden ze zelfs 56 mm breed.
De conclusie is glashelder. Bredere velgen dan 25 mm leveren geen snelheidswinst op. Ze vergroten wel de draaicirkel.
Posted by Wheel-Tec on donderdag 18 september 2014
Uit de voorgaande berichten en de reacties hebben we vastgesteld dat de massatraagheid bij de pendel een factor is. Maar hoeveel beïnvloedt het de resultaten bij metingen van verschillende banden.
Ik ga mijn standaard voorbanden, de F-lite, vergelijken met de Schwalbe One 23 mm raceband.
Twee op de buitenkant van twee F-lites gebonden Michelin radiaal banden van ieder 675 gram leveren een extra gewicht op van 1350 gram. De pendeltijd neemt toe van 69,3 tot 71,7 seconden ofwel 2,4 seconden. Dit is 3,4%. Per 400 gram verschil dus 1%. Dit betekent dat voor elke 100 gram verschil in gewicht een correctie moet worden toegepast van 0,25%.
Een F-lite weegt 286 gram. Een Schwalbe SV7c weegt 91 gram. Twee F-lites en SV7c binnenbanden wegen samen 754 gram.
Een Schwalbe One 23 weegt 145 gram. Een SV6a weegt 75 gram (geen 65 gram zoals op het doosje staat)
Twee Schwalbe One 23 mm en 2 SV6a wegen samen 440 gram. Een combinatie met F-lites vergeleken met Ones verschilt dus 754 - 440 gram is 314 gram. 314 gram * 0,25% = 0,79%
De Schwalbe One 23 van 2015 pendelde op 10 bar 76,1 seconden. Met een correctiefactor van afgerond 0,8% moet dit dus worden: 76,8 seconden.
Geen groot verschil maar zeker relevant.
Het filmpje van Wheel-Tec laat mooi het verschil in massatraagheid zien.
De pendel en de resultaten daarmee worden door velen intensief gevolgd. Veel reacties blijken ook heel nuttig, vooral de opmerkingen van Mathieu van Rijswick snijden hout. De massatraagheid blijkt een rol te spelen. Mathieu merkt op dat het testen van dezelfde banden op zowel 19 mm als 25 mm verschillen oplevert doordat de massatraagheid (MoI) niet wordt meegenomen. Mathieu gaat ervan uit dat de 25 mm velgen zwaarder zijn dan 19 mm velgen. Dat blijkt niet juist te zijn. De 25 mm velg met spaken en trommel weegt 893 gram, de 19 mm velg weegt 916 gram. De smallere 19 mm velg weegt dus 23 gram meer. Die 23 gram leveren voor de massatraagheid geen relevante verschillen op.
Tot nu toe heb ik de stalen platen van de pendel bijeen gehouden met ducttape. Dat werkt maar ziet er niet fraai uit. Ook willen de pakketten stalen platen, totaal 20 stuks van 3,7 kg ieder, nog wel eens iets verdraaien om de staande as. Eerder al waren de platen in vijf pakketten van vier stuks aan elkaar gepuntlast. Gemiddeld wegen de pakketten van vijf platen 14,7 kg en zijn nog goed te hanteren. Nu boor ik door het totale pakket drie gaten van 8,5 mm diameter. Drie draadeinden van 8 mm met boven en onder een moer houden de pakketten nu, mede dankzij een dwarsstang, goed op zijn plaats.
Ik zorg ervoor dat het totale gewicht van de pendel gelijk blijft. Er is een correctiegewicht van 100 gram nodig om de pendel ongeremd waterpas te krijgen. Dit is op de eerste foto net te zien bij de onderste moeren van de dubbele draadstang. Een beetje zilverkleurige lak erop en het geheel ziet er wat fraaier uit.
De reden van deze aanpassing ligt ook in het feit dat ik in de toekomst met de pendel wel eens op reis zal gaan. Er ligt een verzoek van een fabrikant van kunststof en houten velodrome vloeren om de rolweerstand van enkele bestaande velodrome vloeren te meten. Ook ten behoeve van vergelijkende metingen met andere meetapparatuur zoals rollenbanken, is het handig de pendel uit elkaar te kunnen halen. Mogelijk ga ik met Kees Bakker, tester van de Fietsersbond, vergelijkende proeven doen.
Uit mijn vorige bandentest kwamen opvallende verschillen tussen latex binnenbanden en tubeless banden naar voren, in het voordeel van latex binnenbanden. Ik, en met mij Hans van Vugt, hadden daar geen verklaring voor. Er kwamen veel reacties binnen. De meeste daarvan gingen over de waarschijnlijkheid dat vrij in de buitenband bewegende latex vloeistof mogelijk voor veel weerstand zou kunnen zorgen. Dat moet natuurlijk getest worden, maar hoe doe je dat?
Ik maak de volgende opstelling. Eerst leg ik twee F-lite banden op 25 mm velgen op de pendel. Doordat deze banden hoog boven de velg komen, plak in met ducktape twee Michelin radiaal banden tegen de F-lites aan. Deze Michelins raken door hun lagere profiel de asfaltstroken niet. Eerst pendel ik de F-lites 6x waarna ik ook de F-lites met aangeplakte Michelins pendel.
Als ik deze waarden heb giet ik in de Michelins 25 cc latex vloeistof in iedere band. Deze 25 cc weegt 25 gram. Na 6x pendelen giet ik nogmaals 25 cc latex in de beide Michelins waardoor er totaal 50 cc in iedere band zit. Weer worden er 6 runs gemaakt. Ik maak wat foto's en een video waarbij mooi is te zien hoe de vloeistof in de band beweegt.
Ik begin met het weer pendelen van de F-lite 2015 met SV7c band. Kwam deze combinatie in februari van dit jaar tot 69,5 sec, nu is dit 69,3 seconden, een verschil van maar 0,2 seconde.
Nadat de Michelin radiaal banden tegen de F-lites zijn aangeplakt doe ik weer 6 runs. Tot mijn verrassing pendelt deze combinatie 71,7 seconden. Dat is 2,4 seconde of 3,4% langer. De Michelins lopen extreem licht maar zijn eigenlijk loodzwaar. Een enkele Michelin radiaal band weegt maar liefst 675 gram. Er zit twee maal die waarde dus 1350 gram meer gewicht aan de pendel. Kennelijk zorgt dit grotere gewicht voor meer kinetische energie en pendelt de combi meetbaar langer.
Nu giet ik in iedere Michelin band 25 cc latex melk. Opnieuw pendelen levert een tijd op van 70,2 seconden. 1,5 seconde of 2% korter. Verrassend is dat deze combinatie sneller is dan de gewone F-lite zonder aangeplakte radiaal banden.
Aanvullend giet ik nog 25 cc extra latex melk in de banden zodat er in iedere band 50 cc latex melk zit. Totaal in de twee banden 100 cc ofwel 100 gram. Deze combinatie pendelt nu 69,4 seconden. Dat is 2,3 seconden korter dan de combinatie zonder latex melk. Dit is 3,2% korter.
Opvallend is dat deze combinatie nog 0,1 seconden langer pendelt dan alleen de F-lite.
Als laatste haal ik de beide SV7c binnenbanden uit de F-lites en vervang deze door latex binnenbanden. Ondanks dat deze latex binnenbanden met 105 gram 10 gram zwaarder zijn dan de 95 gram wegende SV7c, pendelt deze combinatie 72,3 seconden, 3 seconden en dus 4,3% langer dan de F-lite met SV7c binnenbanden.
Mijn conclusie is dat er inderdaad enige vertraging door de latex melk wordt veroorzaakt. In deze testopstelling is dat met 2% bij 25 cc latex, heel gering. Mogelijk is het effect in de veel langer pendelende radiaal band groter. Het nadeel van latex melk zal in een snel rijdende fiets niet aan de orde zijn, de latex melk wordt dan verdeeld en door de middelpuntvliedende kracht tegen de binnenkant van de band gedrukt worden.
Hieronder een video hoe de latex in de band beweegt.