Posts tonen met het label SRM. Alle posts tonen
Posts tonen met het label SRM. Alle posts tonen

woensdag 25 september 2013

Voorbereidingen wedstrijd Lelystad - Enkhuizen - Lelystad


Het vraagt wat discipline om in de periode tussen twee wedstrijden de training te continueren. Toch is dat nodig om vermogen en uithoudingsvermogen te blijven onderhouden. Eén maand verslappen kost twee maanden training om weer op het gewenste niveau te komen.

Een prettige bijkomstigheid is dat een heel goede conditie het fietsen zeer prettig en licht maakt. Met een heel lage hartslag van rond 100 slagen per minuut rij ik al 40 km/u. En dan zonder racekap, maar wel met het heel effectieve standaardvizier. Inmiddels is dit standaard vizier mijn nieuwe 'liefde'. De luchtweerstand van dit wat grotere vizier is meetbaar lager dan van het minivizier. Ook is het windgeruis nog minder dan van het minivizier. Instappen gaat nog steeds goed en als je je rug recht kun je ook nog over het vizier kijken.

De SRM meter toont de effectiviteit van mijn carbon Quest met het standaard vizier ook haarfijn aan.
Op de SRM grafiek (datakolom 1) van mijn dagelijkse boodschappenritje naar het postkantoor in Akersloot, rij ik op de heenweg met lichte tegenwind met hartslag 110 een snelheid van 41,3 km/u. Het geleverde vermogen is 177 Watt. Begin dit jaar was het overigens nog 'maar' 160 Watt bij hartslag 120.
Op de terugweg, ik rij dan van de pont in Akersloot naar het viaduct bij West-Graftdijk, heb ik de zwakke wind in de rug. Met hartslag 100 rij ik dan 40,1 km/u en lever een vermogen van 130 Watt.

Zoals eerder beschreven heeft Jan Reus vorig jaar mijn Quest versterkt in de omgeving van de ophanging van het achterwiel. Dit is een heel effectieve verbetering die sinds kort in uitgebreider uitvoering ook in nieuwe Quest velomobielen wordt aangebracht. Ten tijde van deze verbetering was er nog geen Risse demper. Bij de foto met het schuim zie je nog een Rockshox demper.

De wielstroomlijnkappen blijven belangrijk voor de snelheid. Ze kunnen wel wat effectiever vergeleken met de huidige smalle versies die onder meer door Jan van Steeg en de mannen van Velomobiel.nl worden gebruikt. De voetenbakjes zijn blijvertjes al heeft Jan Reus er aan de voorzijde flinke gaten in geboord om wat ventilatie te krijgen. Effectiever is de koplamp verwijderen, maar dat is me teveel gedoe.

De banden zijn nu een serieus vraagstuk. De Michelin radiaal banden zijn versleten dus die winst moet ik inleveren. Nieuwe zijn moeilijk maar eventueel wèl te krijgen. Nou ja krijgen, € 270,- per stuk is niet te geef. Ik ga ze dan ook niet opnieuw kopen. Blijven er drie mogelijkheden over. De veiligste keus is  de F-lite. Behoorlijk snel, vooral op het matige wegdek van de dijk Lelystad - Enkhuizen. Ook zijn ze goed lekbestendig. Wil ik nog harder, dan blijven er twee keuzes over. Ik heb de experimentele banden van Schwalbe nog. Deze lopen lichter dan de F-lite, maar zijn na 12.000 km gebruik nogal versleten. Nog lichter lopen de 150 gram lichte Michelin racebanden met de blauwe wangen. Daar heb ik er nog twee van. Er zit geen lekbescherming in en bij vochtige en natte condities is dit bijna een garantie voor een lekke band. Ik ben er nog niet uit.






zaterdag 10 augustus 2013

HIT, High Intensity Training nog intensiever


Ik krijg de smaak van HIT, High Intensity Training, aardig te pakken. Het is aantrekkelijk om tijdens een rit maar drie korte maar wel super intensieve inspanningsmomenten te hebben. De wetenschap dat dit dezelfde conditietoename bewerkstelligt als urenlang zwaar buffelen, maakt het makkelijker om te doen.

Vanavond maak ik weer, zoals vrijwel dagelijks, mijn 30 km trainingsrondje. Het eerste stuk langs het Noord-Hollands kanaal, zo'n 13 minuten, zijn om met hartslag 120 warm te draaien. Het is niet verstandig om koude spieren en pezen maximaal te belasten. Van daaruit versnel ik tot maximaal. Inmiddels durf ik steeds harder te gaan en maximaal trap ik nu 760 Watt. Gemiddeld over de gemeten 20 seconden is dat 640 tot 655 Watt. Dat begint er op te lijken. Wel is heel goed te voelen dat dit de Quest zwaar belast. Het met deze vermogens trappen voelt zompig aan, zeker met een cadans van rond de 90. Beter is het om een hogere cadans te trappen. Dat doe ik niet om te voorkomen dat ik tijdens de maximaaltest moet opschakelen.

De starthartslag is steeds rond de 120 slagen per minuut. In de 20 seconden van de maximaaltest neemt de hartslag slechts 10 tot 15 slagen toe. Wel loopt de hartslag na de inspanning flink op, gemiddeld tot 142 slagen.

Haalt dit nu allemaal wat uit? Jazeker. Met steeds meer gemak rij ik, met gemiddeld een lagere hartslag dan begin dit seizoen, mijn trainingsronde met gemiddelde snelheden van boven de 48 km/u. De echte reproduceerbare maatstaf is echter het vermogen bij 120 hartslagen per minuut. Ongetraind, met de op zich redelijke basisconditie, was het vermogen tussen 140 en 150 Watt. Tijdens de periode van de uurswedstrijd op de RDW-baan was het rond 160 Watt. 160 Watt rij ik nu met gemiddeld 114 hartslagen. Inmiddels is het vermogen bij 120 hartslagen toegenomen tot rond 175 Watt.
HIT is dus een blijvertje.

zondag 4 augustus 2013

HIT, High Intensity Training


Eerder schreef ik een artikeltje over mijn trainingsmethode. Dat vind je hier.
De basis van deze training is duurtraining afgewisseld met intervaltraining. Deze intervaltraining bestaat uit een korte forse versnelling gevolgd door een periode van rustig rijden.

Heel lang wordt er al geschreven over HIT, High Intensity Training. Veel bodybuilders doen het in één of andere vorm. Wetenschappers van de Universiteit van Cambridge hebben onderzocht hoe en vooral hoe lang je HIT moet toepassen bij sporten als fietsen en lopen. De uitkomsten zijn spectaculair. Tijdens het onderzoek is gebleken dat  de meest effectieve methode bestaat uit het driemaal 20 seconden maximaal inspannen. En dan niet ongeveer maximaal, nee, compromisloos maximaal.

Jullie snappen het al, ik ben er nu enkele weken mee bezig. Het is de bedoeling dat er tijdens een trainingsrit driemaal gedurende 20 seconden maximaal wordt gesprint. Dit moet je per week maximaal drie keer doen. Je wordt er heel moe van en na afloop van deze training heb je het gevoel 200 km te hebben gereden. Het extreem zwaar maar kort belasten van je lichaam levert een snelle verzuring op. Het lichaam ruimt die verzuring snel op en gaat dat steeds beter doen. Het levert ook meer spierkracht op. Spiervezels die intensief worden belast hebben de neiging sterker te worden. Je moet het een beetje vergelijken met wat er bij roofdieren gebeurt. Die lopen niet urenlang op een drafje rond, zij sprinten op maximale snelheid om hun prooi te vangen, eten deze rustig op en gaan slapen. Toch zijn deze roofdieren sterk en hebben voldoende uithoudingsvermogen.

Natuurlijk gebruik ik de SRM meter om te zien wat er gebeurt als ik de HIT methode toepas. Helaas heb ik mijn hartslagmeterband niet omgedaan, dus hartslag ontbreekt. Volgende keer beter. In de SRM grafiek is goed te zien dat ik driemaal maximaal sprint. Of dit echt maximaal is zal de komende periode leren, ik moet er duidelijk nog aan wennen. De vermogens die ik nu trap zijn niet de hoogste waarden die ik trappen kan. Kortstondig trap ik soms 750 Watt.

Ik start de eerste maximaal sprint op het mooie asfalt van de parallelweg langs het Noord-Hollands kanaal vanaf 49 km/u. Ik heb alleen het minivizier erop en verder is de Quest volledig in toertrim. Op de SRM meter komt al heel snel ruim 610 Watt vermogen in beeld. Gemiddeld over 23 seconden wordt dit 545,7 Watt. De maximum snelheid loopt in die 23 seconden op van 49 tot 62 km/u.

De tweede meting geeft eenzelfde beeld te zien. De meetperiode is met 37 seconden te ruim en het gemiddelde vermogen komt nu uit op 414,3 Watt. Het maximumvermogen is ook weer rond 610 Watt. De snelheid is lager omdat de startsnelheid veel lager is en het wegdek slechter.

De derde meting van 25 seconden, geeft het hoogste gemiddelde vermogen weer, 573,7 Watt. Opvallend is ook de cadans. Bij een hoge cadans komt ook het hoogste vermogen vrij.

Voor meer sprintsnelheid en een betere conditie lijkt de HIT methode uitstekend. Uiteraard moet dit worden gecombineerd met duurtraining bij hogere hartslagfrequenties om bijvoorbeeld een uursrace goed vol te kunnen houden.

maandag 15 juli 2013

Te laat gepiekt


Eerder schreef ik over mijn ziekteperiode van twee weken 6 weken voor de wedstrijd van 29 juni.

De SRM meter toonde aan dat mijn vermogen in die twee weken met 10 Watt was gedaald. Toen trainen weer mogelijk was nam het vermogen weer snel toe. Ik dacht dat het vermogen aardig in de richting van het vermogen van vorig jaar was gekomen. Dat bleek evenwel niet het geval. Ik kwam 9 Watt tekort in vergelijking met vorig jaar. Het verlies van 10 Watt door de ziekteperiode heb ik dus niet meer goed kunnen maken. Door betere weersomstandigheden, goed gestroomlijnde voetengatbakjes en het uitblijven van kramp, kon ik toch 3,25 km/u harder rijden dan vorig jaar.
Na de wedstrijd op de RDW baan ben ik gewoon met mijn training doorgegaan. Dat resulteert in een nog steeds toenemend vermogen bij vergelijkbare hartslag.

De SRM is een uniek gereedschap om echt te weten hoe je er voor staat. Niet voor niets rijden 9 van de 10 profploegen in de Tour de France met dezelfde SRM PowerControl 7 die ik ook in de Quest heb.

Ik heb de resultaten van 20 juni en 25 juni nader geanalyseerd. Dit is dus 9 dagen en 4 dagen voor de wedstrijd op 29 juni op de RDW baan. Als vergelijking eenzelfde SRM grafiek van zondagavond 14 juli.  De testtrack is een stuk weg langs het Noord-Hollands kanaal. Mooi asfalt en, ik rij altijd na 21.00 uur, geen hinderlijk verkeer. Goed te zien is dat er vier verhoogde afritten van de N245 inzitten. De snelheid daalt daardoor vanzelfsprekend. Bijzonder is dat de snelheid bij maar 119 hartslagen per minuut met een Quest in toertrim met lage racekap, ondanks heel lichte tegenwind, toch maar liefst 46,7 km per uur is. De snelheden van de drie dagen zijn niet vergelijkbaar, de weersomstandigheden zijn te verschillend. Voor de vergelijking gebruik ik steeds ritten waarbij de hartslag rond 120 slagen per minuut blijft. Het gemiddeld geleverd vermogen van 14 juli is met 170,3 Watt bij deze 119 slagen per minuut behoorlijk goed. 

Op 20 juni bij hartslag 123 gemiddeld 163,0 Watt over 8,21 km
Op 25 juni bij hartslag 122 gemiddeld 168,8 Watt over 7,91 km
Op 14 juli bij hartslag 119 gemiddeld 170,3 Watt over 8,4 km

In de periode tussen 20 en 25 juni neemt het vermogen toe met 5,8 Watt. Op 14 juli blijkt het vermogen verder toegenomen tot 170,3 Watt. De toename is 2,5 Watt bij een hartslag die 3 slagen minder is.
Te laat gepiekt dus.



woensdag 19 juni 2013

Trainen met de SRM meter


Ik fiets gemiddeld tussen 9.000 en 14.000 km per jaar. Dat is goed voor een redelijke basisconditie. Ondanks mijn bijna 66 jaar kriebelt het wedstrijdrijden nog steeds. De uursrace tijdens CycleVision, altijd eind juni, is een mooie wedstrijd om naar toe te leven.

Ik begin mijn training meestal tweeeneenhalve maand voor CycleVision. Ik rij een vaste ronde van 29 km over de dijken rond de Schermer polder. De route kan linksom of rechtsom worden gereden. Meestal kies ik voor linksom. Eerst dus de bochtige dijken van de Schermer. Er zitten vier haakse bochten in de route waar de snelheid terug moet naar 24 km/u. De andere bochten kunnen met 30 tot 40 km/u worden genomen.

De snelste rondjes, gisteravond rond 21.00 uur, gaan met een gemiddelde snelheid van ruim 47 km/u. Het is dan windstil of vrijwel windstil. Zo gauw er meer wind staat gaat dat ten koste van de snelheid. De snelste ronde vorig jaar ging met gemiddeld 49,4 km/u. Dat zal dit jaar denk ik niet lukken.

In het begin van de trainingsperiode rij ik tijdens de 29 km lange rit steeds met een hartslag van rond 120. Door mijn leeftijd is mijn maximale hartslag beperkt tot maximaal 160 slagen per minuut. Tijdens die ritten maak ik 3 tot 4 keer een sprint tot maximaal. Die sprints verlopen met een aanvangsvermogen van 530 Watt, teruglopend tot 250 Watt. Tussendoor herstellen. Na een maand probeer ik voor het eerst het hele rondje met maximale snelheid te rijden. Dan varieert mijn hartslag tussen 140 en 152 slagen per minuut. Nu kan ik ook zien met welk vermogen ik gemiddeld rij. Bij de eerste snelle ritten komt mijn gemiddelde vermogen, inclusief alle bochten op 180 tot 190 Watt. Naarmate de tijd vordert, neemt het gemiddelde vermogen toe tot 200 Watt. Twee weken voor CV zit dat op 210 tot 220 Watt. Tijdens de uursraces op CV 2012 was het vermogen over drie kwartier 216 Watt. Daarna kreeg ik kramp en kon 10 minuten ’maar’ 50 km/u rijden. Totaal in het uur 56,4 km.

Helaas heeft twee weken niet fietsen door ziekte de trainingsopbouw verstoord. Ik zou nu op rond 210 Watt moeten zitten. Dat lukt nog niet en zal ook niet meer lukken.
Met 66 jaar moet trainen en herstellen goed in balans zijn. Ik heb geleerd, de SRM meter toont dat feilloos aan, dat iedere dag trainen tot het gaatje desastreus is. Ik train één dag voluit, de volgende dag niet of alleen een ontspannen rondje met maximaal 120 hartslagen per minuut. Zelfs al heb ik twee dagen niet gefietst, neemt mijn vermogen toch iets toe.
Rust is dus zeker zo belangrijk als keihard trainen.

Voor de liefhebbers iets meer over de SRM meter.
De SRM meter slaat elke seconde de volgende gegevens op:
-Vermogen in Watts
-Hartslag
-Snelheid
-Afstand
-Cadans
-Temperatuur
-Hoogte boven zeeniveau
-Energieverbruik
-3 inspanningsgebieden
-Gereden tijd in minuten en seconden na reset
-Dag, datum en tijd

Alle gegevens worden real-time op het scherm van de SRM getoond. Tussendoor kun je ook een scherm met alle gemiddelden en ook de maximum waarden van de huidige rit laten zien.
Na thuiskomst kan de SRM worden aangesloten op de Apple MacBook Pro en worden de gegevens ingelezen in de SRM software.

In de grafiek is mooi te zien dat de bochtige dijk zorgt voor veel pieken en dalen in de vermogensgrafiek. Ook de snelheid varieert sterk al haal ik hier wel regelmatig de 50 km/u.
Voor een snelle rit moet ik bij de Schermer molens, rechtsboven in de kaart, een gemiddelde snelheid hebben van 45 km/u. Op de weg langs de Noordervaart richting Alkmaar, ik heb hier lichte tegenwind, gaat het ook tegen de 50. Op het lange rechte stuk langs het Noord-Hollands kanaal bereik ik maximaal rond 52 km/u. Rij ik de route linksom, dan kan ik op de twee rechte stukken die volgen zo’n 2,5 km/u gemiddeld winnen. Rij ik de route rechtsom, dan moet ik voor een snelle rit bij de Schermer molens een gemiddelde van boven de 50 km/u hebben. Ik weet dat ik op de bochtige dijken gemiddeld 2,5 km/u inlever.

Het gemiddelde geleverde vermogen bedraagt ruim 205 Watt. De gemiddelde snelheid 47,3 km/u. Dat geeft hoop voor de wedstrijd op 29 juni.
De Quest is volledig in toertrim, alles erop en erin en de standaard racekap.

Regelmatige lezers van mijn blog weten dat ik nogal eens last heb van kramp in mijn onderbenen. Eergisteren overviel me dit plotseling weer in alle hevigheid. Ik realiseerde me dat ik mijn dagelijkse dosis Magnesium 400 mg al twee dagen niet had ingenomen.
Gisteren weer wel gedaan en zonder kramp mijn vlotte rondje kunnen rijden.

Kun je ook zonder SRM serieus trainen? Vanzelfsprekend. Wel is het m.i. nodig om te trainen met de hartslagmeter. Wissel lange stukken met gemiddelde inspanning af met korte interval sprints. De lengte van die sprints kun je steeds langer maken. Kijk vooral aan het eind van je training goed op de hartslagmeter. De hartslag moet binnen 2 minuten onder de 100 slagen zitten en gestaag verder dalen. Blijft de hartslag langer hoog, dan heb je teveel van je lichaam gevraagd. Je merkt dat aan warmtestuwing en soms een misselijk gevoel.
Als je de inspanning rustig opbouwt, train je je lichaam om uiteindelijk een uur lang met vol vermogen rond te kunnen rijden.

Hopelijk tot ziens op de RDW baan op 29 juni a.s.

zondag 11 maart 2012

Spelen met SRM tijdens rondje Noord-Holland

Vanmorgen vertrek ik met een stralende zon voor een rondje Noord-Holland. Dat duurt niet lang, als ik onze stolp nog in beeld heb komt er een ratelend geluid uit de buik van de Quest. Ik heb geleerd niet door te trappen, het wordt alleen maar erger en vaak gaat de ketting muurvast zitten.
De ketting ligt er voor netjes op, achter ... ook. Wel staat de derailleurpoot naar voren. Met de ketting voor op het middelste blad hoort de poot achteruit te staan.
Als ik aan de derailleur rommel schiet ie plotseling naar achter. Tegelijkertijd rolt er een grote RVS ring uit de derailleur. Oops, die zijn we tijdens het experimenteren met de schokdempers kwijt geraakt.
Ik kan weer verder en reset de SRM. Via Alkmaar en Koedijk bereik ik het fietspad aan de westzijde van het Noord-Hollands kanaal. Ik heb tegenwind en zie op de SRM dat ik met 40 km/u ongeveer 160 Watt vermogen nodig heb. Mijn hartslag staat dan op 120 slagen per minuut.
Behalve de tijd, wordt ook de cadans vastgelegd.

De natuur komt weer op gang. De vroege krokussen bloeien al. De eerste narcissen komen boven de grond en blijken geleden te hebben van de felle vorst.
Via Den Helder rij ik richting Den Oever. Op het betonnen fietspad voer ik de snelheid op tot rond 55 km/u. Dat gaat, met de lichte wind in de rug, vrij gemakkelijk. De SRM legt alles vast, straks daarover meer.
Na Den Oever gaat het op Medemblik aan. Er wordt volop gewerkt aan de nieuwe maxi windmolen en er is veel belangstelling van het publiek.
Het is druk op het terras bij restaurant Kwikkel. Ik mag aanschuiven bij een fietsend echtpaar dat al geïnteresseerd vragen stelt als ik nog naast de Quest sta.
Na de koffie rij ik via Heerhugowaard weer naar De Woude.

Op de MacBook Pro heb ik SRM software voor de Mac geïnstalleerd. Het schijnt dat de SRM software voor Windows fraaier is, maar ik vind Windows niet fraai. De SRM PowerMeter 7 wordt via USB aangesloten en de gegevens van vandaag staan er snel op. Dan 'grafiek' aanklikken en het toerritje wordt grafisch in beeld gebracht. Een hele dag ziet er rommelig uit. Er zijn evenwel met zogenaamde 'markers' stukjes uit de rit te selecteren. Die stukjes worden vergroot weergegeven en de computer rekent van dit stukje razendsnel alles tot gemiddelden uit.

De opname van de hele dag lijkt chaotisch maar toont toch alle informatie. De detailfoto geeft een stukje weer op de Amstelmeer dijk. Linksboven staan alle gemiddelden over dit kleine stukje van 15 seconden. In die tijd leg ik 230 meter af. Het vermogen is 238,8 Watt, de snelheid 55,65 km/u, de hartslag 139 slagen per minuut, de cadans 86 omwentelingen per minuut. Ook de heerlijke temperatuur binnen van 17.6 gr. C is te zien.

Al met al heel informatief al zal ik nog veel ervaring moeten opdoen met het systeem om ook kleine verschillen eenduidig aan te tonen. Metingen op een vast traject zoals de RDW baan zijn daarvoor veel geschikter dan een toerritje.



woensdag 29 februari 2012

SRM ingebouwd bij Elan

Vanmorgen met de Quest op de Foldycar en route naar Elan in Nijmegen. Hans van Vugt, eigenaar van Elan, is de Nederlandse SRM importeur. SRM vermogen meters zijn de nauwkeurigste meters in de markt. Zij garanderen dat de maximale afwijking binnen 2% blijft. In de praktijk wordt zelfs een afwijking van 0,5 % meestal gehaald. Daar kan geen enkel concurrerend, toegegeven meestal voordeliger systeem, aan tippen.

Eerst wordt het hele crankstel uit de fiets gehaald. Dan wordt het kleine tandwiel verwijderd evenals de beide cranks. Nieuwe cranks met SRM op de rechter crank komen daarvoor in de plaats. Vervolgens wordt er een sensor voor de cadans gemonteerd.
Als het geheel in elkaar staat wordt er even proefgedraaid om te zien of de PowerControl 7 de signalen van cadans en snelheid goed ontvangt. Even ben ik ongerust dat de snelheidssensor door het carbon van de wielkast mogelijk geen contact kan maken met de draadloze PowerControl. Hans verzekert me dat dat geen probleem is. Hij heeft er al enkele in carbon Quests ingebouwd en dat ging prima. Even later, de snelheidssensor wordt op de linker veerpoot gemonteerd, blijkt het inderdaad prima te werken. De snelheidssensor maakt gebruik van hetzelfde magneetje dat er al zit voor de gewone Cat-Eye snelheidsmeter. Deze laatste doet het niet meer, de kabel is op de band doorgesleten en moet vervangen worden.

Het eerste ritje met de SRM, de PowerControl zit gewoon in mijn borstzak, werkt alles naar behoren. De SRM PowerControl zal straks op mijn stuur geplaatst worden. De derailleur moet wat worden bijgesteld en Hans zet er ook nog een nieuwe binnenkabel voor de voorderailleur in.
Hij legt me uit wat er allemaal mee kan. Teveel om op te noemen. Een opsomming:

-hoogte
-cadans
-snelheid
-vermogen in Watts
-hartslag, desgewenst onderverdeeld in zones
-energieverbruik
-temperatuur
-dag, datum en tijd

Alles wordt iedere seconde in het geheugen van de PowerControl vastgelegd voor latere uitlezing in de computer.
Nu eerst maar eens ervaring opdoen alvorens te gaan testen. Hans zal me alle testdata geven die er door hun team op de RDW baan getest zal worden. Ik ben dan ook hartelijk welkom.
Hans, dank voor de professionele en prettige manier waarop alles gegaan is.

woensdag 22 februari 2012

Wielkaststrip in webwinkel

De experimentele wielkaststrip is een polyurethaan profiel dat de luchtstroom bij de wielkasten van velomobielen met open wielkasten voorbij de wielen moet leiden. Dit voorkomt turbulentie in de wielkast en levert daardoor mogelijk een hogere snelheid op. Ik heb heel fraaie aluminium profielen laten zetten waarbij de randen van het profiel messcherp worden. De lucht zal hierdoor zonder veel turbulentie loslaten. Dit gaat op dezelfde manier als bij het mini vizier. Uiteraard moet dit nog worden aangetoond.

Ik broed op een meetmethode met behulp van slepen door mijn Quest van een Mango zonder en met strippen.
Met de SRM, deze wordt volgende week in mijn Quest gebouwd, kan mogelijk het verschil in weerstand worden gemeten.
Enkele Mango eigenaren willen er graag mee experimenteren en hebben gevraagd of de strippen in de webwinkel kunnen worden opgenomen.
Vanaf nu zijn te hier te bestellen.

woensdag 15 februari 2012

Meten is weten, SRM besteld












Meten is weten. De vele aanpassingen aan de Quest hebben deze velomobiel veel sneller gemaakt. Zo reed ik tijdens CycleVision 2005 tijdens de uursrace 42 km/u. 6 jaar later was dat tijdens CycleVision op de RDW baan al 55,3 km/u. Deze 13,3 km/u snelheidswinst is toe te schrijven aan verschillende snelheid verhogende maatregelen. Deze zijn grotendeels op aero-dynamisch vlak, deels ook mechanisch.

Maar wat nu precies de effecten van de individuele aanpassingen zijn blijven raadselachtig. Met de hartslagmeter zijn wel indicaties te krijgen, maar een precieze meting is alleen met echte vermogen meters te realiseren. Er zijn naast SRM inmiddels enkele concurrerende systemen. Er is echter geen enkel systeem dat de nauwkeurigheid van een SRM Professional systeem haalt.
Na de verrassende en spectaculaire resultaten van het mini vizier, met de bereidwillige hulp van Jan van Steeg en zijn SRM meter vastgesteld, smaakt het naar meer.

Vanmorgen heb ik bij Hans van Vugt van Elan een nieuw SRM Professional systeem besteld. Dit draadloze systeem, zoals op de foto's bij dit artikel, heeft een nauwkeurigheid binnen 2%. De roep van verschillende mensen om van meer producten te onderbouwen wat de effecten op de snelheid zijn, kan straks worden gerealiseerd.
In de komende periode zal deze SRM door Elan in mijn Quest worden ingebouwd.

zondag 12 februari 2012

Mini vizier levert 40 tot 45 Watt voordeel op

Het mini vizier is inmiddels op zeker 200 velomobielen in gebruik. Eerder al realiseerde ik een snelheidswinst tot 4 km/u. Veel fietsers hebben moeite dat te geloven. De methode die ik hanteerde was meten met een hartslagmeter. Meten met een SRM meter is zeer veel nauwkeuriger, maar daar beschik ik niet over.

Tot vandaag. Jan van Steeg rijdt vandaag op de wielerbaan in Alkmaar. Jan heeft een SRM in zijn Quest gebouwd en kan nauwkeurig meten zonder gebruik van de hartslagmeter. Een SRM meter bestaat uit een speciaal crankstel waarin krachtopnemers zijn geïntegreerd. Jan is bereid enkele runs te doen met en zonder minivizier.
De SRM meter, o.m. in gebruik bij alle profploegen in de Tour de France, meet continue snelheid, geleverd vermogen in Watts, hartslag en cadans. Het wordt dan mogelijk om bijv. 250 Watt te trappen en te kijken hoe hard je open rijdend zonder vizier gaat. Na aanbrengen van het vizier ga je weer een aantal ronden rijden op precies dezelfde hoogte, de blauwe lijn, op de baan. Als je weer een aantal ronden met 250 Watt hebt getrapt, heeft de SRM meter precies het verschil voor je vastgelegd. Jan laat me vanavond weten dat het rijden met vizier tussen 40 en 45 Watt minder vermogen vraagt. Dat is bij de hoge snelheden die Jan rijdt een verschil van ongeveer 4 km/u.

Nou zal de gemiddelde toerfietser geen 50 km/u rijden. Maar als je 30 km/u rijdt tegen Bft 4, een dagelijks voorkomende situatie, heb je wel 50 km/u wind tegen en is de situatie vergelijkbaar. Nu zijn er in de dagelijkse praktijk veel variabelen in het spel. Jan van Steeg heeft lichtlopende banden en op de baan komt de wind recht van voren. Tijdens de test met de tufts hebben we gezien dat het mini vizier de luchtstroming rond het instapgat en de achterkant van de fiets zeer positief beïnvloedt.

Het verschil dan Jan van Steeg vandaag meet is ronduit spectaculair. En dat met een goedkoop stripje Lexan.
Ook een ander onderdeel uit de stal van Velomobielonderdelen.nl, de racekap, scoort meer dan uitstekend.
Ik overweeg zelf een SRM aan te schaffen om effectief te kunnen meten aan de vele aero-dynamische aanpassingen die nog op het programma staan.