donderdag 5 augustus 2010

Ierland dag 14 5 augustus Quilly - Kinvarra

Cliffs of Moher
Vannacht word ik enkele keren wakker van geluid naast de camper. Het blijkt dat het linkerraam nog openstaat en soms klappert. Fionnuele is gisteravond niet meer teruggekomen en wij laten een bedankbriefje en een fles wijn achter.
We kijken of mijn ketting mogelijk getordeerd is gesloten. Met een touwtje met een lange en korte kant stellen we vast dat het langste einde beurtelings onder en boven langs komt. De ketting is dus een wokkel. Het rijden wordt er niet door gehinderd al moet het wel worden gecorrigeerd.
De eerste kilometer krijgen we de steilste klim voor onze kiezen tot nu toe. Werkelijk in een paar honderd meter klimmen we van 171 naar 238 meter hoogte. Het lijkt erop dat de eerste rijders tegen de berg geplakt zitten. Boven hebben we een mooi uitzicht over de Atlantische Oceaan. Met geweld accelereert de Quest naar omlaag. De stijg- en daalsnelheidsmeter laat een daalsnelheid zien van 1.1 meter per seconde. Dat is niet meer te beremmen. Iedereen gooit onmiddellijk beide remparachutes uit en de zaak blijft onder controle. In no time zijn we weer bij de kust.
Dan volgt een onophoudelijk klimmen en weer dalen. De meeste beklimmingen lijken makkelijk maar zijn toch heel steil. De rit naar de Cliffs of Moher is ronduit zwaar. Duurt vrij lang en moet goeddeels op het kleine blad voor en blad 34 achter worden gereden. Auto's en bussen blijven netjes achter ons en passeren ruim.
Marian is al boven en we zetten de Questen naast de camper. Onophoudelijk melden zich geïnteresseerden voor de Quest. We wandelen samen naar de kliffen, voor mij de tweede keer. Het blijft een spectaculair gezicht al waait het niet zo hard dat de oceaangolven spectaculair op de kliffen beuken.
Als we terugkomen blijken bezoekers de kappen van de Questen te hebben verwijderd, waarschijnlijk om binnen te kijken.
We volgen de kustlijn van Galway bay. Er komt weer een lange klim aan tot ruim 230 meter. De afdaling is spectaculair, niet om de snelheid maar om de vele haarspeldbochten. Dit gedeelte van de afdaling is bij wijze van uitzondering mooi geasfalteerd. Verderop, eigenlijk de hele route richting Galway, lijkt het wegdek meer op een bucklepiste. Ik prijs mijn banden de hemel in, hoe dikker hoe beter, dan blijft er nog enig comfort over. Een grote verrassing tijdens deze tocht is wel dat wij nog geen enkele lekke band hebben gehad, afkloppen.
Marian staat ons 30 kilometer voor Galway met nassi en macaroni op te wachten.
We zoeken een kampeerplaats en gaan naar een soort illegale camping. Kees en ik missen de anderen en wij krijgen een bonusritje van 6 kilometer voor we weer bij het moederschip aanbelanden. Het is een echte natuurcamping, Cees zet zijn tent op en de eerste bezoeker is een teek.
Het aantal hoogtemeters dat wij op deze tocht tot nu toe hebben geklommen bedraagt 10.358 meter. Echte fysieke problemen hebben zich nog bij niemand voorgedaan. Ook de Questen houden zich onder de mishandeling door de uiterst beroerde wegen meer dan geweldig. Wel zijn we bijzonder gespitst op de vele 'potholes', in goed Nederlands gewoon gaten, in het wegdek. Ook diepliggende putdeksels vermijden we gegarandeerd. Op N-wegen is het ook verstandig de kattenogen niet te overrijden, ze rammen de veerpoot tot zijn aanslag.
90 km gereden.

woensdag 4 augustus 2010

Ierland dag 13 4 augustus Listry - Quilly

Fionnuala
Vanmorgen worden we ondanks het drinkgelag van gisteravond redelijk fris wakker. Het is Iers weer, het waait hard en het regent. Hans en Connie regelen nog een keer koffie en dan reizen we uit Milltown af.
We kunnen het ommetje over de Conners pas op Dingle niet maken, de tijd ontbreekt ons helaas. Daarom maken we vandaag een flinke rit naar het noorden. Eerst moeten we nog flink klimmen om bij de fam. De Groot weg te komen. Dan is het lekker afdalen naar Tralee. Door een communicatiefoutje denken we dat Marian op een heel andere weg staat. We verdwalen in het stadje. Zoals meestal brengt de Garmin uitkomst. Gewoon de nieuwe bestemming erin zetten en rijden maar. Kees rijdt voorop en leest de tekst op het kleine scherm van zijn Etrex fout af. Zo rijden we nog een keer de afrit voorbij. Het veel grotere scherm van de Oregon geeft veel meer informatie en de goede afslag komt nu snel in beeld.
We rijden naar Listowel. Het landschap is wel golvend maar niet bijster interessant. De ochtendregen is verdwenen en hoewel het zwaar bewolkt blijft regent het niet meer. Een uur later is zelfs de zon er weer bij, we treffen het gemiddeld heel goed met het weer.
In Tarbert nemen we de ferry over de Shannon. Op de veerstoep vermaken we ons met een groot aantal roeken die uit de hand eten. Het waait zo hard dat het schip veel water overneemt en de passagiers op het bovendek zelfs kletsnat worden. Helaas krijgen we de dolfijnen die hier regelmatig te zien zijn niet in beeld, de golven zijn te wild en te hoog. De Shannon is hier zo'n vier kilometer breed en de overtocht duurt 20 minuten. Via Kilrush eindigt de rit bij Spanish Point aan de Atlantische Oceaan, althans dat denk ik.
Dan zie ik Cees een vrouw drie keer zoenen. Ik weet dan nog niet wat dat betekent. Kees roept dat wij naar een kasteel gaan. De mevrouw rijdt in haar auto voorop en dan begint een onverwachte klim. Dit zou maar 2 mile duren, maar is na 10 km nog niet tot een einde gekomen. De hoogtemeter loopt maar op en ik vervloek Cees Roozendaal dat wij allemaal ons aan het eind de dag nog het lazarus moeten klimmen alleen om te voorkomen dat ie zijn tentje moet opzetten. Een uur tegen verschillende bergen optijgeren over slechte wegen tot 171 meter hoogte om te voorkomen dat ie een tentje op moeten zetten. Kielhalen moeten moeten ze die man.
Na een uur een 12 kilometer is de rit ten einde en komen we bij een ..... cottage. Cees en Ben zijn druk met mevrouw en even later zie ik de aap uit de mouw komen. Er moet als tegenprestatie voor het slapen in het huisje een berg turf van twee m3 worden verplaatst. Mooie straf voor Cees. Ik ga toch maar even helpen, uiteindelijk repareert Cees ook mijn fiets.
De mevrouw is heel aardig, blijkt Fionnuala te heten, 51 jaar te zijn en geeft les in de oude Ierse taal Gaelic. Ze haalt een fluitje en geeft een prachtige recitel. Ze is wel eenzaam en Cees moet uitleggen dat ie gelukkig is getrouwd :). Ben moet bij haar op schoot zitten en op de fluit blazen. Fionnuala speelt op de fluit, hilarische taferelen.
Vandaag 126km gereden.

Ierland dag 12 3 augustus Glengariff - Listry

Jan van Soest en Hans en Connie de Groot
Na een wat onrustig begin van de nacht, de Ieren in de pub boven ons leven zich aardig uit, begint de dag prachtig zonnig. De was droogt maar deels en gaat de camper in. Als de camper vol water wordt getankt loopt het binnen over, de afsluitdop van de watertank is niet waterdicht.
Direct na het verlaten van de camping kunnen we aan de bak. We klimmen naar boven tot we op de pas 258 meter op de GPS aflezen. Ben gaat steeds voorop en om hem bij te houden moet ik hartslag 128 tot 130 trappen, prima te doen. Kees klimt wat langzamer en als ik achter Kees rij is hartslag 115 tot 118 voldoende om in zijn wiel te blijven. Kees klimt op een heel bijzondere manier. Hij trekt even hard op en rijdt even uit. Dan accelereert ie weer. Zo achter hem rijden is onprettig en ik denk dat het ook vermoeiender is dan een constante hartslag aan te houden.
Na de eerste lange klim en fraaie afdaling, arriveren we in Kenmare. Daar hebben we een afspraak met Jan van Soest, de broer van Theo. Jan rijdt ons voor naar de school waar hij lesgeeft in biologisch tuinieren.
Wij zetten de Questen op het schoolterrein en rijden met Jan naar zijn huis in Ballygriffin. Op 80.000 m2 verbouwt Jan met zijn vrouw vele soorten kruiden, bloemen en allerlei andere gewassen. Zijn vrouw maakt verschillende medicinale zalven van de meest uiteenlopende kruiden en bloemen. We mogen zelf tomaten plukken en Kees mag de monstercourgettes mee naar de camper sjouwen. Nadat we ook aardappelen gerooid hebben en een koolrabi hebben gesneden, lunchen we bij Jan thuis in zijn mooie huis. Jan is niet alleen leraar, hij is ook vaak reisleider. Hij adviseert ons bepaalde routes wel of niet te nemen, heel prettig.
Dan is het tijd voor de laatste etappe naar Killaerny.

Marian blijft in onze buurt en zij maakt de foto met de vier fietsen met de camper in de voorgrond.
De beklimming is wel 8 km lang, maar zeker niet te zwaar voor een getrainde Questrijder.
We gebruiken de parachutes bij de afdalingen zeer regelmatig, een mooi gezicht. De omstanders kijken hun ogen uit. Het landschap is betoverend mooi en iedere bocht levert weer een nieuw fraai panorama op.
Dan trap ik plotseling loos en zie even later mijn ketting niet meer. Dat is een fors probleem. Als ik stop zie ik dat de ketting helemaal verdwenen is. De ketting ligt 30 meter terug op de weg. Ik probeer Cees te bellen, maar er is geen bereik voor de GSM.
Na tien minuten wachten komt Cees terugrijden. De ketting is gebroken op de plaats van de sluitschakel die we tijdens het verkorten van de ketting plaatsten. We slagen er in de ketting weer in de Quest te krijgen. De sluitschakel is met de hand te sluiten en weer te openen. Als ik nog eens goed kijk blijkt dat de nieuwe sluitschakel wel erg veel speling heeft. Kennelijk niet het goede soort. Daarom ponst Cees de ketting weer aan elkaar, er kon nog wel een schakel uit.
De afdaling naar Killaerny is rauw en lastig. De weg is extreem bochtig en het wegdek is ronduit beroerd. de parachutes zijn wel uit, maar hoge snelheden zijn niet te realiseren.
In Killaerny staat Marian met de camper bij een Lidl. We eten wat, het is inmiddels 18.00 uur, en ontmoeten een Nederlandse mevrouw die net twee banden van haar Mercedes SLK op een roadblock heeft kapot gereden. We vragen aan haar of zij een camping weet. Dat weet ze wel, maar we mogen ook bij haar thuis op het erf staan. Dat heeft onze voorkeur. Wel moeten we nog een kilometer of 12 rijden, maar het is in de goede richting, dus doen we dat graag.
De rit naar Milltown, daar wonen Connie en Hans de Groot in een prachtig huis met een supermooi uitzicht, is nog pittig klimwerk. We zijn bijzonder welkom en hun hele huis is te onzer beschikking. We mogen douchen, de was wordt gedaan en zelfs de afwas wordt in de machine gedaan.
We worden uitgenodigd voor een kop koffie of een biertje. Dat wordt allebei. Dan hebben we samen een fantastische avond waar, geheel naar Nederlands-Ierse traditie de drank niet onder de kurk blijft. Hans gaat normaal om half twaalf naar bed, zijn bedrijf Kerry Drain Services start morgenvroeg weer om 8.00 uur, maar blijft tot half één op. Dan wordt het tijd om de kooi maar eens op te zoeken.
Weer een prachtige ervaring, nu niet met Ieren maar met zeer gastvrije Nederlanders.

Ierland dag 11 2 augustus Bandon - Glengariff

Bantry verste plaats op de route
De ochtendstond heeft goud in de mond. Het zonnetje schijnt en de was aan lijn droogt redelijk snel. De broeders en zusters van de kerkgemeente zijn voor 10.00 uur al weer present. Ook de echtgenote van Finbarr geeft acte de presence. Gisteren raakte ik twee schroefjes uit mijn rechterpedaal kwijt. Nog even en het pedaal valt uit elkaar. Cees haalt een schroefje uit de linkerpedaal en maakt daarmee de rechter pedaal weer tijdelijk bruikbaar.
Vanmorgen vervangen we de beide pedalen door een set nieuwe. Dit allemaal op het tapijt voor de kansel in de kerk. Comfortabeler kan je niet aan een Quest sleutelen. Tegen elf uur zijn we startklaar en worden we door de broeders en zusters uitgewuifd. Finnbar rijdt ons achterna en laat ons midden op de rijbaan met zijn vieren naast elkaar voor het bord Bandon poseren. Klachten van Ierse automobilisten wuift ie met een veelzeggend handgebaar weg.
Dan zijn we weer onder elkaar. De rit naar Bantry, het verste punt van onze reis rond Ierland, is 60 km lang.
Het fietst heerlijk door het glooiende landschap. Marian is al in Bantry waar we op een havenhoofdje wat rondkijken naar het mooie panorama. Aan de baai met uitzicht op zee ligt het grote kerkhof van Bantry, met afstand het kerkhof met het mooiste uitzicht, al zullen de doden er weinig van merken.
Na Bantry beginnen we noordwaarts te rijden. Stevig klimmen is al meteen het parool. Ook steile afdalingen zijn aan de orde. Kees gooit zijn parachutes uit, al is de afdaling maar 48 meter. Ik zie die hoogte op het scherm van de Garmin, heel prettig. Ook kan ik de daalsnelheid in meters per seconde aflezen. Klimmen gaat gemiddeld met 0,1 tot 0,2 meter per seconde. Dalen kan wel tot 0,7 meter per seconde. De eindsnelheid ligt dan meestal tegen de negentig kilometer per uur.
De automobilisten passeren ons steeds op ruime afstand, heel prettig. We worden weer duizenden keren gefotografeerd. Veel mensen vragen ons of wij voor 'charity' rijden. Wij hebben zoveel bekijks dat dat inderdaad een mogelijkheid zou zijn.
We zoeken een camping in de buurt van Bantry om de was die in Bandon nog niet droog was opnieuw aan de lijn te hangen. De camping is comfortabel, al was het maar dat de douches prima zijn. Wel zijn er drommen opgroeiend grut die onze fietsen maar wat 'cute' vinden. Ben legt ze uitgebreid alles uit, een investering in tijd die zich wel terug zal verdienen.
We hebben telefonisch contact met Jan, de broer van Theo van Soest. We hebben een grote doos met koffie voor hem mee. Morgen gaan we die in Kenmare overhandigen.
Na de heerlijke rijstmaaltijd gaan we nog een pint Guinness en Lager drinken in de kroeg bij de camping. Kees komt niet meer bij van het lachen als ie aan een local vertelt van onze fietsen in de kerk. De reactie van de man is zo prachtig dat we Kees bij moeten brengen.

maandag 2 augustus 2010

Ierland dag 10 1 augustus Dungarvan - Bandon

De Heer is onze redding
Tijdens het ontbijt storten Ben en Kees achterover. De aluminium bank begeeft het. Met een grote boog gaat Kees' yoghurt door de lucht. Kees en ik vervangen ieder het Polycord O-ringetje om het kettingwiel. Bij mij ging deze gisteren kapot. Het bekende geratel van de ketting over het harde kunststof kettingwiel is me de hele dag een doorn in het oog. Dan even de banden inspecteren, er staan vandaag weer hoge afdaalsnelheden op het programma.
We genieten weer van de vele fraaie vergezichten aan de Atlantische kust. Overal zorgen inhammen voor mooie beelden. Er is een festival met oude auto's gaande. Heel veel bezoekers komen per auto en uit vrijwel iedere auto worden we gefotografeerd. Sommigen hangen zelfs helemaal uit het deurraam. Er moeten al zeker honderdduizenden foto's van ons gemaakt zijn.
Het fietsen langs de N25 is heel ontspannen. Na een eerste klim in de ochtend hoeven we verder alleen maar korte klimmen te doen. Wel zijn er enkele spectaculaire afdalingen. Bij Ben en Cees stopt de Cat-Eye bij 89 km/u en begint dan opnieuw te tellen, een bewijs dat zij boven de 90 km/u zijn gekomen.
Ik trap in het begin niet mee en dat levert een maximum van 88 km/u op. Kees behaalt een all time high en komt tot 70 km/u. Bij Swanlake pauzeren we even.
Wij spreken met Marian af elkaar te ontmoeten in Cobh. Een tussenliggend plaatsje kan Marian in de TomTom niet vinden. Zij gaat toch naar het tussenliggende plaatsje en stuurt een SMS dat ze daar staat.
Helaas mis ik die SMS en als wij in Cobh arriveren is Marian er nog niet. Maar eens gebeld waar ze is.
Nou, dat levert geen vrienden op.
In Cobh hebben we tientallen belangstellenden rond de fietsen. Het plaatsje is een plaatje om te zien. Veel staat nog in het teken van de Titanic. Vanaf deze plaats scheepten de laatste passagiers in voor de noodlottige reis die in 1911 door een ijsberg fataal afliep.
Met de ferry steken we over naar het gebied ten zuiden van Cork. We hebben in Cork niks te zoeken, dus rijden we door naar Bandon. Het zoeken naar een nachtleger is niet makkelijk. Op een gegeven moment springt er een man uit een auto en begint ons in razend tempo van alle kanten te fotograferen. Aan zijn Nikon te zien moet dit wel een professional zijn. Hij heet Finbarr Crean.
Ben heeft meer oog voor ons probleem, een plek voor de nacht. Als wij dit de man vragen is ie een en al bereidwilligheid. Wij mogen in zijn kerk verblijven, 'just follow me'. Onderweg stopt ie nog een paar keer om ons te fotograferen, maar uiteindelijk staan we voor een klein kerkgebouw van de 'Wedergeboren Christus'.
De hele kerkzaal wordt ontruimd om onze Questen op het tapijt te stallen.
Dan blijkt een ander lid van het kerkgenootschap een geëmigreerde Nederlander te zijn, Allert Sterenberg uit Warfum. Allert is getrouwd met Betty en woont al vanaf 1953 in Bandon. Hij is 82 jaar en spreekt nog uitstekend Nederlands. Als we zeggen dat we nog moeten eten, worden we onmiddellijk door Allert uitgenodigd om bij hem thuis te komen eten.
In de keuken van de kerk frissen we ons op en doen de was. Allert haalt ons om 20.00 uur op met zijn auto en wij krijgen een traditionele Ierse maaltijd voorgeschoteld. Bonen in tomatensaus, chips en een hamburger. Verder is er brood met allerlei beleg, heerlijk. De koffietafel daarna met scones en ander zoet lekkers maakt het geheel af. Vooraf wordt er door Brian de fotograaf gebeden voor een veilig vervolg van onze reis. Na het eten wordt de Heer wederom bedankt voor de spijzen. Dan komt de bijbel ter tafel en wordt Psalm 121 voorgedragen. Ook deze Psalm vraagt de Heer om een veilige reis voor ons.
We zijn allemaal totaal onder de indruk van zoveel gastvrijheid. We worden 100% vertrouwd en krijgen de sleutel van de kerk.
We drinken nog een biertje in de lokale pub en gaan naar het godshuis terug.
Daar stel ik vast dat een buurman een onbeveiligde internet verbinding heeft en ik de foto's van de afgelopen dagen kan uploaden en dit stukje kan tikken. Cees en Ben liggen al een uur te pitten, Marian en Kees in de camper ook.
Morgen rijden we richting Bantry.

zaterdag 31 juli 2010

Ierland dag 9 31 juli Kiltealy - Dungarvan

Vanmorgen vertrekken wij uit Kiltealy en pakken de route volgens de planning op. De originele route gaat goeddeels langs L-wegen. Het spel van klimmen en dalen begint direct weer. Na drie uur fietsen zijn wij 35 km verder en wordt het klimmen steeds zwaarder. Bij mij begint mijn linker knie zich te melden met de mededeling dat het voor vandaag wel mooi is geweest. Ook de anderen willen wel wat makkelijker rijden.
Na New Ross zouden we naar Mullinavat rijden. Volgens Marian is het daar heel steil, zij komt met de camper met moeite in de eerste versnelling omhoog. We besluiten naar Waterford te rijden. Dat gaat over de N25 heel comfortabel. Per saldo zijn de L-wegen voor een Quest een vijandige biotoop. R-wegen gaat gemiddeld goed, al moet er ook dan soms met 12% helling worden gerekend.
De N25 kent mooie beklimmingen, maar evenzo mooie afdalingen. Ik kom tot 76 km/u, Ben tot 70 km/u. Kees wil die snelheden niet rijden en gebruikt de parachutes. Hij blijft rond de 50 km/u.
De remparachutes blijken een onmisbaar attribuut. Bij snelle afdalingen worden ze er een voor een uitgegooid. Dat gaat heel makkelijk als je de treklijnen over je schouders legt. Het binnenhalen gaat ook eenvoudig bij snelheden onder 40 km/u. Bij 70 km/u zijn ze alleen binnen te halen als je één draad binnentrekt. Dit ritueel herhaalt zich enkele tientallen malen per dag.
Na Waterford koersen we over de R681 naar Dungarvan. Daar zullen we Marian ontmoeten. We gaan even langs de kustweg rijden om een camping te zoeken. Dat blijkt niet slim, de route door het boerenland naar de kustweg is enorm steil. Ik belast mijn knieën te zwaar. De anderen kunnen wel omhoog komen. Even later blijkt een oude nog niet opgeloste kwaal van de fiets op te spelen. De derailleur blijft achter soms hangen en ik kan dan voor niet op het kleinste blad schakelen. Dan moet ik eerst naar het grote blad schakelen, de derailleur achter komt dan los en kan ik het kleinste blad voor schakelen.
We zoeken en vinden twee campings aan de kust. Ze zitten echter helemaal vol en er kan geen kip meer bij.
Dan maar een B&B. Zelfde laken en pak.
De eigenaresse van een B&B belt haar broer, een boer, die mogelijk wel wat kan regelen. Voor 35 euro mogen we op zijn erf staan, totaal zonder voorzieningen. Als we Marian bellen is ze niet blij, we zouden eerst bij haar langs gaan in het verderop gelegen stadje. Als we bij de boer op zijn erf staan moet er plotseling 50 euro worden betaald.
Opkrassen dan maar.
Marian rijdt richting Youghal en vraagt bij een willekeurige particulier die een mooi geasfalteerd parkeerterrein en mooie grasvelden heeft of wij er mogen staan. Dat mag en na 120 km komt deze fietsdag tot een prettig eind met een goed glas wijn en hutspot met draadjesvlees als diner.

vrijdag 30 juli 2010

Ierland dag 8 30 juli Bray - Kiltealy

Wicklow Mountains
Vanmorgen staan de koppies strak, er moet zwaar geklommen worden maar hoe erg het wordt geeft wat spanning. We zijn nog niet van de camping zuid-westelijk van Bray af of het spektakel begint. Warm gedraaid of niet, we moeten op het kleinste blad voor en het grootste blad achter. We beginnen bij 80 meter en eindigen op 338 meter. Dit hoogteverschil moet binnen 4 kilometer worden overbrugd. Kort en goed, de waarschuwing van de auteur van het boekje De Groene Ronde rond Ierland is volkomen terecht. Het is vreselijk zwaar en de snelheid komt hele stukken niet boven 6 km/u. Ben gaat te hard en jaagt zijn hartslag in het rood. Dan volgt een stuk wat goed te doen is. Als we denken dat het ergste achter de rug is, doemen er borden op met achterover vallende auto's. We zetten nog eens aan, zweten als otters en zien de snelheid teruglopen naar 4 tot 5 km/u. De achterbanden, zelfs mij geprofileerde SuperMoto, beginnen door te slippen. Het is niet meer te doen. Stoppen en naar boven lopen. Maar ook stoppen is een hachelijk avontuur, de Quest wil niet op de handrem stil blijven staan. Terwijl de fiets achteruit loopt spring ik eruit en trek mijn loopschoenen aan. Het is zelfs een toer om de Quest naar boven te duwen. Er wordt gefilmd en gefotografeerd. Cees ziet mij zelfs ingehaald worden door een wandelaarster en filmt alles.
Eenmaal boven puffen we wat uit en praten opgewonden over dit avontuur.
In Rathrum drinken we koffie met appelgebak. Een dolenthousiaste verhuurster van mountainbikes weet werkelijk niet waar haar overkomt. Ze gilt de hele boel bij elkaar als ze ons ziet. Ze krijgt Ben zo gek dat ze in de Quest mag zitten.
Het is een dagelijks ritueel dat duizenden mensen zo gauw ze ons in smiezen krijgen hun mobieltje pakken en foto's maken. Ook uit rijdende auto's worden we honderden keren gefotografeerd. Kees bedenkt zo nu en dan dat als iedere foto een euro zou opleveren, we de hele reis zo zouden kunnen bekostigen. Kees probeert het maar een keer bij een mevrouw die haar auto stilzet en foto's maakt. Kees roept ' one Euro'. Mevrouw pakt haar beurs en geeft Kees een Euro. Het is dus niet zo'n gek idee :). Zo gauw we stilstaan komen de Ieren, soms in drommen, om ons heen staan en vragen of het een kano, een bobslee of iets anders is. Dat er geen motor in zit en dat wij alleen maar fietsen kan er vaak niet in. Een enkele keer zijn de belangstellenden jongere kinderen die niet uit te leggen blijkt dat ze met hun vingers van de fietsen af moeten blijven.
We rijden globaal de route die ik eerder via Google Earth uitzette en als GPX track in de Garmin Oregon laadde. De mannen willen niet als een kip zonder kop achter mij aanrijden. De reserve Oregon van vriend Jan Veenis plak ik met klittenband bij Ben op de wielkast. Dat vindt Ben wel leuk. Helaas blijkt deze Oregon niet in orde. Zelfs net opgeladen vrijwel nieuwe Sanyo 2700 Mah accuutjes worden onverbiddelijk door de Oregon als leeg beoordeeld. Jan, een garantiegevalletje.
We rijden dagelijks meestal ruim 100 km, kilometers die er wel meer dan dubbel inhakken.
Wij eindigen de rit meestal met het vragen aan lokale bewoners waar een camping is. Die is er nooit, maar dat weten we natuurlijk al. Het komt er meestal op neer dat de mensen iets voor ons bedenken.
Vandaag zijn we te gast op het landgoed Woodbrookhouse waar enkele tientallen mensen van allerlei nationaliteiten in een commune samenleven. Vanavond komt een deel van het stel naar de fietsen kijken. Zij bieden ons een overnachtingsplek in Kenmare aan. Ook volgend jaar zijn we hartelijk welkom.
De zon gaat prachtig onder en verlicht de wolken die laag over de bergen rollen.
Voor middernacht ligt iedereen in bed. Ik probeer mijn blog nog online te krijgen, maar de verbinding met de Hi dongel is niet best. Foto's houden jullie tegoed.