woensdag 11 augustus 2010

Ierland dag 19 10 augustus Castlerock - Ballyvoy

De nacht is onrustig, het stormt en regent. De kampeerstoelen waaien weg en de luifel gaat te keer. Kees gaat er om half drie uit om de luifel in te draaien en verdere schade te beperken. De stokken van de luifel zijn tegen Kees' Quest gewaaid.
Van Ben's tent breekt een boogstok en Cees' tent raakt lek doordat de bevestiging van een scheerlijn afscheurt.
Nadat ik een tijd heb wakker gelegen, de camper schudt alsof 8 man er aan trekken en duwen, zoek ik in het donker mijn oordoppen. Dan val ik snel in slaap en om half negen is er van de wilde nacht niets meer te merken.
Het weer verandert elke 5 minuten. Zo rij je in het zonnetje, vijf minuten later komen er donkere wolken opzetten en plenst het. Weer vijf minuten later zorgt de zon voor dampende straten.
Ik ga nog even naar de WC en hoor even later dat er een drol op de grond onder de camper ligt. Kees blijkt de fecaliën tank alvast te hebben verwijderd om te legen ;)
We rijden weg met prachtig zonnig weer. De vergezichten zijn schitterend, bocht na bocht is er weer een nieuw en nog mooier panorama. Dat het snel kan veranderen blijkt in Coleraine, een heel heftige bui doet zelfs de Ieren naar binnen vluchten. We fietsen nu langs de kustweg en hoewel Ben, als altijd, zegt dat het vrijwel vlak is, is dat het zeker niet. Er zijn enorm steile stukken bij, maar de afdaling maakt het zure van de klim altijd weer zoet. Het wegdek is beter dan in Ierland, er zijn veel minder 'potholes'. Wel ligt overal glas langs de weg. Omdat we vrijwel steeds midden op de weg rijden hebben we daar geen last van.
We rijden naar Bushmills, de plaats waar de Ierse Bushmills whiskey wordt gedistilleerd. We brengen een bezoek aan de distilleerderij, met 402 jaar de oudste whiskey stokerij ter wereld. We mogen alles zien maar niet fotograferen. Dat laatste heb ik niet goed verstaan en ik maak een complete fotoserie. Het proces is nog precies als 400 jaar geleden, alleen wat grootschaliger.
Aan het eind van de rondleiding mogen we een keus maken uit 5 soorten whiskey. We kiezen allemaal voor de 1608, de jubileumwhiskey. Volgens de kenners is deze heerlijk.
Dan is het nog maar acht kilometer naar de Giant Causeway, een natuurverschijnsel waarbij de basalt gestold is in honderdduizenden vijfhoekige stenen. Er zijn ook stukken bij waar zes, zeven, acht en enkele negenvoudige prisma's zijn te zien.
De parkeerwachter wil van ons € 2 omdat ie ons als motorfiets wenst te zien. Ik ga de discussie met de man aan en vraag hem mij aan te wijzen waar onze motor zit. Hij is resoluut en wenst 4 x 2 euro anders mogen we rechtsomkeert maken. We betalen, maar ik vraag direct waar ik kan klagen. In de Tourist Info balie leg ik de vrouwelijke manager uit dat wij echt geen 'motorbike' zijn. Ze besluit me de 8 euro te 'refunden' en de eigenwijze parkeerwachter krijgt op zijn donder. Op het moment dat wij langs lopen is de man heftig in discussie met de directrice en een collega. Niet opkijken, doorlopen :)
Het is al 19.00 uur als we aan de laatste klim van de dag beginnen. Volgens Ben een korte klim, maar dat is natuurlijk niet zo. Cees' ketting loopt er bij een schakeling zowel voor als achter af. Cees is de handigste van ons allemaal en heeft het snel opgelost. We gaan in één keer van zeeniveau naar 160 meter. Kees is er wel klaar mee en draait een camping op. De afdaling naar de 'Farm top' is zo steil dat het morgenochtend eerst een stuk omhoog lopen zal worden.
Prachtige dag met flink klimmen en dalen. Vandaag hebben we over 73 kilometer 827 hoogtemeters bijgeschreven.
Morgen de laatste rit in de Ierse Republiek. Het vertrek naar Schotland hebben we een dag vervroegd, de dagafstanden kunnen dan wat worden beperkt.

maandag 9 augustus 2010

Ierland dag 18 9 augustus Letterkenny - Castlerock

De nacht blijft rustig, er meldt zich geen eigenaar. Als Kees bij zijn fiets komt blijkt hij de eerste lekke band van de reis te hebben. Een meidoorn heeft zich door de Kojak gewerkt. Na het ontbijt gaan we met goed weer onderweg. Het rijden op de 'shoulder' van de N-wegen is heel prettig. Ook nu halen de Ieren in alsof we op de hoofdrijbaan rijden. Misschien verklaarbaar omdat ze, rechts sturend, ons aan hun linkerkant niet kunnen zien. We klimmen weer enkele keren naar 140 meter hoog en dalen fantastisch af. Steeds met snelheden tussen 60 en 80 km. De remparachutes hoeven maar een enkele keer te worden gebruikt.
Die chutes werken perfect. Als Kees, hij is altijd de eerste die ze uitgooit, zijn chutes uit heeft, rij ik hem met 25 km/u snelheidsverschil voorbij. Als het boven de 80 km/u komt en de weg is niet helemaal te overzien, gaan ook bij mij de chutes eruit. Cees en Ben doen dit soms nog iets later.
We stoppen even bij een tankstation en drinken koffie met een scone. Ook hier weer veel belangstellenden. Er komt een pietepeuterige 'camper' aan. Het is een miniwagentje met een minimale verblijfsaccomodatie en minimale mensen, qua formaat dan. Ze kunnen er in zitten en in slapen. Zelfs koken kan nog. Het kleine mannetje dat de 600 cc Honda bestuurt trekt een klein kastje open en zegt dat dat zijn badkamer is :).
We rijden langs de kust van Lough Foyle. De wegen zijn hier uitstekend en heel langzaam dalend, kunnen we met wat bijtrappen lange tijd 50 km/u blijven rijden. Dit is fantastisch fietsen.
Vanmiddag komen we na een rit van 55 km bij de ferry Greencastle aan. Tijdens het wachten op de ferry blijkt de Ferry Port Bar aan de overkant een open Wifi verbinding te hebben. Mooi om even de foto's van de laatste dagen te uploaden. We passeren hiermee Londonderry, voor de Ieren Derry, aan de noordzijde en nemen de veerboot naar Noord-Ierland. De kassier wil 36 euro van ons ontvangen. Als ik vraag wat hij berekent blijken de fietsen als motorfietsen te worden gerekend. Als we hem duidelijk maken dat wij 'pedal powered' zijn mag het ook 21 euro kosten, incl. de camper.
We krijgen op de open veerboot een forse bui op onze kop. Cees schuift onderin zijn Quest en kan het dekje over het hoofdgat op zijn schuimkap leggen. Ook Ben trekt zijn nek in en legt zijn helm op de schuimkap.
In Noord-Ierland zijn de Gaelic teksten op de borden meteen verdwenen. We passeren een immense militaire gevangenis. Op elke 25 meter staan videocamera's, open ruimten, hekken en enorme muren, beangstigend.
Op een grote camping worden we letterlijk overvallen door tientallen kinderen, amper te verstaan. Ook hier weer de stereotiepe vragen wat het is, wat het kost en of we voor 'charity' rijden.
Marian, Ben en Cees doen de was, nu eens in een gewone wasmachine, een verademing. Hoe doen we het anders? Marian heeft een serie 20 liter emmers met goed sluitende deksels. Daar gaat de was in, uiteraard gesorteerd naar wit/kleur en donker. Die stommelt de hele dag in de auto. 's Middags wordt er drie keer gespoeld om alle wasmiddel uit te spoelen en dan gaat de hele bups aan de lijn. Als we pech hebben, en dat hebben we nog wel eens, moet de hele zaak weer nat van de lijn af in een schone emmer of uitgespreid over alle meubilair in de camper.
De mannen gaan nog een pint drinken en we worden weer herkend door drie enthousiaste meisjes van een jaar of 14. 'Lets hug' roepen ze en de meiden knuffelen de oude totaal verraste heren. Dat hebben we nog nooit meegemaakt. In de pub is het oer ongezellig en na een biertje lopen we de paar kilometer naar de even ongezellige camping terug. Waarom ongezellig? Er staan 600 identieke stacaravans, op een geheel vlak terrein zonder ook maar één boom. Bij wijze van uitzondering zijn de douches warm en kosten maar 20 pence.
De totale stijging is nu 12700 meter.
Vandaag 66 km gereden.

zondag 8 augustus 2010

Ierland dag 17 8 augustus Sligo - Letterkenny

Het is heerlijk zonnig weer als we om een uur of half negen wakker worden. We ontbijten rustig, eieren met spek naar wens, en pakken ons boeltje weer in. Ik ga mijn beklag doen bij de receptie over de koude douches. Dat vindt de beheerder niet leuk, maar hij geeft me 5 euro terug.
Pas tegen de middag gaan we in de fietsen en verlaten Strandhill op weg naar Sligo.
Het beeld wordt bepaald door links de Atlantische Oceaan en rechts hoge bergen. We hebben besloten om de rustdag definitief niet te benutten, fietsen is tenslotte ontspannend :). We kunnen zelfs de route uitbreiden tot een complete ronde om Ierland. Zouden we volgens de oorspronkelijke planning na Westport naar Belfast rijden, nu proberen we naar Donegal, Letterkenny, Londonderry, Limavady, Coleraine, Ballycastle en Larne te rijden. De route gaat zoveel mogelijk langs de kust.
Vandaag is het klimmen en dalen. We komen drie keer op rond 190 meter en dalen steeds weer af naar zeeniveau. De eerste afdalingen zijn vrij vlak en harder dan 80 km/u gaan we niet. We gaan meer en meer aan de hoge snelheden wennen en de parachutes worden vandaag beperkt ingezet. In de middag gaat het licht regenen.
Onderweg worden we ingehaald door de motormuizen die we eerder in Westport op de camping ontmoetten. Ze zwaaien uitbundig en laten de motoren extra brullen. Eén van de clubleden heeft een driewielige motor, hij heeft een lamme linkerarm, en komt even voor ons rijden.
Via Donegal rijden we naar Letterkenny. De afdaling naar Letterkenny is de spectaculairste tot nu toe. Boven wordt gewaarschuwd voor een extreem steile afdaling. We worden verzocht onze remmen te checken en onderaan de heuvel is een lange grintbak, een 'emergency lane'. De Quest gaat als een razende omlaag en de beide parachutes zullen zeker helpen, maar er moet toch volop geremd worden om de snelheid op het matige natte wegdek tot enigermate veilige proporties te beperken.
Allemaal komen we veilig beneden.
Het zoeken naar een goede plek om te overnachten is niet makkelijk. De grote parkeerplaatsen hebben allemaal een stalen balk die de camper belet om door te rijden. We gaan van de grote weg af en parkeren de camper naast een in aanbouw zijnde huis. We hopen er maar het beste van. Alle buren zijn naar de paardenrennen in Dingle, de honden zijn alleen thuis.
Het hoogteprofiel geeft vandaag een getal van 12.334 meter aan.
Vandaag 123 km gereden.

NB. 17-8
Wij lieten een briefje achter in de brievenbus van het huis waarnaast we bivakkeerden. Vandaag komt er een reactie van de eigenaren:

'That was camped at our house That You . You are welcome and thank you for your lovely note .
Next time you pass through Hopefully we'll have it finished !
Enjoy the rest of your trip .

Johnny and Juanita :)'

Ierland dag 16 7 augustus Westport - Sligo

Motormuizen en round tower
Na een natte nacht laat de zon zich al gauw zien. We hebben tijd voor een rustdag, de tweede tijdens de reis. Niemand is vermoeid en mijn knie geeft ook geen problemen meer. We besluiten uit te slapen en rustig op te starten. De was wordt toch niet droog, daarop wachten is zinloos. Daarom maar weer lekker fietsen.
Gisteravond is een groep bikers met hun Harleys op de camping neergestreken. Aan het lawaai te oordelen vermaken ze zich uitstekend. Vanmorgen vraag ik ze of ze het leuk vinden dat wij onze fietsen voor hun motoren zetten voor een foto. De mannen zijn niet moeilijk en poseren gewillig. Ze willen wel dat wij een bijdrage leveren aan hun ontbijt. Dat ontbijt bestaat uit Cider en die hebben we toch niet. Cider is appelwijn met 6% alcohol. Ze zorgen er voor de hele dag in een soort van dronkenschap te verkeren, dan hoef je geen roes uit slapen. Dat maken ze me tenminste duidelijk.
Na de foto's, Kees poseert op een kinderfietsje, rijden we steil omhoog het stadje in. Dan volgt een lange maar vlakke klim die ons op 138 meter brengt. De afdaling is mooi steil waardoor Cees tot 90 km/u weet te komen.
Kees heeft nog één wens niet in vervulling zien gaan, het bekijken van een 'round tower'. Iedereen ziet er plotseling één staan, alleen Kees niet. We verlaten de N-weg en rijden het land in. Na wat zoeken staan we aan de voet van een prachtig gemaakte ronde stenen toren. Dit exemplaar, de Meelick tower, is ruim 1000 geleden gebouwd. Om de toren is een begraafplaats aangelegd. Sommige graven zijn door gras overwoekerd en betonnen dekplaten zijn door de zilte zeewind verpulverd. Plotseling zak ik een stuk naar beneden, een onder het gras liggende dekplaat breekt en ik sta met één been in het graf.
De verdere rit verloopt heel snel. Het landschap golft heel mooi en we kunnen steeds met ruim 50 km/u omlaag en met stevig bijtrappen halen we net de volgende top. Dat gaat urenlang door, heerlijk.
Overal waar we stoppen hebben we direct een groep mensen om ons heen. We zijn wel op onze qui vive, vooral kleine roodharige Ierse jochies van een jaar of 10 kunnen absoluut niet met hun tengels van onze fietsen afblijven.
Als we rijden herhaalt zich het dagelijkse ritueel van passerende auto's waar de ramen omlaag worden gedraaid en fotocamera's en mobieltjes ons fotograferen. Er wordt ongelofelijk vaak naar ons getoeterd. We zwaaien terug en voelen ons net Sinterklaas.
Via Castlebar, Swinford en Tubbercurry bereiken we na 116 km de camping te Strandhill in de nabijheid van Sligo.
Helaas zijn de douches koud ondanks dat ze 1,40 euro kosten. Dit is een euvel dat vrijwel overal aan de orde is. Het sanitair en andere voorzieningen zijn gemiddeld sterk onder de maat. Dat douches niet warm zijn en dat dat al heel lang zo is, is af te lezen aan de teksten die eerdere bezoekers als waarschuwing op de muren kalken. Het lijkt er sterk op dat de voorzieningen zo slecht zijn omdat de meerderheid van de gasten beschikt over een royale camper met douche. Mensen lopen niet met hun toilettasje naar de centrale wasvoorziening, maar trekken rollende vuilwatercontainers achter zich aan.
Marian maakt een lekkere salade en rode kool stampot met appel compote en draadjes vlees. Door de dag heb ik niet voldoende gegeten, eigen schuld, en ik krijg het na aankomst koud. Een bodywarmer met capuchon van Marian biedt uitkomst.
Tijdens het warm eten doen we de bikers na, we proberen vanmiddag gekochte cider. Cees vindt het net appelsap, maar er zit wel 6% alcohol in.

vrijdag 6 augustus 2010

Ierland dag 15 6 augustus Kinvarra - Westport

Wim jarig
Vandaag ben ik jarig. Als ik wakker word is er niemand die me feliciteert. Ik zeg ook niks en we gaan na het ontbijt fietsen. Mijn rechter knie is niet helemaal okselfris meer, rechtsvoor zeurt het wat. Vandaag rijden we naar Westport. Er zijn twee mogelijke routes, door de bergen of via een vlakkere weg via Headford. Het regent vrijwel steeds en niemand is tegen de makkelijker route. Die route is inderdaad vrijwel vlak en we hebben rond het middaguur al 65 kilometer afgelegd. De knie houdt zich goed, de geringere belasting door de vlakke weg is prettig.
Tegen enen krijg ik te horen dat we wat rustiger aan moeten doen. Zouden ze toch iets in hun schild voeren? Om 13.00 uur komen we bij de camper aan. De hele ploeg heft een lang zal ze leven aan. De hele camper is versierd en de tafel is gedekt met piratenbestek. Ik mag een chocoladetaart aansnijden. Zo is het toch allemaal goed gekomen, heel leuk.
We moeten nog 30 kilometer naar Westport. Het wordt niet meer droog en we rijden met snelheden van rond 35 km/u naar het leuke havenstadje. In het stadje lopen de wegen heel steil omhoog en omlaag. Ben schakelt te laat en de ketting vliegt er af. We verblijven op een luxe camping waar veel motorhomes staan. Sommige zijn zo groot als passagiersbussen en kunnen de woonkamer uitschuiven. Achterin staat een middenklasse auto voor de lokale ritten. Ons 18 jaar oude Hymertje steekt er wat schril bij af.
Mijn Quest is binnenin nat geworden, ik weet niet of dat vannacht al is gebeurd of vandaag door de regelmatig heftige regenbuien. Mijn mooie nieuwe kaartenset is een plak papierpulp geworden. Marian probeert er nog wat van te redden, morgen maar zien of het gelukt is.
We zijn zo vroeg aangekomen dat er tijd is om de ketting eens grondiger te bekijken. Cees vindt een sluitschakel die letterlijk muurvast zit. Zo hoort het natuurlijk ook. Met veel moeite krijgt ie hem toch los en de ketting wordt een halve slag gedraaid. De KMC sluitschakels die we bij ons hebben zijn niet OK, ze trekken zich niet vast. Met dezelfde sluitschakel wordt de ketting weer gesloten. Nu komt het testdraadje steeds boven langs. Ik spuit de derailleur in met wat natte teflon en de klus is weer geklaard.
Vanavond gaan we uit eten in 'The Helm'. Ondanks de drukte, de grote pub/restaurant zit helemaal vol, belooft de uitbater dat ie binnen 10 minuten een tafel voor ons heeft. Dat lukt om en nabij.
Het eten is uitstekend, we gaan ons te buiten aan tarbot en zalm.
Na wat telefoontjes naar het thuisfront tik ik nog een stukje voor mijn blog. Als de verbinding via de Hi-USB modem redelijk goed is kan ik het stukje tekst uploaden. Alleen als de verbinding perfect is kunnen ook foto's worden geupload. Meestal moet dat evenwel in een internet café, bij een particulier of via een open WIFI verbinding van god weet wie.
108 km gereden.

donderdag 5 augustus 2010

Ierland dag 14 5 augustus Quilly - Kinvarra

Cliffs of Moher
Vannacht word ik enkele keren wakker van geluid naast de camper. Het blijkt dat het linkerraam nog openstaat en soms klappert. Fionnuele is gisteravond niet meer teruggekomen en wij laten een bedankbriefje en een fles wijn achter.
We kijken of mijn ketting mogelijk getordeerd is gesloten. Met een touwtje met een lange en korte kant stellen we vast dat het langste einde beurtelings onder en boven langs komt. De ketting is dus een wokkel. Het rijden wordt er niet door gehinderd al moet het wel worden gecorrigeerd.
De eerste kilometer krijgen we de steilste klim voor onze kiezen tot nu toe. Werkelijk in een paar honderd meter klimmen we van 171 naar 238 meter hoogte. Het lijkt erop dat de eerste rijders tegen de berg geplakt zitten. Boven hebben we een mooi uitzicht over de Atlantische Oceaan. Met geweld accelereert de Quest naar omlaag. De stijg- en daalsnelheidsmeter laat een daalsnelheid zien van 1.1 meter per seconde. Dat is niet meer te beremmen. Iedereen gooit onmiddellijk beide remparachutes uit en de zaak blijft onder controle. In no time zijn we weer bij de kust.
Dan volgt een onophoudelijk klimmen en weer dalen. De meeste beklimmingen lijken makkelijk maar zijn toch heel steil. De rit naar de Cliffs of Moher is ronduit zwaar. Duurt vrij lang en moet goeddeels op het kleine blad voor en blad 34 achter worden gereden. Auto's en bussen blijven netjes achter ons en passeren ruim.
Marian is al boven en we zetten de Questen naast de camper. Onophoudelijk melden zich geïnteresseerden voor de Quest. We wandelen samen naar de kliffen, voor mij de tweede keer. Het blijft een spectaculair gezicht al waait het niet zo hard dat de oceaangolven spectaculair op de kliffen beuken.
Als we terugkomen blijken bezoekers de kappen van de Questen te hebben verwijderd, waarschijnlijk om binnen te kijken.
We volgen de kustlijn van Galway bay. Er komt weer een lange klim aan tot ruim 230 meter. De afdaling is spectaculair, niet om de snelheid maar om de vele haarspeldbochten. Dit gedeelte van de afdaling is bij wijze van uitzondering mooi geasfalteerd. Verderop, eigenlijk de hele route richting Galway, lijkt het wegdek meer op een bucklepiste. Ik prijs mijn banden de hemel in, hoe dikker hoe beter, dan blijft er nog enig comfort over. Een grote verrassing tijdens deze tocht is wel dat wij nog geen enkele lekke band hebben gehad, afkloppen.
Marian staat ons 30 kilometer voor Galway met nassi en macaroni op te wachten.
We zoeken een kampeerplaats en gaan naar een soort illegale camping. Kees en ik missen de anderen en wij krijgen een bonusritje van 6 kilometer voor we weer bij het moederschip aanbelanden. Het is een echte natuurcamping, Cees zet zijn tent op en de eerste bezoeker is een teek.
Het aantal hoogtemeters dat wij op deze tocht tot nu toe hebben geklommen bedraagt 10.358 meter. Echte fysieke problemen hebben zich nog bij niemand voorgedaan. Ook de Questen houden zich onder de mishandeling door de uiterst beroerde wegen meer dan geweldig. Wel zijn we bijzonder gespitst op de vele 'potholes', in goed Nederlands gewoon gaten, in het wegdek. Ook diepliggende putdeksels vermijden we gegarandeerd. Op N-wegen is het ook verstandig de kattenogen niet te overrijden, ze rammen de veerpoot tot zijn aanslag.
90 km gereden.

woensdag 4 augustus 2010

Ierland dag 13 4 augustus Listry - Quilly

Fionnuala
Vanmorgen worden we ondanks het drinkgelag van gisteravond redelijk fris wakker. Het is Iers weer, het waait hard en het regent. Hans en Connie regelen nog een keer koffie en dan reizen we uit Milltown af.
We kunnen het ommetje over de Conners pas op Dingle niet maken, de tijd ontbreekt ons helaas. Daarom maken we vandaag een flinke rit naar het noorden. Eerst moeten we nog flink klimmen om bij de fam. De Groot weg te komen. Dan is het lekker afdalen naar Tralee. Door een communicatiefoutje denken we dat Marian op een heel andere weg staat. We verdwalen in het stadje. Zoals meestal brengt de Garmin uitkomst. Gewoon de nieuwe bestemming erin zetten en rijden maar. Kees rijdt voorop en leest de tekst op het kleine scherm van zijn Etrex fout af. Zo rijden we nog een keer de afrit voorbij. Het veel grotere scherm van de Oregon geeft veel meer informatie en de goede afslag komt nu snel in beeld.
We rijden naar Listowel. Het landschap is wel golvend maar niet bijster interessant. De ochtendregen is verdwenen en hoewel het zwaar bewolkt blijft regent het niet meer. Een uur later is zelfs de zon er weer bij, we treffen het gemiddeld heel goed met het weer.
In Tarbert nemen we de ferry over de Shannon. Op de veerstoep vermaken we ons met een groot aantal roeken die uit de hand eten. Het waait zo hard dat het schip veel water overneemt en de passagiers op het bovendek zelfs kletsnat worden. Helaas krijgen we de dolfijnen die hier regelmatig te zien zijn niet in beeld, de golven zijn te wild en te hoog. De Shannon is hier zo'n vier kilometer breed en de overtocht duurt 20 minuten. Via Kilrush eindigt de rit bij Spanish Point aan de Atlantische Oceaan, althans dat denk ik.
Dan zie ik Cees een vrouw drie keer zoenen. Ik weet dan nog niet wat dat betekent. Kees roept dat wij naar een kasteel gaan. De mevrouw rijdt in haar auto voorop en dan begint een onverwachte klim. Dit zou maar 2 mile duren, maar is na 10 km nog niet tot een einde gekomen. De hoogtemeter loopt maar op en ik vervloek Cees Roozendaal dat wij allemaal ons aan het eind de dag nog het lazarus moeten klimmen alleen om te voorkomen dat ie zijn tentje moet opzetten. Een uur tegen verschillende bergen optijgeren over slechte wegen tot 171 meter hoogte om te voorkomen dat ie een tentje op moeten zetten. Kielhalen moeten moeten ze die man.
Na een uur een 12 kilometer is de rit ten einde en komen we bij een ..... cottage. Cees en Ben zijn druk met mevrouw en even later zie ik de aap uit de mouw komen. Er moet als tegenprestatie voor het slapen in het huisje een berg turf van twee m3 worden verplaatst. Mooie straf voor Cees. Ik ga toch maar even helpen, uiteindelijk repareert Cees ook mijn fiets.
De mevrouw is heel aardig, blijkt Fionnuala te heten, 51 jaar te zijn en geeft les in de oude Ierse taal Gaelic. Ze haalt een fluitje en geeft een prachtige recitel. Ze is wel eenzaam en Cees moet uitleggen dat ie gelukkig is getrouwd :). Ben moet bij haar op schoot zitten en op de fluit blazen. Fionnuala speelt op de fluit, hilarische taferelen.
Vandaag 126km gereden.