Gisteren meldt Bart van Crasbeek van Ventisit dat hij experimenteert met een gel materiaal als aanvulling op de Ventisit matten die hij produceert. In het ziekenhuis waar Bart deels nog werkt, gebruiken ze deze gel producten om lichaamsdelen tijdens het opereren te stabiliseren. Of ik dat spul ook wil proberen? Da's niet aan dovemansoren gezegd en ik loop even drie straten verder met mijn mat uit de Quest. Bart knipt een grote gelmat door midden en maakt deze pas in mijn mat. Als ik het spul in mijn handen neem voelt het ontzettend zwaar aan. Alleen een klein stuk voor het zitvlak weegt al 400 gram. Bart drukt me op het hart te melden dat de gelmat zeker geen commercieel product wordt.
Vanmiddag rij ik naar De Woude en voel de gelmat direct en in positieve zin. De zitbotten hebben nu geen drukpunt meer, heel comfortabel. Ik zit totaal 1 cm hoger.
Ik ben zo goed uitgerust, één weekje vakantie doet een mens goed, dat ik voel dat de hartslag bij iedere snelheid mooi laag blijft. Bij hartslag 90 komt er al 31 km/u op de teller. Met wat wind in de rug versnel ik tot hartslag 100 op het klokje verschijnt. De snelheid loopt nu op tot 38 km/u, eigenlijk onvoorstelbaar. Wel moeten dan de ellebogen op de armsteunen en mijn hoofd op de neksteun rusten. Het al dan niet op de neksteun rusten van het hoofd scheelt 2 tot 3 hartslagen.
Een mij inhalende brommer verstoort de weldadige rust, het moet maar eens afgelopen zijn met het geluier. Ik zet aan en probeer de brommer in te halen. Dat lukt vrij gemakkelijk, hij rijdt 45 km/u. Ik blijf even achter hem hangen, maar de stinkende uitlaatgassen wil ik wel kwijt. Ik haal de man in en blijf stevig doortrappen tot aan 50 km/u. Pas als ik rustig Krommenie uitrij, haalt het stinkende geval me weer in.
Op De Woude ontmoet ik Erik Hetem, een Mango rijder, die met twee vrienden even in de nieuwe boerderij komt kijken.
40 km, nu totaal 2600 km. 250 km met de Avocet banden, 2600 km met de Schwalbe Kojak 26" achter.
vrijdag 10 augustus 2007
woensdag 8 augustus 2007
Bandentest 20" banden



Na de discussie over de racekap is uiteraard de keuze van de banden bepalend als het gaat over snelheid. Het is hier wel bekend dat ik een groot liefhebber ben van de Tioga Comp Pool banden. Ze lopen bijzonder licht en zijn daarnaast super comfortabel. De slechtere lekbestendigheid heb ik tot nu toe op de koop toegenomen. Helaas zijn er momenteel geen goede Comp Pool banden meer te koop.Daarom ben ik heel blij dat Harry Lieben de Avocet Freestyle heeft geïmporteerd. Hoe verhouden deze Avocets zich nu ten opzichte van de Comp Pool en de Schwalbe Marathon Racer? Bert Hoge heeft een fraaie meter om dit uit te zoeken, maar ik kan het geduld om daarop te wachten niet opbrengen.
Daarom rij ik vanmiddag naar het viaduct in de N246 bij De Woude om me van de helling van het viaduct naar beneden te laten rollen. Ik kies de helling naar het zuiden omdat deze helling en het vlakke uitlooptraject vrijwel geheel door bomen wordt omzoomd. Het waait wel Bft 4 uit het west-noordwesten, maar deze wind is vanmiddag zeer stabiel en heeft door de bomen vrijwel geen invloed op het resultaat. Voorzover de wind dit wel heeft geldt dit natuurlijk voor alle proeven in gelijke mate.
Ik kies een startpositie halverwege de helling en markeer deze positie met een gele streep uit een spuitbus. Deze gele spuitbus gebruik ik ook om de eindposities van alle tests vast te leggen.
Ik laad alle meegenomen banden en de grote pomp uit en breng de Avocet banden op exact 6 Bar. Daarna is het simpel een kwestie van in de fiets zitten en de rem loslaten. Ik heb de afstandmeter en de maximum snelheid op 0 gereset.
Ik meet de maximaal behaalde snelheid en de afstand vanaf de positie waar de helling ophoudt en de Quest over het vlakke fietspad uitloopt. Na de runs met de Avocets haal ik deze beide voorbanden van de velgen en vervang ze door de Tioga Comp Pools. Ook deze worden weer op exact 6 Bar gepompt met de meegenomen werkplaats pomp en ik doe ook nu weer 3 proeven.
Ik krijg veel bekijks, wandelaars en in de file staande automobilisten, willen weten wat ik aan het doen ben en wielrenners vragen of ik hulp nodig heb.
Na de Tioga's gaan de Marathon Racers erop en worden weer 3 proeven genomen.
Van iedere reeks van 3 proeven worden de 2 dichtst bij elkaar liggende waarden gemiddeld. Bij alle banden is er één run die enkele meters afwijkt van de twee die voor het gemiddelde zijn gebruikt. Dit is veroorzaakt doordat er voor tegenliggers moet worden uitgeweken en de ideale lijn, precies midden op het fietspad, niet kon worden aangehouden. Bij de Marathon Racers is de uitloop afstand tussen de 2 gebruikte waarden 3,3 meter. Op een gemiddelde uitloop afstand van 356,25 meter is dit nog geen 1%. Bij de Tioga en de Avocet is het verschil maar resp. 0,5 en 0,7 meter. Dit is een verschil van maar 0,12 en 0,19%, dit bij uitrol afstanden van 402,65 en 376,15 meter. Dit zijn spectaculair overeenkomende waarden.
De maximum snelheid van de Avocet is 22,5 km/u, van de Marathon Racer 22,4 km/u en van de Tioga Comp Pool 22,9 km/u.
Op het moment dat ik de eindpositie van de Avocets passeer, rij ik met de Comp Pool nog 6,2 km/u en rij dan nog 26,5 meter verder.
De achterband is steeds de Schwalbe Kojak, ook op 6 bar.
De conclusies zijn duidelijk. De Tioga Comp Pool heeft de laagste rolweerstand, gevolgd door de Avocet met de Marathon Racer op de derde plaats. In cijfers:
Schwalbe Marathon Racer
Uitrol afstand 356,25 meter
Avocet Freestyle
Uitrol afstand 376,15 meter, 19,9 meter of 5,6% verder dan de Marathon Racer
Tioga Comp Pool
Uitrol afstand 402,65 meter, 26,5 meter of 7,1 % verder dan de Avocet Freestyle en 46,4 meter of 13% verder dan de Marathon Racer
Wim - en nu de Greenspeed Sorcerer nog zien te vinden - Schermer
Labels:
bandentest
dinsdag 7 augustus 2007
Racekap sneller of .......?
Vanmiddag om 16.00 uur is het bijna windstil, een goed moment om het verschil te testen tussen racen met de racekap en zonder. Ik heb een paar weken geleden de racekap van Bob Vroegh te leen gekregen om te gebruiken tijdens de tijdrit op Texel. Nou heb ik gemengde gevoelens over de racekap. Vorig jaar had ik ook een racekap te leen van Velomobiel.nl. Toen begon het op Texel vlak voor het begin van de wedstrijd te regenen. Ik kijk maar met één oog en een racekap die van binnen beslaat en van buiten vol met regendruppels zit is niet te gebruiken. Ik heb op het laatste moment de racekap eraf gehaald en met de schuimkap geracet. De gemiddelde snelheid was ruim 46 km/u, redelijk goed gezien de extreme wind omstandigheden. De zoektocht naar hogere snelheden betekent dat er toch naar een betere stroomlijn moet worden gezocht.Ik rij met de kap op naar het 4 kilometer lange snelle fietspad langs de Provinciale weg van Castricum naar Uitgeest. Eerst rij ik met de kap op met het vizier geheel open. Dit geeft een heerlijke frisse luchtstroom en rijdt heel comfortabel. Ik accelereer steeds naar 50 km/u en probeer dat vast te houden. Vervolgens lees ik continu mijn hartslag af. In Uitgeest keer ik op het station en met 35 tot 40 km/u rij ik rustig weer terug naar Castricum. Vervolgens doe ik twee runs met het vizier helemaal dicht. Dit levert twee hartslagen minder op. Wel zweet ik als een otter.
De derde run besluit ik met een terugtocht die tegen wind ook op 50 km/u wordt gehouden.
Een korte samenvatting:
Alle ritten wordt geaccelereerd gedurende de eerste twee kilometer naar 50 km/u. De laatste twee kilometer hou ik die snelheid vast en lees continu mijn hartslag af.
Rit 1 met kap en vizier open: hartslag 148
Rit 2 met kap en vizier gesloten: hartslag 146
Rit 3 met kap en vizier gesloten: hartslag 144
De retourrit met kap en gesloten vizier tegen wind vereist hartslag 148.
En dan nu zonder racekap en met MTB helm op. De 'proof is' tenslotte 'in the pudding'. Ik leg de racekap bij de kruising bij Limmen in het gras en vertrek voor de eerste run naar Uitgeest. Direct valt op dat de koeling helemaal in orde is. Het accelereren naar 50 km/u verloopt vlotter en al na een kilometer zit ik op 50 km/u. De hartslag is eventjes 144, maar daalt daarna naar 142 en is vlak voor Uitgeest zelfs 140. Ik heb wel het gevoel dat de wind iets is aangetrokken, maar veel kan het niet schelen. Ik maak nog een run en weer lees ik bijna dezelfde waarden af. De laatste run rij ik ook tegen wind 50 km/u en lees een gemiddelde hartslag af van 148.
Samengevat:
Rit 4 met schuimkap en MTB helm hartslag 144 afnemend naar 140, gemiddeld 142
Rit 5 met schuimkap en MTB helm hartslag 144 afnemend naar 140, gemiddeld 142
Retourrit als boven resulteert in een hartslag 148.
Wat is nu de conclusie? Die is best verrassend. De racekap levert mij, in ieder geval vandaag, slechts nadeel op. Hoe kan dit nou? Een paar mogelijke oorzaken zijn:
-het rijden met de kap geeft extra spanning en dus een hogere hartslag
-het is met 23 gr. C. en hoge luchtvochtigheid snel bloedheet in de fiets
-de racekap is door de constructie met het te openen vizier onvoldoende aerodynamisch
-de racekap is na een reparatie extra zwaar en vertraagt de acceleratie
Een punt in het voordeel van de schuimkap is dat deze heel precies past in het randje van het instapgat. Dit komt doordat ik precies ter hoogte van de beide spiegels door Velomobiel.nl een tweetal extra klittenbandsluitingen heb laten aanbrengen. De passing verbetert hierdoor sterk en dus zullen er daar ook minder wervelingen ontstaan. Als gevolg is de rand waar ik met mijn hoofd uitsteek relatief hoog, ik kan er net boven uitkijken. De tijdrithelm geeft merkbaar meer weerstand dan de veel kleinere MTB helm van 'Rudy Projects'.
Al met al denk ik niet dat de racekap me in wedstrijden iets zal opleveren. Vooral de snel oplopende hitte in de fiets bij gesloten vizier, vermindert mijn prestatieniveau merkbaar. Het verlies aan vermogen door de warmte wordt in ieder geval niet gecompenseerd door de betere stroomlijn. Zou dit ook een rol hebben gespeeld bij de WK in Zolder? Ik zag daar ook de cracks Ymte en Hans zonder racekap rijden....
Voor mij geen kap meer dus.
zondag 5 augustus 2007
Rondje Beemster en geblinddoekt roeien





Vanmorgen vertrek ik om kwart over elf voor een rondje Schermer en de Beemster. Bij de pont in Akersloot is het verschrikkelijk druk. Ik moet twee rondjes wachten voor ik meekan. Had ik ook wel kunnen bedenken, Nederland gaat fietsen als het mooi weer is. Daarom ga ik over de pont niet rechtsaf, maar linksaf. Door de Schermer fietst vrijwel niemand, heerlijk. Bij Schermerhorn ga ik richting Ursem en vervolgens richting Hoorn. Tussen Ursem en Avenhorn staat al sinds jaar en dag een stenen paal met een felgekleurd paard, een eenhoorn, erop. Ik stop en maak een paar foto's. Het blijkt een banpaal te zijn die aangeeft dat je hier het rechtsgebied van Hoorn binnenrijdt. Het wapen is van Hoorn. Normaal rij je hier flink door, maar het oponthoud is de moeite waard.
Via Beets en Oosthuizen rij ik dwars door de Beemster over de Nekkerweg naar Spijkerboor. Het is gezellig druk aan de overkant bij het restaurant. Dat laat ik links liggen en zet koers naar Oost- en West-Graftdijk. Bij het binnenrijden van Oost-Graftdijk schat ik de hoogte en steilte van de verkeersdrempel verkeerd in en maak een korte vlucht.
Ik ga even naar De Woude waar de kermis in volle gang is. Er worden veel evenementen georganiseerd. Op het moment dat ik aankom is het geblinddoekt roeien aan de gang. Met zijn tweeën in een roeiboot zo snel mogelijk een parcours van 50 meter afleggen is natuurlijk een prima recept voor hilarische momenten. Volgend jaar, als ik er ook woon, mag ik meedoen :).
Ondanks de hoge temperatuur van 29 gr. C. heb ik het geen moment te warm.
Op weg naar de pont in Akersloot rij ik even 63 km/u, dat doe je niet als je oververhit ben. Bij de pont staan tientallen wachtenden. Net als ik op het punt sta maar om te keren en via De Woude, Krommenie en Uitgeest naar huis te fietsen, vaart een speedboot over de over het water gespannen kabel van de pont. Nu zal de kabel eerst geïnspecteerd worden, dus nu maar meteen rechtsomkeert.
Ik zou voor drie uur thuis zijn en pak de telefoon om het thuisfront enige vertraging te melden. Helaas, batterij leeg. Ik geef dan ook maar flink gas om de vertraging te beperken. Een brommer passeert me met 45 km/u. Ik pik aan en volg de bestuurder, een oudere man, tot aan De Woude. De man vertraagt en roept 'je gaat harder dan 45'. Ik beaam dit en neem het smallere fietspad naar Krommenie. Veel fietsers halen de snelheid eruit.
Pas op het mooie fietspad naar Uitgeest kan de snelheid weer opgevoerd worden. De wind komt achterlijk in en snelheden tussen 55 en 58 km/u komen op de teller. Zou het aan de nieuwe banden liggen? Ik heb sinds enkele dagen de Avocet banden om de voorwielen. Iets minder comfortabel dan de onvolprezen Tioga Comp Pool, maar de snelheid lijkt aardig overeen te komen.
85 km totaal nu 2470 km.
zaterdag 4 augustus 2007
Camera- VR of niet - in Quest



De vaste lezers weten dat ik iedere tocht een camera mee neem. Momenteel is het de Nikon D40X met het 18-200 mm VR objectief. Deze camera, en vooral de lens, zijn te kostbaar om zo maar los op de bodem van de Quest te leggen. Bij remmen stoot de camera tegen de bidonhouder en in ieder geval rammelt het camerahuis tegen de zijkant van de stoel. Een camera in een tas is zinloos, voor ik de camera gebruiksklaar heb, is het meestal niet meer nodig.Daarom heb ik een comfortabele behuizing gemaakt van iBiliet, het materiaal dat wordt gebruikt voor het maken van zitmatjes op de Challenge ligfietsen. Met een Stanleymes snij ik alles in het goede model en met Bisonkit lijm ik het aan elkaar. Met grof schuurpapier maak ik overal ronde randen aan.
Ik leg de camera op zijn zij in het bakje en kan hem zo snel pakken en weer terugleggen.
In mijn verlangen naar een zo licht mogelijke camera, heb ik inmiddels twee compact camera's 'versleten'. De Canon Powershot S70 is uitstekend, maar mist een behoorlijke zoom en heeft geen vibratie reductie. De Olympus SP550Z heeft wel zoom en ook vibratie reductie, maar werkt traag en is bij de lange brandpuntsafstanden niet perfect. De nieuwe Nikon D40X heb ik geprobeerd met de standaard lens. Prima scherpe lens, maar alle rijdende opnamen mislukken. De 18-200 VR is een wereld van verschil. De vibratie reductie werkt echt en alle rijdende opnamen zijn scherp, zelfs al rij ik ruim boven de 50 zoals vorige week op de Afsluitdijk. Een belangrijk nadeel kan zijn dat je bij een reflexcamera tijdens het rijden niet het beeld ziet op het LCD scherm. Je moet dus door de zoeker kijken of je moet het gewoon gokken. Dat laatste gaat me goed af.
Het is bijna donker als ik ter vergelijking twee foto's maak van een tuinstoel. Eén met de 18-200 VR en de andere met de 18-55 mm lens. De opnamen zijn staande uit de hand gemaakt met 1/2 seconde belichtingstijd. Met iedere lens zijn drie opnamen gemaakt, de beste van de beide series staan hiernaast. De foto's zijn sterke deelvergrotingen en zonder correctie geplaatst. De bovenste is met de VR lens gemaakt, de onderste met de 18-55 mm lens.
Reken er overigens niet op dat je met een 1/2 seconde dezelfde scherpte bereik als ik. Zonder arrogant te willen zijn, ik heb een zeer vaste hand en maak altijd al scherpe opnamen met 1/8 seconde. De VR in de Nikon 18-200 mm lens haalt daar nog eens 3 stops van af.
zondag 29 juli 2007
Met Meindert Valenteyn de Afsluitdijk over (2)




De felicitaties vallen Meindert ten deel en de Nederlandse vlag wordt ontrold. Er is champagne en Meindert is door het dolle. Na een half uur gaan we weer terug naar Den Oever. Onderweg stopt Meindert bij twee vrouwelijke wandelaars en vertelt zijn verhaal weer. Ze zijn onder de indruk en we gaan weer en route. We rijden twee ligfietsers achterop, één met een trike, de ander, zijn vrouwelijke partner, met een handbike. Het blijkt Ronald Wessels te zijn en zijn vrouw/vriendin van Plat Zwolsch. Ze vragen of ik Paulus den Boer ken en of ik wat foto's naar Paulus wil sturen. Gebeurt natuurlijk. Ze gaan niet hard, maar wat een prestatie om met een handbike zo'n rit tegen windkracht 5 tot 6 te volbrengen. Hulde!
Bij het monument van Ir. Lely stoppen we even voor een foto. Ook hier zijn natuurlijk bewonderaars, in dit geval Japanners, waar Meindert zijn verhaal kwijt probeert te raken. Dit gaat met handen en voeten.
Ik heb lang voorop gereden met gemiddeld 38 km/u. Meindert neemt over en kan nog harder, namelijk 41 km/u. Moet je je voorstellen, de man heeft er meer dan 2000 km opzitten en ramt er dan nog met die snelheid van langs. Ik kan wel goed volgen, al staat de hartslagmeter tussen de 155 en 160.
Bij Den Oever is het een drukte van belang. Alle familieleden en vrienden zijn er en Meindert wordt geïnterviewd door het Noord-Hollands Dagblad.
We drinken een biertje en het is gezellig.
Om half vijf neem ik afscheid van de familie en Meindert ziet me graag een keer in Ooster Blokker.
De rit terug is pittig, de wind is tegen en ik heb al met al een half uur meer nodig dan vanmorgen. Om 19.00 uur ben ik thuis.
Prachtige dag, prachtige kerel, prachtig fietsen.
193 km
zaterdag 28 juli 2007
Met Meindert Valenteyn de Afsluitdijk over




Vanmorgen rij ik naar Den Oever. Meindert Valenteyn rijdt vandaag de 75ste keer in één week de Afsluitdijk over. Daar wil ik wel even kijken en eventueel meerijden. Om 11.00 uur zit ik in de Quest en hoewel TomTom Navigator me westelijk van Alkmaar stuurt, ga ik lekker via Akersloot, het pontje en daarna oost van Alkmaar. Na de pont in Akersloot is het fietspad tot Alkmaar opnieuw geasfalteerd, een biljartlaken gelijk. De route is tot de afslag bij Middenmeer bekend, daarna niet meer. De weg wijst zich vanzelf, na Middenmeer en Hypolytushoef komt na 64 km en precies twee uur rijden Den Oever in zicht. Al van verre zie ik een Quest staan en even later wordt ik verwelkomd door Kees Schouten en Meindert Valenteyn. Hij ziet eruit als een grote Erik de Noorman, met een woeste haardos en een groot lichaam. Dat is deze week wel gesleten van 106 kg naar 98 kg. Meindert heeft een zwachtel om zijn linker voet en enkel, de 2000 km zijn niet ongemerkt voor zijn lijf gebleven. Hij heeft drie jaar geleden een vernietigend ongeval gehad op zijn ligfiets. De stukken chirurgisch staal moeten daar nog van verwijderd worden.
Ik maak kennis met de hele familie Valenteyn, vader, moeder, vrouw en kinderen. Zijn zoon Bas rijdt mee naar de overkant op een oude ligfiets van Meindert. Het voortandwiel heeft 92 tanden, dus hard moet ie kunnen.
Ik hoor van de omstanders dat Meindert als een razende rijdt en in één uur en tien minuten weer terug is. Dat belooft wat. Ik vraag aan Meindert of ie met een oude man als mij rekening wil houden. Hij glimlacht. Meindert rijdt met de Quest van Ymte Sybrandy van Velomobiel.nl.
Om tien over half twee rijden we met zijn drieën over de sluizen en Meindert geeft gas. In no-time gaat het 48 km/u per uur en even later zelfs ruim 50 km/u. Zijn zoon kan dat nauwelijks volgen en we rijden even rustig, nou ja rustig, 46 km/u. De wind komt van schuin achter en is met kracht 5 tot 6 pittig.
Meindert vindt een snelheid van 45 km/u niks en hij versnelt. Het valt me op dat ie heel licht rijdt, hij heeft voor Vredestein HPV banden en achter een Schwalbe Kojak. Nu zijn zoon ons toch niet meer kan volgen, gaat het gas er echt op. De teller wijst voortdurend 57 tot 58 km/u aan. Ik lees 160 Bpm af op mijn hartslagmeter. Veel harder kan het niet. Wel kan ik nog even versnellen tot 60 km/u, maar dan beland ik in het rood en laat me weer afzakken naar Meindert. Die grijnst dat het met die oude man wel meevalt.
We zijn zo snel dat de hele begeleidende karavaan die gelijk met ons per auto is vertrokken uit Den Oever, er nog niet is als we de Afsluitdijk over zijn. We rijden door naar Zürich en daar komt het hele stel even later aan.
maandag 23 juli 2007
Beemster, koeien en avondlicht




Vanavond om half acht zit ik in de Quest om nog een lekker stuk te fietsen. Overdag waren er veel buien en in de middag waren er andere verplichtingen. Het is mooi zonnig en het lage licht vind ik prachtig. Voor mijn vrouw Marian moet ik een koeienfoto maken, op naar de Beemster dus. Allereerst naar de pont in Akersloot. Gisteravond kwam ik daar om 22.05 uur aan, 5 minuten te laat. De pontbaas was nog op de pont en vroeg wat ik er voor over had om overgezet te worden. Deze vorm van afpersing laat ik me niet gebeuren, draai de fiets om en rij via De Woude, Krommenie en Uitgeest naar huis.Nu is pontbaas Amid, hij noemt mij ome Wim, op de pont aan het werk. Ik vertel het verhaal van gisteren en hij zal zijn collega de oren wassen.
Na de pont waait de lichte wind me in de rug en met hartslag 130 rij ik 46 km/u, heerlijk. Een groot voordeel van deze avondlijke tochten is de geweldige rust. Er zijn geen fietsers, geen wandelaars, geen honden, ideaal.
Na het rustige De Rijp ga ik linksaf de Westdijk op. Het lage licht is wonderschoon en veegt als het ware over korenvelden, graslanden en accentueert de koeien en schapen. In Noord-Beemster loopt een aantal pinken, dit zijn jonge koeien, in de wei. Ik stop en loop met de camera naar de 'jonge meiden' toe. Ze zijn enorm nieuwsgierig en ik klim over het hek om wat foto's te maken. Dat lukt heel aardig, mijn vrouw zal tevreden zijn. Na tien minuten is de nieuwsgierigheid van de pinken bevredigd en ze sjouwen achter elkaar weg. Als ik terugloop naar de Quest staat ie er wel heel mooi bij. Ondanks het lage licht is de schaduwkant mooi verlicht. Ik waag er maar een plaatje aan, mooi voor de verkoop volgend jaar :).
Dan rij ik naar Midden-Beemster waar de kermis in volle gang is. Ik ken de omweg en ben snel weer op de route naar De Rijp. Onderweg lopen een aantal dikbillen in de wei. Met de kerk van Noord-Beemster op de achtergrond een sfeervol geheel.
Ik kan het niet laten om even langs De Woude te fietsen. Bij eetcafé De Woude drink ik een Espresso en rij weer naar de pont. Op de pont staan twee echtparen waarvan de heren, geen heren blijken te zijn. Ze zijn 'fully loaded' en duwen de Quest dwars door de remmen vooruit. Ik zeg dat ze er vanaf moeten blijven en dat helpt.
Ik kan nog net de pont in Akersloot halen, maar besluit toch rechtsaf te slaan en via Krommenie en Uitgeest naar huis te rijden. Goede beslissing, de ondergaande zon levert mooie beelden op. Er ontstaat damp boven de velden en het kleurverloop op de horizon is adembenemend. Ik maak een paar foto's, weer van koeien, al kun je de koeien niet zien, maar wel hun reflecties in het water.
Mooie trip.
70 km, totaal nu precies 2000 km.
zondag 15 juli 2007
ALF halve Fortentocht



Vanmorgen al om half zeven uit de koffer om de Fortentocht te rijden. Het weer is rustig, de zon schijnt waterig door een dun wolkendek. Het is 17 graden en met een lichte zuid-oosten wind gaat het richting Centraal Station in Amsterdam. Om tien over acht vaart de pont over het Noordzeekanaal net weg. Om half negen vertrekt ie weer, nu met de Quest aan boord. Een kwartier later arriveer ik voor het Centraal Station. Daar is het al een drukte van belang. Verschillende nieuwe liggers zijn aanwezig. Ik maak met iedereen kennis en maak een paar foto's van een Chinees meisje in een nieuwe Go-One. Direct na negenen gaat de groep onderweg, dwars door de stad. Even later passeer ik voor het eerst de prachtige brug over het Amsterdam Rijnkanaal. In Muiden sluit een tweede groep liggers aan. Ik zie drie tandems waaronder die van Marcel en Wendy Vriezekolk en Gerold Ormel en Maartje Nonhebel. Ook Ben Wiggers met zijn Mango en Theo van Goor met zijn 3x26 Quest zijn van de partij.
Het tempo ligt tussen 26 en 29 km/u, iets hoger dan vorig jaar. Bert Gazendam krijgt een lekke band die hij in 5 minuten repareert. In Abcoude wordt er traditioneel opgestoken voor koffie met appelgebak.
Aan de westelijke hemel wordt het donkerder en donkerder. Daar moeten we wel naar toe. We zijn nog niet onderweg of het begint te spetteren. Er wordt een schuiladres gevonden en het begint onbedaarlijk te regenen. Donder en bliksem zijn niet van de lucht. Ik kan niet zo gauw de afsluitdop van de schuimkap vinden, daarom maar een regenjack over de opening gelegd. Na een minuut of twintig wordt de regen minder en wordt de groep, totaal 20 fietsers, onrustig. Een aantal houdt het voor gezien en maakt rechtsomkeert. Ook gaan er enkele door met de tocht. Regen is niet mijn gewenste biotoop, en als ik hoor dat de regenzone 30 km breed is, geef ook ik de pijp aan Maarten. Een bui is niet erg, maar lang in de regen rijden is niet aan mij besteed. Komt ook omdat ik met Tioga Comp Pool banden om de voorwielen rij. Met regen willen die wel lek.
Mark-Jan stopt ook en gaat noordwaarts. We rijden even samen op, maar Mark-Jan rijdt langzaam, hij krijgt veel water in zijn nek door de spatbordloze wielen. Ik rij alleen verder en ben snel de weg kwijt. Na een tijdje krijg ik het Arena stadion in Amsterdam Zuidoost in beeld, tijd voor de GPS. Ik zet de GPS muis aan start TomTom Navigator 6 op. Dat helpt en ik heb snel de goede koers naar Amsterdam gevonden. Af en toe moet ik door heel diepe plassen rijden, ook hier heeft het heel hard geregend. Ik rij dwars door Amsterdam en zie dat de GPS dezelfde route door de stad voorstelt als ik normaal al rij, prima dus.
Benoorden Amsterdam houdt de regen op maar ik hou de schuimkap erop om niet koud te worden. Bij Uitgeest krijg ik nog een lichte bui en om half 3 ben ik thuis. Jammer dat de mooie route niet uitgereden is.
Thuis blijken de servers van buienradar.nl door een kortsluiting te zijn getroffen, reden waarom we onderweg geen goede afbeeldingen van de buien konden krijgen. Al met al is het verder redelijk goed weer gebleven en hebben de doorbijters gelijk gekregen. Volgend jaar beter, met mogelijk een stop op De Woude?
120 km
vrijdag 13 juli 2007
Extra Nikon camera
De regelmatige lezers weten mogelijk dat ik van huis uit professioneel fotograaf ben. Ik vind het leuk om onderweg aardige foto's te maken. Alleen tekst is ook maar tekst en foto's verlevendigen een blog.Als reiscamera had ik voorheen een Canon Powershot S70 in de Quest. Technisch en optisch een juweeltje. De beperking van dit toestelletje is de 3x zoom waardoor verder af gelegen objecten niet dichterbij kunnen worden gehaald. Daarom werd de Olympus SP550UZ de opvolger. Deze camera heeft een gewicht van 365 gram en een zoombereik van 28 - 504 mm. Tot zover prima. Na het maken van de eerste paar honderd foto's maak ik de balans op van de SP550UZ. Die is op bepaalde punten prima. De scherpte, belichting en kleur voldoet gemiddeld prima. Echter, aan de uitersten van de zoominstelling stelt de camera teleur. Bij groothoek opnamen waarop een horizon te zien die onder in beeld komt, is de kussenvormige vertekening ernstig. Uiteraard kan ik dit goed corrigeren in Photoshop met het filter 'Spherize', maar dat is omslachtig. Op de tele instelling 504 mm is de scherpte en kleurweergave onder de maat. Er treedt tamelijk veel asferische vertekening op, in mijn geval ontstaan er groene en paarse randen langs de contouren van de objecten op de foto. Overkomelijk maar wel hinderlijk is het moeizame scherpstellen op de langere brandpuntsafstanden.
Vraag is, wist ik dit dan niet? Eerlijk is eerlijk, ja dat wist ik. www.dpreview.com heeft het in zijn test helder opgeschreven. Nou hoeven de beperkingen van de camera voor de meeste gebruikers geen probleem te vormen, enkele kennissen van mij zijn zeer te spreken over de SP550UZ, maar op fotografisch gebied ben ik nou eenmaal een verwend kind. Ik heb een Nikon D200 met 18-200 mm zoom. Deze combinatie weegt maar liefst 1,7 kg, te zwaar om in de Quest te vervoeren.
Daarom heb ik vanavond de uitstekende en maar 500 gram lichte Nikon D40X besteld. Nikon geeft 90 euro terug dus is het toestel met 10.2 miljoen pixels redelijk betaalbaar. Met de 18-200 mm VR lens weegt deze camera net één kg. Voor een tientje meer levert cameranu.nl de 18-55 mm standaard kitlens mee.
Jullie zullen de resultaten snel zien.
zondag 8 juli 2007
Rondje Noord-Holland




Vandaag beloven alle weerprofeten uitstekend fietsweer. Daarom ben ik om half tien buiten om een rondje Noord-Holland te rijden. Gisteren zijn de zachte banden, rechtsvoor had nog maar 4 bar, opgepompt. Het is inderdaad prachtig zonnig weer, windje 3 tot 4 uit het westen. Tot Heiloo blijf ik op het fietspad, de knieën moeten rustig op temperatuur komen. In Heiloo rij ik op de rijbaan en om de automobilisten niet al te zeer op de proef te stellen, bedien ik ze met een snelheid van 40 km/u. In Alkmaar is het erg rustig en sta ik 3 cycli van de verkeerslichten af te wachten. Op fietsen reageert het systeem kennelijk niet en er komen geen auto's aan. Te gek eigenlijk. Daarom maar door het rode licht.
Noordelijk van Alkmaar komt de wind iets voorlijk in en de snelheid van 36 km/u is comfortabel. Na precies anderhalf uur ben ik op mijn vaste pleisterplaats het Texaco tankstation bij de Kooi. Ik lees de hartslagmeter af en zie een gemiddelde hartslag van 109, een maximum van 132. De gemiddelde snelheid is 30,4 km/u. Al met al echte toerwaarden. Een tweetal Honda motorrijders komen naast de Quest staan. Ze missen zonnecellen op mijn Quest. Als ik zeg dat er toch gefietst moet worden en dat ik één boterham op 45 km rij, starten ze hun zware machines en vertrekken naar Texel.
Op het mooie fietspad langs het Amstelmeer heb ik de wind in de rug. Ik kan mezelf niet in de hand houden en ik zet zonder voorbereiding aan en geef gas. Al snel vliegt de hartslag omhoog om uiteindelijk op 172 uit te komen. Ik schrik er zelfs een beetje van, zo'n hoge waarde heb ik nog nooit afgelezen. De snelheid op dat moment is 59 km/u en ik reduceer de snelheid tot normale proporties.
Onderweg kom ik totaal 5 ligfietsers tegen, een hoge score. Om half één rij ik de haven van Den Oever op en eet mijn eerste twee broodjes op. Terwijl ik mijn lunch geniet komt Fred-Jan Twigt, de Bergense ligfietshandelaar, aanlopen. Hij heeft hier zijn zeilboot liggen en gaat met zijn gezin zeilen. Het is prachtig helder weer en ik verwacht straks Friesland goed te kunnen zien. De weg naar Medemblik is met Anouk op de hoofdtelefoon snel afgelegd.
Tijdens de koffie bij restaurant Kwikkel komt Kees Schouten aanlopen. Kees is samen met zijn vrouw bij ligfietshandelaar Ted de Lange aan het kijken naar een ligfiets. We drinken samen koffie. Haar elektrisch ondersteunde fiets is gestolen en nu lijkt de keus op een Burley te zijn gevallen. Ted heeft een laatste partij van deze lange wielbasis fietsen gekocht en biedt ze voor aantrekkelijke prijzen aan. Ze kan er goed op fietsen en wij rijden samen een stukje richting Wervershoof. Een stel aso's in een oude Amerikaanse auto maken veel misbaar en willen dat we van de rijbaan afgaan. We mogen er gewoon rijden en gaan lekker door. Het tempo ligt uiteraard niet hoog en na het maken van een foto versnel ik en blijf op de dijk rijden. Tot twee keer toe vinden tegenliggers dat ik te hard rij. Echt niet, met rugwind en 30 km/u gaat het heel rustig. Verder gaan de vele fietsers keurig op tijd aan de kant.
Bij Andijk maak ik een paar foto's van Stavoren in Friesland. Het is zo helder dat ik op de originele foto's de masten van de traditionele zeilschepen kan tellen. De afstand is toch echt 17 km, ongelofelijk.
Ik geniet van de prachtige heldere vergezichten en van de mooi uitwaaiende wolken, een teken dat slecht weer op komst is.
Voorbij Enkhuizen rij ik de IJsselmeerdijk weer op. Het is hier nog drukker en regelmatig moeten de remmen er aan te pas komen. Ik sluit aan bij een drietal wielrenners. Ze rijden 33 km/u en ik passeer ze langzaam. Eén renner komt achter me aan, nou dat zullen we eens zien. Ik versnel voortdurend en ik zie tot mijn verbazing dat ie tot 45 km/u mee kan. Ik kan nog wat harder en bij 49 km/u is de renner al een stuk achter me.
Voorbij Hoorn sla ik rechtsaf richting Avenhorn. In de Mijzenpolder komen honderden ganzen aanvliegen, het hele luchtruim is vol geluiden van de gakkende graseters. Als door een verkeersleider gestuurd, vliegen ze 'downwind', maken een 'baseleg' en landen 'final' tegen wind.
Ik ga even naar De Woude en drink een biertje, goddelijk.
Om zes uur ben ik weer thuis. Een heerlijke fietsdag die ondanks het gebrek aan lange afstandstraining, prima en zonder fysiek ongerief is verlopen. Volgende week de Fortentocht, 250 km met ALF.
173 km, totaal 1600 km.
zondag 1 juli 2007
Sigma hartslagmeter
Hoewel de Polar Tempo de hartslag goed weergeeft, kan ie niks anders. Daarom maar rondgeshopt op hartslagmetershop.nl. Sigma heeft een nieuwe serie hartslagmeters uitgebracht, de Onyx reeks. Ik wil een betaalbaar systeem met digitaal zendende borstband. Ik vind het leuk om de maximum hartslag, de gemiddelde hartslag en de verstookte calorieën te kunnen aflezen. Verder wil ik een stopwatch om te kunnen zien wanneer het uur van een wedstrijd achter de rug is. Er zijn een flink aantal trainingen in het geheugen op te slaan. Uiteraard kan de meter ook de huidige tijd weergeven.Ik ben niet geïnteresseerd in koppelingen met de computer.
De Sigma Onyx Fit, prijs bij hartslagmetershop.nl 75 euro, tijdelijk met een gratis felgeel gekleurd hesje, lijkt een goede keus. De borstband zit prettig en het horloge is licht. De hartslag is goed afleesbaar, al is het scherm geen LCD, maar een soort activ matrix.
Vanmiddag rij ik een trainingsrondje met de nieuwe hartslagmeter. Het apparaat doet goed wat het moet doen. Ik probeer een maximale hartslag op de meter te krijgen. Dit blijkt 162 te zijn, maximum fietssnelheid 53,5 km/u, met de harde wind dwars in niet slecht. Voor de 33 km heb ik 421 kcal nodig.
Totaal nu 1450 km
zaterdag 23 juni 2007
Hartslagmeter weer kapot en racekap
Ik heb een haat-liefde verhouding met hartslagmeters. Na de Polar A5 heb ik de eerste digitale Ciclo CP23 gehad. De Polar had in de Quest last van de inwendige reflectie van de signalen vanaf de borstband. De Ciclo deed het vaker niet dan wel. Daarna een Nike Triax C10 gebruikt. Hoog batterijenverbruik en roest in het interieur van de borstband. Op de amerikaanse testsite voor fietsen bij URL http://www.mtbr.com/reviews/Heart_Rate_Monitor/product_72514.shtml wordt deze Nike de grond ingeboord. Terecht.
Ik wil evenwel graag een hartslagmeter gebruiken. Daarom maar terug naar de basis. Bij mijn SportsArt 5007, een hometrainer die min of meer als een ligfiets is in te stellen, hoort een heel eenvoudige Polar Tempo hartslagmeter. Ik zoek de oude Polar T31 en de gecodeerde Polar Wearlink borstbanden op en probeer deze spullen. Geloof het of niet, ondanks het feit dat ze al jaren niet meer gebruikt zijn, werkt alles perfect.
Ik probeer de beide borstbanden en ze doen het beide goed. Ik zie dat mijn conditie nu weer op orde is, de hartslag in rust is 49. 's Morgens zal deze dan 45 bedragen. Lager kan wel, maar dan ligt overtraining op de loer. Ook is een bezwaar bij een te lage rusthartslag dat als je snel opstaat, er duizeligheid kan optreden.
Tot mijn verrassing werkt de Polar Tempo ook in de Quest zonder mankeren. Zelfs langs de spoorbaan blijft deze combinatie werken.
Ik rij vanmiddag naar De Woude. De wind komt van rechts in en de zon schijnt. Het rijdt bijzonder gemakkelijk. De hele weg van Uitgeest naar Krommene staat de snelheidsmeter op 45 km/u en de hartslagmeter op 124. Het voelt uitstekend aan en dit is natuurlijk uren vol te houden.
Eerder vanmiddag rij ik naar Optima in IJmuiden. Bob Vroegh wil me zijn racekap uitlenen voor de tijdrit op Texel op 1 september. Bob heeft de kap voorzien van een openklapbaar vizier. Dit is veel beter dan de kappen met een vaste ruit en een klein ventilatiegaatje. Deze kappen beslaan snel van binnen en als het regent zie je niks meer.
Om 12.00 uur ben ik bij Optima. Bob komt even later in de Aerorider aan. Leuke Velomobiel, maar duidelijk nog in ontwikkeling. Er staat tenminste 5 cm water op de bodem van de fiets. Een gaatje ontbreekt, er is dus nog niet met veel regen gefietst.
Totaal nu 1330 km.
Ik wil evenwel graag een hartslagmeter gebruiken. Daarom maar terug naar de basis. Bij mijn SportsArt 5007, een hometrainer die min of meer als een ligfiets is in te stellen, hoort een heel eenvoudige Polar Tempo hartslagmeter. Ik zoek de oude Polar T31 en de gecodeerde Polar Wearlink borstbanden op en probeer deze spullen. Geloof het of niet, ondanks het feit dat ze al jaren niet meer gebruikt zijn, werkt alles perfect.
Ik probeer de beide borstbanden en ze doen het beide goed. Ik zie dat mijn conditie nu weer op orde is, de hartslag in rust is 49. 's Morgens zal deze dan 45 bedragen. Lager kan wel, maar dan ligt overtraining op de loer. Ook is een bezwaar bij een te lage rusthartslag dat als je snel opstaat, er duizeligheid kan optreden.
Tot mijn verrassing werkt de Polar Tempo ook in de Quest zonder mankeren. Zelfs langs de spoorbaan blijft deze combinatie werken.
Ik rij vanmiddag naar De Woude. De wind komt van rechts in en de zon schijnt. Het rijdt bijzonder gemakkelijk. De hele weg van Uitgeest naar Krommene staat de snelheidsmeter op 45 km/u en de hartslagmeter op 124. Het voelt uitstekend aan en dit is natuurlijk uren vol te houden.
Eerder vanmiddag rij ik naar Optima in IJmuiden. Bob Vroegh wil me zijn racekap uitlenen voor de tijdrit op Texel op 1 september. Bob heeft de kap voorzien van een openklapbaar vizier. Dit is veel beter dan de kappen met een vaste ruit en een klein ventilatiegaatje. Deze kappen beslaan snel van binnen en als het regent zie je niks meer.
Om 12.00 uur ben ik bij Optima. Bob komt even later in de Aerorider aan. Leuke Velomobiel, maar duidelijk nog in ontwikkeling. Er staat tenminste 5 cm water op de bodem van de fiets. Een gaatje ontbreekt, er is dus nog niet met veel regen gefietst.
Totaal nu 1330 km.
zondag 17 juni 2007
Amsterdamse liggers

Vanmorgen om 8.05 uur zit ik in de Quest om met ALF, de Amsterdamse liggers, een rondje te fietsen. Het is zwaar bewolkt en het regent heel licht. Volgens buienradar.nl zal het tegen tienen ophouden met regenen. Ik ga op weg en hoop dat de lekgevoelige Tioga Comp Pool banden niet lek raken. Ik begin rustig, het waait Bft 4 uit het zuidwesten, en ik heb alle tijd. Buiten Uitgeest rij ik evenwel al 40 km/u en dus rij ik om 8.50 uur al de pont in Zaandam op. Het regent nu flink en even droog staan onder de overkapping van de pont is prettig. Om 9.25 uur sta ik al op het Museumplein en ben uiteraard de eerste.Het duurt tot na 10.00 uur voor de tweede deelnemer, Marijn met een Flevobike arriveert. We gaan koffie drinken in de brasserie en zien door de ramen dat ook Mark-Jan Bastian arriveert. 3 man, da's toch wel een heel magere score. Om 10.25 uur, we staan op het punt maar weer naan huis te gaan, komt Eric Miedema nog snel aangereden. Heeft een lekke band gehad en heeft die moeten plakken.
Het blijft regenen en het is onaantrekkelijk om tegen regen en wind naar het zuiden te rijden. Ik stel voor naar het noorden te rijden en evt. op De Woude te pauzeren. De andere fietsers willen de stolp wel zien en we zetten koers naar het noorden. Marijn, we spraken even over de slipgevoeligheid van zijn Flevobike, heeft even later te laat in de gaten dat we voor een rood stoplicht remmen en glijdt onderuit. De ketting is eraf maar hij heeft zich gelukkig niet bezeerd. Mark-Jan zoekt een weg door de stad met tramrails erin, niet de goede biotoop voor een ligfiets. Een taxichauffeur toetert omstandig als ie achter me moet blijven, hij doet maar.
Vlak voor de pont over het Noordzeekanaal begint het echt hard te regenen. Gelukkig komt de pont net aanvaren en we snellen aan boord. Onder de overkapping kijken we naar de neerplenzende regen. Aan de overkant is de regen op en met het eerste zonnetje kunnen de jassen uit en rijden we gevieren over het mooie asfalt noordwaarts.
Bij Krommenie slaan we rechtsaf om via het industrieterrein Wormerveer naar De Woude te fietsen. De pontbaas vindt het OK dat ik de volgende keer de overtocht voor de medeliggers afreken. Ik heb de goedkope 50-rittenkaart helaas niet bij me. De mannen kijken even later rond in en om de stolp en zien dat er voldoende Quests in de garage passen :). Marijn gaat terug naar huis.
Bij het aanpalende Eetcafé De Woude eten we wat en genieten aan de waterkant van de langsvarende bootjes.
Gedrieën rijden we naar het zuidwesten. Nu het niet meer regent is de wind wel wat aangetrokken en gaat het met 27 km/u lekker rustig. Mark-Jan moet naar Bovenkerk en zijn bijzonder fraaie TOMTOM prototype vertelt hem dat ie bij Marken-Binnen linksaf moet. Eric en ik rijden via Assendelft naar pont Buitenhuis. Eric neemt afscheid, hij neemt de pont om in Haarlem uit komen, ik rij door om via de mooie Lagendijk naar de jachthaven Zwaansmeerpolder te rijden.
Om half vier ben ik weer thuis.
98 km
zaterdag 16 juni 2007
Arm uit de kom en rondje De Woude
De regelmatige lezers missen nu mogelijk mijn lange ritten door Noord-Holland. Die lezers weten mogelijk dat wij bezig zijn een nieuwe stolpboerderij te bouwen op het eiland De Woude in het Alkmaardermeer. Dit vraagt veel aandacht en tijd. Ik fiets daar overigens wel meerdere keren per week naar toe, maar interessant om daar uitgebreid over te verhalen is het niet.
De ritten naar De Woude maak ik vaak op de heenweg via Uitgeest en Krommenie, terug vaak over de pont Akersloot en Limmen. Het ritje is ruim 33 km en gemiddeld rij ik ergens tussen de 30 en 35 km/u. Meestal rij ik de wat grotere stukken tussen 40 en 45 km/u. Als de condities goed zijn wil ik best soms tot ruim in de 50 km/u versnellen.
Vanmiddag durf ik voor het eerst deze week in de Quest te klimmen. Wat is het geval? Maandagmorgen in alle vroegte wordt ik verwacht op Schiphol voor een vlucht naar Alicante voor een productintroductie van Epson. Om half vier sta ik op en laat het licht in de slaapkamer uit. Ik knal met geweld tegen de kopse kant van de halfopen staande slaapkamer deur. Ik maak een zodanig heftige beweging dat mijn linker schouder uit de kom schiet. Da's nogal pijnlijk, ondanks het feit dat dit al de vierde keer is, twee keer links en twee keer rechts. Ik slaag er wel in het gewricht weer in orde te krijgen, maar het zweet gutst over mijn lijf. Alicante adios.
Met een pijnlijke schouder als gevolg van een 'dislocatie' is het in de Quest klimmen geen gemakkelijke opgave. Vanmiddag evenwel lukt het me en ik heb zin in een fietstocht. Op het eerste stuk naar Uitgeest, de wind is na de buien van vanmorgen flink aangetrokken, rij ik al snel 45 km/u met hartslag 132. De dwars inkomende wind helpt dus aardig mee.
Op het stuk van Krommenie naar De Woude zet ik stevig aan en al snel zie ik 54 km/u op de klok komen. Dat kan ik volhouden tot vlak voor De Woude. Ik kan de Quest zeker een kilometer laten uitbollen en moet nog remmen om linksaf te kunnen slaan naar de pont.
1150 km totaal.
De ritten naar De Woude maak ik vaak op de heenweg via Uitgeest en Krommenie, terug vaak over de pont Akersloot en Limmen. Het ritje is ruim 33 km en gemiddeld rij ik ergens tussen de 30 en 35 km/u. Meestal rij ik de wat grotere stukken tussen 40 en 45 km/u. Als de condities goed zijn wil ik best soms tot ruim in de 50 km/u versnellen.
Vanmiddag durf ik voor het eerst deze week in de Quest te klimmen. Wat is het geval? Maandagmorgen in alle vroegte wordt ik verwacht op Schiphol voor een vlucht naar Alicante voor een productintroductie van Epson. Om half vier sta ik op en laat het licht in de slaapkamer uit. Ik knal met geweld tegen de kopse kant van de halfopen staande slaapkamer deur. Ik maak een zodanig heftige beweging dat mijn linker schouder uit de kom schiet. Da's nogal pijnlijk, ondanks het feit dat dit al de vierde keer is, twee keer links en twee keer rechts. Ik slaag er wel in het gewricht weer in orde te krijgen, maar het zweet gutst over mijn lijf. Alicante adios.
Met een pijnlijke schouder als gevolg van een 'dislocatie' is het in de Quest klimmen geen gemakkelijke opgave. Vanmiddag evenwel lukt het me en ik heb zin in een fietstocht. Op het eerste stuk naar Uitgeest, de wind is na de buien van vanmorgen flink aangetrokken, rij ik al snel 45 km/u met hartslag 132. De dwars inkomende wind helpt dus aardig mee.
Op het stuk van Krommenie naar De Woude zet ik stevig aan en al snel zie ik 54 km/u op de klok komen. Dat kan ik volhouden tot vlak voor De Woude. Ik kan de Quest zeker een kilometer laten uitbollen en moet nog remmen om linksaf te kunnen slaan naar de pont.
1150 km totaal.
zondag 3 juni 2007
CycleVision 2007 zondag
Vandaag zal ik het 100 km criterium rijden. Ook nu weer zonder shirt. De tijdrithelm laat ik in de bus, ik draag nu de Rudy Project mountainbike helm. Hiermee kan ik mijn nek tegen de neksteun laten rusten, perfect.Ik start nu sneller dan gisteren en ben direct al veel deelnemers kwijt. Ik pik aan bij Eduard Botter en dat betekent hard rijden. Voor de wind en direct na de bult zijn de snelheden ruim boven de 50 km/u. Ik lees later een maximum snelheid van 52,5 km/u af.
Even later zie ik voor me een wit/zwarte Quest rijden. Het is de koewest van Kees van Malssen. Ik moet wel 2 ronden flink doorbijten, maar dan zit ik ook zijn wiel. Daar ben ik heel tevreden mee. Kees sluit aan bij een groepje dat bestaat uit de groene Limit van Maikel Zonneveld, de tandem van Allert Jacobs en John Poot en twee gestroomlijnde tweewielers. Ook ik kan het tempo prima volgen. Voor de wind tegen of rond de vijftig, tegen wind rond de 45 km/u. Zo'n 12 ronden rij ik in dit treintje mee. De hartslag zit soms zelfs op 149, zo makkelijk rijdt het. Eduard Botter is dit te langzaam en is al eerder weggesprongen. Ook Kees van Malssen sprint er van tussen. Ik blijf zitten waar ik zit en ben heel tevreden met de snelheid.
In ronde 19 moet ik steeds harder trappen om de groep bij te houden. Meer dan hartslag 160 is niet mogelijk en ik moet de groep laten gaan. Ik maak wat zig-zaggende stuurbewegingen en het is me duidelijk dat de linkervoorband lek is. Ik kan uitrijden tot aan de start/finish en zet de Quest teleurgesteld in het gras.
Ik ga de camera uit de bus halen om wat te fotograferen.
Jammer dat ik de race niet heb kunnen uitrijden. Ik ben wel heel tevreden dat ik erkend snelle mannen als Maikel Zonneveld en Kees van Malssen drie kwartier heb kunnen bijhouden.
Update: In de uitslag zie ik dat ik de 55 minuten die ik heb gereden gemiddeld 46.2 km/u heb gereden. Hiermee zou ik ergens tussen de 13e en de 15e plek zijn geëindigd van de 77 deelnemers.
Update 2: De foto is gemaakt door Job Coppoolse. Heel apart om de onderkant van de Quest te zien tijdens de wedstrijd op zondag. Ik rij hier ongeveer bovenop het viaduct, terwijl Job verderop de baan staat.
zaterdag 2 juni 2007
CycleVision 2007 zaterdag
Vroeg op om de bus te halen en de Quest met uitrusting te vervoeren naar de wedstrijden van CycleVision 2007 in Sloten. Ik fiets vandaag de 1-uurs tijdrit. Verder zal ik wat foto's maken voor gebruik in Ligfiets& en voor publicatie op het internet.
Om 10.13 uur mag ik starten met de wedstrijd. Er staan wel heel veel deelnemers aan de start. Ik trek mijn shirt uit en heb later plezier van de verkoelende rijwind. Ik ken de baan totaal niet en start relatief rustig. Dat duurt niet lang, na twee rondjes weet ik dat je vrijwel overal voluit kunt gaan. Er zijn maar twee bochten die je onder de 50 km/u moet nemen.
Tijdens een tijdrit mag je niet de windschaduw van een voorligger opzoeken, dus rij ik de volle tijd in de wind. Er is niet veel wind en de vele bomen maken het aangenaam. De baan is overal redelijk goed, wel zijn er een paar diepe gaten die je door elkaar rammelen.
Na de start is er een venijnig klimmetje waar de snelheid terugloopt tot 32 km/u. Direct daarna kan de snelheid weer tot boven de 50 km/u worden opgevoerd. Tegen wind is 46 km/u goed vol te houden. Na tien minuten begin ik de eerste deelnemers te dubbelen. Dat vereist veel stuurwerk en soms zelfs flink remmen als voorliggers van hun baan afwijken en plotseling insturen. Het inhalen is wel leuk, maar de snelheid lijdt er wel onder. Ik wordt op mijn beurt door enkele snelle Questen ingehaald. Hans Wessels, Ymte Sybrandy, Theo van Andel en Niels Vogels zetten me op een ronde.
De hartslag beweegt zich tussen de 150 en 158 met een enkele uitschieter tot 160. De tijdrithelm staat me niet toe mijn hoofd tegen de neksteun te laten rusten. Dat wordt steeds minder prettig.
Na een uur heb ik 19 ronden afgelegd. Ik kan niet precies bekijken wat ik gemiddeld heb gereden, maar het zal rond de 45 km/u per uur zijn.
Update: Volgens de uitslag heb ik 45.3 km/u gemiddeld gereden. Van de 130 deelnemers ben ik geëindigd op de 23e plaats, 4 plaatsen beter dan vorig jaar.
Om 10.13 uur mag ik starten met de wedstrijd. Er staan wel heel veel deelnemers aan de start. Ik trek mijn shirt uit en heb later plezier van de verkoelende rijwind. Ik ken de baan totaal niet en start relatief rustig. Dat duurt niet lang, na twee rondjes weet ik dat je vrijwel overal voluit kunt gaan. Er zijn maar twee bochten die je onder de 50 km/u moet nemen.
Tijdens een tijdrit mag je niet de windschaduw van een voorligger opzoeken, dus rij ik de volle tijd in de wind. Er is niet veel wind en de vele bomen maken het aangenaam. De baan is overal redelijk goed, wel zijn er een paar diepe gaten die je door elkaar rammelen.
Na de start is er een venijnig klimmetje waar de snelheid terugloopt tot 32 km/u. Direct daarna kan de snelheid weer tot boven de 50 km/u worden opgevoerd. Tegen wind is 46 km/u goed vol te houden. Na tien minuten begin ik de eerste deelnemers te dubbelen. Dat vereist veel stuurwerk en soms zelfs flink remmen als voorliggers van hun baan afwijken en plotseling insturen. Het inhalen is wel leuk, maar de snelheid lijdt er wel onder. Ik wordt op mijn beurt door enkele snelle Questen ingehaald. Hans Wessels, Ymte Sybrandy, Theo van Andel en Niels Vogels zetten me op een ronde.
De hartslag beweegt zich tussen de 150 en 158 met een enkele uitschieter tot 160. De tijdrithelm staat me niet toe mijn hoofd tegen de neksteun te laten rusten. Dat wordt steeds minder prettig.
Na een uur heb ik 19 ronden afgelegd. Ik kan niet precies bekijken wat ik gemiddeld heb gereden, maar het zal rond de 45 km/u per uur zijn.
Update: Volgens de uitslag heb ik 45.3 km/u gemiddeld gereden. Van de 130 deelnemers ben ik geëindigd op de 23e plaats, 4 plaatsen beter dan vorig jaar.
donderdag 31 mei 2007
Verstelbare Inoled




Vanmiddag rij ik naar Velomobiel.nl om de overleden Inoled te laten vervangen. Bij Niels Vogel heb ik een heel fraaie oplossing gezien om de Inoled bij niet-gebruik achterover te laten kantelen. De lamp ligt dan vrijwel vlak in de neus. Nou kun je de lamp lager monteren en precies voorin de neus plaatsen, maar hoe hoger hoe beter. Ook is de lamp kwetsbaarder als ie precies voorin de neus zit.Theo van Andel heeft de voorbereidingen al getroffen. Eerst de oude lamp eruit, de geur van verbrand printplaat materiaal is nog goed te ruiken.
Dan maakt Theo een vrij gecompliceerd beugeltje dat drie verbuigingen nodig heeft om de goede beweging mogelijk te maken. Hij is daar best even mee bezig, ook omdat het via de voetengaten moet gebeuren.
Als laatste wordt het bedieningshandletje gemonteerd op de flens. Dit handletje is een indexloze derailleur bediening van een Alleweder. De handle naar boven is de lamp vlak in de neus, de handle helemaal naar beneden is de lamp geschikt voor normale verlichting. Een bijkomend voordeel is dat een automobilist die me zou verblinden, nu met gelijke munt kan worden terugbetaald. Ik richt de lamp gewoon wat hoger :).
De foto's zeggen alles.
En passant vraag ik Theo hoeveel Watt de Luxeon richtingaanwijzers zijn. Theo zegt dat ze maar 1 Watt zijn.
zondag 27 mei 2007
Inoled overleden en hartslagmeter
Gisteren komt elektricien André Schermer langs om de Amerikaanse Li-ion batterijfles aan te sluiten in de Quest. Nadat de draden zijn aangesloten.... werkt de Inoled niet meer. Zelfs met het originele Versatile accupakketje is de lamp dood. Wel werken de richtingaanwijzers en de claxon als vanouds. Schakel ik de voorlamp in, dan stort de binnenverlichting en het achterlicht in en gaan veel minder fel branden.
We meten de batterijfles van Amerikaanse origine. Er blijkt 16,48 Volt uit te komen, rijkelijk veel voor de Inoled. Deze week maar eens langs in Dronten.
Langere tijd heb ik ruzie met de hartslagmeter. De batterij van de borstband is snel leeg en de vervanging en de resetprocedure is lastig. Daarom heb ik de hartslagmeter pas deze week weer eens van stal gehaald. Op CycleVision probeer ik de 1-uurs tijdrit op zaterdag en de 100 km op zondag te rijden. De conditie en het lichaamsgewicht is nog niet op orde, de nieuwbouw van de stolp heeft prioriteit.
Nu ik de meter weer in gebruik hebt blijkt inderdaad de kracht er wel te zijn, er komen weer onrealistisch lage hartslagwaarden bij een gegeven snelheid op de klokken. Wat te denken van 43 km/u en hartslag 117 met lichte wind mee en met wind tegen 38 km/u. Het langere tijd 50 km/u rijden is moeilijk, de hartslag lijkt wel niet hoger te willen dan 148. Doe ik dat een tijdje dan voelt het niet goed. Gewoon nog te weinig getraind. Pas tegen eind augustus, begin september zal dit beter zijn. Ik rij al enkele jaren mee met de tijdrit op Texel en daar kan ik al twee achtereenvolgende jaren gemiddeld 47 km/u rijden. Dit betekent op de lange rechte stukken continue boven 50 km/u. Hoe dan ook, we zien wel waar het schip strandt.
We meten de batterijfles van Amerikaanse origine. Er blijkt 16,48 Volt uit te komen, rijkelijk veel voor de Inoled. Deze week maar eens langs in Dronten.
Langere tijd heb ik ruzie met de hartslagmeter. De batterij van de borstband is snel leeg en de vervanging en de resetprocedure is lastig. Daarom heb ik de hartslagmeter pas deze week weer eens van stal gehaald. Op CycleVision probeer ik de 1-uurs tijdrit op zaterdag en de 100 km op zondag te rijden. De conditie en het lichaamsgewicht is nog niet op orde, de nieuwbouw van de stolp heeft prioriteit.
Nu ik de meter weer in gebruik hebt blijkt inderdaad de kracht er wel te zijn, er komen weer onrealistisch lage hartslagwaarden bij een gegeven snelheid op de klokken. Wat te denken van 43 km/u en hartslag 117 met lichte wind mee en met wind tegen 38 km/u. Het langere tijd 50 km/u rijden is moeilijk, de hartslag lijkt wel niet hoger te willen dan 148. Doe ik dat een tijdje dan voelt het niet goed. Gewoon nog te weinig getraind. Pas tegen eind augustus, begin september zal dit beter zijn. Ik rij al enkele jaren mee met de tijdrit op Texel en daar kan ik al twee achtereenvolgende jaren gemiddeld 47 km/u rijden. Dit betekent op de lange rechte stukken continue boven 50 km/u. Hoe dan ook, we zien wel waar het schip strandt.
dinsdag 22 mei 2007
Rondje De Woude en RISSEN
Als het even kan fiets ik elke dag even naar De Woude. Zoals bekend wordt daar nu onze nieuwe stolpboerderij gebouwd. Voor de liefhebbers, klik op de link rechts in de pagina. Op de heenweg probeer ik als voorbereiding voor Cycle Vision een intervaltraining te houden. Steeds probeer ik tegen de 50 km/u te rijden en vervolgens weer terug naar 43 km/u. Dit lukt me drie keer, van Castricum naar Uitgeest, van Uitgeest naar Krommenie en van Krommenie naar De Woude.
Op de terugweg rijden twee wielrenners op behoorlijk hoge snelheid voor me langs. Hoewel ik aanvankelijk linksom, dus via Akersloot naar huis zou rijden, krijg ik een spontane RIS aanval. Dit staat voor Racefiets Inhaal Syndroom. Ik moet flink trappen om de beide mannen in te halen. Ik claxonneer om mijn inhalen aan te kondigen. Met 45 km/u passeer ik ze met een flink snelheidsverschil. In mijn spiegels zie ik dat de mannen gas geven en proberen aan te haken. Dat lukt ze niet en ze geven het vrij snel op. Een paar kilometer verder zie ik dat de brug over de Knollendammervaart bediend gaat worden. Ik moet uiteraard stoppen en even later komen de wielrenners naast me staan. Een heel leuk gesprek volgt. Ze verbazen zich over de hoge snelheid van de Quest en vooral dat ze totaal niet uit de wind worden gehouden. Ze reden 37 km/u en hebben even boven de 40 km/u gereden om me in halen. Kansloos dus. Ze blijken mijn claxon niet gehoord te hebben en hebben sowieso niks gehoord totdat ik onder ze door schoof.
Als de brug weer dicht is zet ik aan om de laatste kilometers naar Krommenie af te leggen. De renners hebben zich voorgenomen om nogmaals een poging te wagen bij me aan te klampen. Omlaag van het taluud van de brug rij ik in no-time 50 km/u en schudt de wielrenners een tweede keer van me af. Bij Krommenie komen ze weer achter me staan als ik lang moet wachten voor ik de Provinciale weg over kan. Daarna slaan zij linksaf richting Assendelft, ik vervolg mijn weg naar Uitgeest en Castricum.
34 km, totaal nu 730 km
Op de terugweg rijden twee wielrenners op behoorlijk hoge snelheid voor me langs. Hoewel ik aanvankelijk linksom, dus via Akersloot naar huis zou rijden, krijg ik een spontane RIS aanval. Dit staat voor Racefiets Inhaal Syndroom. Ik moet flink trappen om de beide mannen in te halen. Ik claxonneer om mijn inhalen aan te kondigen. Met 45 km/u passeer ik ze met een flink snelheidsverschil. In mijn spiegels zie ik dat de mannen gas geven en proberen aan te haken. Dat lukt ze niet en ze geven het vrij snel op. Een paar kilometer verder zie ik dat de brug over de Knollendammervaart bediend gaat worden. Ik moet uiteraard stoppen en even later komen de wielrenners naast me staan. Een heel leuk gesprek volgt. Ze verbazen zich over de hoge snelheid van de Quest en vooral dat ze totaal niet uit de wind worden gehouden. Ze reden 37 km/u en hebben even boven de 40 km/u gereden om me in halen. Kansloos dus. Ze blijken mijn claxon niet gehoord te hebben en hebben sowieso niks gehoord totdat ik onder ze door schoof.
Als de brug weer dicht is zet ik aan om de laatste kilometers naar Krommenie af te leggen. De renners hebben zich voorgenomen om nogmaals een poging te wagen bij me aan te klampen. Omlaag van het taluud van de brug rij ik in no-time 50 km/u en schudt de wielrenners een tweede keer van me af. Bij Krommenie komen ze weer achter me staan als ik lang moet wachten voor ik de Provinciale weg over kan. Daarna slaan zij linksaf richting Assendelft, ik vervolg mijn weg naar Uitgeest en Castricum.
34 km, totaal nu 730 km
Abonneren op:
Posts (Atom)