Posts tonen met het label NK tijdrijden Texel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label NK tijdrijden Texel. Alle posts tonen

zondag 4 september 2016

NK Tijdrijden Texel 2016


Op zaterdag 3 september 2016 is het heel mooi raceweer op het fraaie Texel. 21 graden C. en Bft 3 uit het westen is ronduit perfect. Mijn voorbereidingen zijn ook prima. Mijn dagelijkse training heeft een historisch laag lichaamsgewicht tot gevolg. Van een podiumplaats stel ik me niks voor. Er staan nu 4 DF's en een Milan aan de start. Maakt niks uit, als ik Cees Roozendaal maar achter me hou.


Naast Ymte is ook de snelle Benny de Weerd met zijn DF van de partij. Hij komt laat aan en begint aan een bandenwissel. Dat gaat niet goed en tot twee keer raken de binnenbanden lek. Uiteindelijk kan ie zelfs niet starten.


Voor de start is het gezellig. Alle 11 deelnemende velomobielrijders zijn op hetzelfde plekje achter de grote hoofdtent neergestreken. Jan Geel helpt me zoals altijd met het onder fiets plakken van de stroomlijnkappen. De staart heb ik er thuis al opgeplakt.


Harry Lieben is ook van de partij. Hij heeft de superlichte en snelle Michelin Nuna blauw gemonteerd. Zelf heb ik nog snellere Michelin radiaal omgelegd. Of dat een goede beslissing is daarover straks meer.


Benny sleutelt voort en verwisselt band na band. Zoals gezegd helaas voor niks. 
Even na 13.00 is de start. Alleen Benny en Ymte starten na me, alle anderen voor me.
Als ik mag vertrekken is de wind in de rug en dan versnelt het makkelijk. Al heel snel rij ik 61 km/u en nog weer even later staat er 65 km/u op de snelheidsmeter. Na de grote flauwe bocht komt de wind van linksachter binnen en de snelheid blijft vrij lang op 65 km/u. Mijn hartslag stabiliseert op 151 slagen per minuut en het voelt prima zo. Heel langzaam komt de voor mij gestarte Clement Pilette wat dichterbij. Na 9 km koersen komt Ymte me voorbij. Hij moet zeker 70 km/u rijden. 

Na 14 km rijden zie ik alle deelnemers zo'n 500 meter voor me min of meer gelijk bij het keerpunt aankomen. Ik heb dus goede zaken gedaan.
Maar dan  ... 'disaster strikes'. Met een onmiskenbaar fluitend geluid geeft mijn linker voorband de geest. Ik druk mijn stopwatch in op 14 minuten en 10 seconden. Met nog 300 meter te gaan voor het keerpunt heb ik mijn aller snelste halve race ooit afgelegd. Gemiddeld ruim boven 60 km/u.
Maar ja, wat heb je daaraan. Het is nog een heel gedoe om mezelf uit de fiets te bevrijden. De kap is rondom dichtgeplakt met hockeytape. En dat is taai spul. Gelukkig is mijn duimnagel groot en sterk en weet ik de tape kapot te snijden. Na een paar minuten komt George Krug van het keerpunt naar me toegereden en halen we de kapotte Michelin van de velg. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Zonder bandenlichters lukt het zeker niet. Gelukkig heeft George die ook mee en wordt er een F-lite geplaatst. George, dank voor je hulp.

Ik leg het laatste stukje naar het keerpunt af, wordt gekeerd en ga op weg naar de finish. Helemaal tot het gaatje ga ik niet meer. Het rijdt ook niet lekker meer. Een F-lite is nogal wat hoger dan een Michelin band en schuin rijden is zonder meer vervelend.


Na totaal 42.24 minuten kom ik over de finish. Het is nog verwonderlijk dat er een snelheid van 40,33 km/u uitkomt.

Met dank aan Cees Roozendaal voor de bovenstaande uitslag.

zondag 13 september 2015

NK Tijdrijden Texel 2015


Vandaag staat de jaarlijkse tijdrit voor het Nederlands Kampioenschap vrije renners op het programma. Met de Quest op het dak van de Tesla rij ik rustig naar de veerboot in Den Helder. Daar ontmoet ik Robert-Jan Bakker die zojuist zijn gerepareerde Quest bij Velomobielonderdelen.nl in Enkhuizen heeft opgehaald. Robert-Jan heeft al ruim 5 weken niet gefietst en zal dan ook begrijpelijkerwijs niet maximaal kunnen presteren.


Het waait stevig uit het oosten met Bft 4 met uitschieters tot Bft 6. De temperatuur is met 17 C. nog redelijk maar veel lager dan vorig jaar. Om 13.03 uur start ik 30 seconden na Cees Roozendaal als achtste. Cees vertrekt van het hogere schavot en is meteen flink op snelheid. Ik vertrek vanaf het wegdek en ga me richten op Cees. Direct na vertrek krijgt de Quest al harde klappen van de wind die over de dijk heel vlagerig is. Gelukkig is de weg breed en ander verkeer is er vrijwel niet.

Na twee minuten zit de snelheid op 60 km/u en de hartslag op 154. Het voelt lekker aan al is het sturen in de vlagerige wind behoorlijk spannend. Dat onrustige stuurgedrag wordt versterkt doordat ik een stukje staartprofiel aan de achterkant van de Quest heb geplakt. Dit stuk carbon heb ik al een aantal jaren en het verhoogt bij rustig weer de snelheid een beetje. Nu realiseer ik me weer waarom ik dit al enkele jaren niet meer gebruik. Op het tweede deel van de heenrit loopt de snelheid op tot 64 km/u en loop ik in op meerdere deelnemers. Dat weerhoudt Ymte er niet van om mij met 70 km/u in te halen. Cees komt maar heel langzaam dichterbij, hij doet het dit keer wel heel goed.


Nog voor het keerpunt haal ik de eerste voor mij gestarte velomobielen in. Op het keerpunt tillen George Krug en Martin Merkelbag, bedankt mannen, de deelnemers om en kan het weer richting startpunt. De wind komt nu duidelijk voorlijker in en het is knokken om de snelheid boven de 50 km/u te krijgen. Na enkele minuten lukt dat en kan ik 52 tot 54 km/u aanhouden. Dan begint het te regenen, wel verdorie dat was pas gepland na afloop van de wedstrijd. De temperatuur in de bui gaat omlaag tot 14 C en met de fiets onder de waterdruppels doet dit de snelheid geen goed. Ik hoop vurig dat de banden heel blijven en ik in elk geval kan finishen. Dat gaat gelukkig goed en ik zie Cees, nog steeds voor me, finishen. Ik kom met een gemiddelde snelheid van 55,16 per uur over de finishlijn. Dit is ruim één km langzamer dan vorig jaar. Gezien is veel slechtere weersomstandigheden is dit toch een goed resultaat.


Na afloop is het spannend wie er in de prijzen heeft gereden. Ymte is uiteraard weer nummer één met ruim 63 km/u. Een goede nieuwkomer is Jos Neefjes die de tweede prijs bemachtigt. Jeroen Koeleman, de enige tweewieler met stroomlijn en vorig jaar de winnaar, blijkt wel flink langzamer te hebben gereden dan vorig jaar, maar toch net voor mij te zijn geëindigd. Ik ben als vierde geëindigd.


De prijzen worden weer uitgereikt door de visueel gehandicapte Larissa.


De nog heel kleine dochter van Jeroen Koeleman en Margreet heeft meer belangstelling voor de fles.


Dirk Vinke, de organisator van het evenement met zijn speaker kijkt tevreden toe tijdens de prijsuitreiking.


Met de kampioenstruien aan staan de winnaars van de verschillende categorieën op het podium. Ymte was zijn bloemen al kwijt die door zijn zoon schielijk worden aangereikt.


De uitslag van de wedstrijd. Jan Reus prijkt onderaan de lijst. Niet zo verwonderlijk met een aanlopende rem.

woensdag 9 september 2015

Verstijvingspoot en NK tijdrijden Texel


Komende zaterdag 12 september is weer het Nederlands Kampioenschap tijdrijden voor vrije renners op Texel. 193 fietsers waaronder 10 ligfietsers hebben hiervoor ingeschreven. De laatste jaren starten de ligfietsers, vrijwel allemaal velomobielen, als eerste. Hierdoor is de ergernis bij sommige renners om door een velomobiel te worden ingehaald alsof ze stil staan, uit de wereld.

Jeroen Koeleman en Ymte Sybrandy zijn vaste waarden en steeds de snelsten. Ik trap een aardig eindje mee maar zo hard als deze mannen ga ik toch niet. Ik ga me meten met Cees Roozendaal, Dirk Drost en Robert-Jan Bakker. En niet te vergeten Swanette Sybrandy met de gepimpte DF met wielstroomlijnkappen.

Na de carbon achterbrug wilde ik nog graag het voorframe verstijven. De eerste versie van de verstijvingspoot had weinig effect. Jan Reus van Velomobielonderdelen.nl heeft gisteren de verstijvingspoot uitgevoerd in een sandwich constructie. De bodem van de neus van de Quest was al voorzien van extra carbon matten. Daarmee is de bodem keihard en een goede basis voor de verstijvingspoot.

Vanavond is de epoxy voldoende uitgehard en mag ik de Quest weer gebruiken. Tegen zonsondergang maak ik mijn vaste trainingsrondje. Wow, wat een verschil. Het trappen voelt nu niet meer zompig aan. De acceleratie verloopt merkbaar sneller. Op een aantal controlepunten in mijn trainingsrondje weet ik precies hoe hard ik daar altijd rij. Steeds blijk ik nu 3 tot 4 km per uur sneller te rijden dan voorheen. De temperatuur is met 14 graden te laag voor een recordrondje. Ook ligt er nu niet de snelle Furious Fred om het achterwiel maar de 50 mm Vredestein Black Panther. Toch gaat het nu zo hard dat ik toch mijn best doe om zo hard mogelijk te rijden. Zelfs tegen windkracht 3 krijg ik nog 52 km/u op de teller. De rit eindigt met een gemiddelde van precies 50 km/u, maar 0,2 km/u langzamer dan het recordrondje onder optimale en 8 graden warmere condities. Dit is zeker 2 km/u harder dan zonder verstijvingspoot. Na de racekap levert dit naar mijn overtuiging de meeste snelheidswinst voor mijn Quest op.

Ik begin nu een beetje te begrijpen waarom DF rijders zo enthousiast zijn over het acceleratievermogen van hun velomobiel. De constructie is nogal wat stijver en gaat er nauwelijks vermogen verloren in flexibiliteit. Mijn Quest kan nog stijver, maar dat komt nog wel. Er moeten nog twee ribben van de voorwielkasten langs de voetengaten naar voren. Ook de bekende band rond de achterste wielkast moet er nog in. Als laatste nog een paar verstijvingsribbetjes langs het kettingtandwiel. Mooi karwei voor Jan Reus.





zondag 7 september 2014

NK tijdrijden Texel 2014 - 3e prijs


Vanmorgen zet ik al op tijd de Quest op de Tesla om af te reizen naar het mooie eiland Texel. Vandaag is daar het Nederlands Kampioenschap tijdrijden voor vrije renners. Na enkele jaren dreiging dat wij niet meer mee mochten doen, is die kou volgens organisator Dirk Vinke nu definitief uit de lucht.


De Quest heb ik verder geprepareerd met een aangepaste Risse Astro 5 schokbreker. De demper zelf is niks aan veranderd, wel heb ik de draadeinden een stuk afgezaagd om de fiets aan de achterkant lager te krijgen. Dit verkleint het frontaal oppervlak iets en de bodem van de Quest blijft vlakker. De demper pomp ik met 7 bar ruim 2 bar harder op dan normaal. De vering en demping worden uiteraard veel stugger, maar de Super Moto vangt oneffenheden in het wegdek aanvullend goed op.


Zowel Cees Roozendaal als Ymte Sybrandy hadden me gevraagd of ik een snelle racekap voor hen kon meenemen. Voor Ymte geen probleem, die kan ik toch niet bijhouden. Ymte heeft zijn eigen Quest kap verzaagd om een kap voor de DF van zijn vrouw Swanette te maken.
Maar Cees, tsja ... dat is wel een dilemma.  Cees hou ik al een aantal jaren in wedstrijden net achter me, maar als ik hem van de snelste racekap voorzie, kan dat zomaar veranderen. Zelf rij ik vandaag met de nieuw ontwikkelde racekap in stemmig naturel carbon.
Mijn superlichte kap met Nacaduct heb ik wel mee. Cees rijdt ook met de nieuwste versie van de wielstroomlijnkappen van Jan van Steeg. Dat wordt spannend. Nou Cees, vooruit dan maar :)

Vorig jaar viel ik uit met een lekke band. Op basis van die slechte tijd moet ik nu als tweede starten.
Eerst maar eens een stukje proefrijden met alle stroomlijnkappen erop. Ondanks dat ik ze minutieus heb aangebracht, loopt het linkervoorwiel aan. Hoe is dat nu mogelijk? Ik heb nog ruim een kwartier voor de start en als ik uit de fiets ben loopt alles riant vrij. Jules Boetekees denkt dat de band bij het inveren tegen de stroomlijnkap aanloopt. Met de schaar knip ik wat van de stroomlijnkap af en is het aanlopen verholpen.

Voor mij start een tweewielige ligfietser. Om één over één mag ik van start. De wind komt van links en is met Bft 2 tot 3 zwak. De eerste ligfietser heb ik binnen een minuut al gepasseerd en dan ... ben ik helemaal alleen. Ik accelereer geleidelijk tot 60 km/u en zie dat mijn hartslag op 150 slagen per minuut staat. Meteen volgas kan niet, ik heb niet goed kunnen inrijden. Na twee minuten stabiliseert de snelheid zich tussen 61 en 62 km/u. Alleen tegen verhogingen komt de snelheid nog daaronder.


De eerste 14,5 kilometer is binnen 15 minuten afgelegd. Op het keerpunt wordt ik door een vriendelijke toeschouwer omgezet. Na het keerpunt zie ik de concurrenten nog op een behoorlijke afstand. Dat geeft de burger moed. Nu komt de wind iets voorlijker in en dat remt toch wat af.
Nu kan ik steeds 58 tot 59 km/u vasthouden. Sporadisch zie ik nog 60 km/u op de teller verschijnen.
Iets over de helft van de terugweg komt Jeroen Koeleman met zijn snelle tweewielige stroomlijn voorbij. Tot aan de finish komt er geen andere deelnemer langszij.


Bij de finish zie ik dat Ymte heeft gewonnen, Jeroen tweede is, Cees Roozendaal derde en ik vierde.
Dat Cees me te snel af is verbaast me. Een snelle racekap scheelt misschien 1 tot 1,5 km/u in vergelijking met zijn deelbare hogere toerkap.
Als ik even later weer op het uitslagenscherm kijk blijken de resultaten te zijn gecorrigeerd.


Jeroen heeft gewonnen, Ymte is tweede en ik ben derde. Mijn gemiddelde snelheid is 56,44 km/u. Dit is de snelste rit ooit op Texel. Zelfs 0,8 km/u sneller dan mijn recordrit in 2011.
Cees is vierde geworden. Hij heeft 56,1 km/u gereden en is dus vlak achter me geëindigd. Cees is enthousiast over mijn racekap en zegt dat ie zijn huidige kap te koop zal aanbieden.

Eduard Botter, normaal gesproken een geduchte tegenstander, had een aflopende ketting en gaf op.
Swanette Tempelman, rijdend in de snelle Strada DF, had haar dag niet en werd laatste velomobielrijder. Ze rijdt dan altijd nog 51 km/u, een snelheid waarmee je 8 jaar geleden nog op het podium zou staan.


De prijsuitreiking is altijd leuk. De organisatie heeft rondemiss Larissa Klaassen bereid gevonden de prijsuitreiking te doen. Larissa is als stoker samen met piloot Kim van Dijk Nederlands kampioen tijdrijden voor visueel gehandicapten. Larissa kwijt zich uitstekend van haar taak, ondanks dat ze vrijwel niets ziet. De kinderen van Ymte en Swanette spelen lekker met de niet meer zo schone kiezels van het parkeerterrein. Op de foto de jongste telg Wouter.

Tevreden rij ik huiswaarts. De oudjes doen het nog goed :)


Met dank aan Ronald Timmer voor de foto tijdens de rit.
Ook dank aan Jules Boetekees voor de beeldvullende foto tijdens de rit en de groepsfoto voor de start.





zaterdag 7 september 2013

NK Tijdrijden Texel, snel maar ... explosief

Foto: Eckard Boot

Vandaag wordt op Texel het traditionele Nederlands Kampioenschap Tijdrijden voor vrije renners gehouden. Ondanks wat hobbels mogen de ligfietsen toch weer meedoen. Wel is het aantal inschrijvers beperkt tot 15. Het is goed fietsweer, zwaar bewolkt, weinig wind uit het zuidoosten.

Met de Quest op de auto ben ik in een uur in Den Helder. Er varen twee veerboten dus is er een halfuur dienst. Jeroen Koeleman staat op het parkeerterrein voor de veerboot te sleutelen aan zijn fiets die dan nog op het dak staat. Dat sleutelen gaat even later, letterlijk tot een minuut voor de start, nog door.

Vandaag zullen we zien of de serieuze HIT training vruchten zal afwerpen. Jan Reus plakt de verschillende stroomlijnonderdelen onder de Quest. Om 13.04 uur mag ik als negende fietser van start. Ik neem me voor niet steeds op de SRM te letten. Mijn ervaring leert dat als ik dat wel doe, ik voorzichtiger met mijn krachten omspring en niet maximaal snel ga.

Na de start gaat de snelheid heel snel naar boven de 60 km/u. Binnen anderhalve minuut staat de snelheidsmeter op 65 km/u. Mijn hartslag blijft continue boven 155 slagen per minuut en tipt regelmatig aan 160 slagen. Langzaam accelereer ik door naar een snelheid tussen 65 en 68 km/u. De hoogste snelheid is 70,5 km/u. Jeroen Koeleman met de snelle tweewielige stroomlijn haalt me langzaam in. Ook Ymte komt rustig voorbij terwijl ik al bijna bij het keerpunt ben. Vorig jaar kwam Ymte al halverwege het eerste stuk met grote snelheid voorbij. Het gaat dus veel harder dan vorig jaar. De meeste voor mij gestarte deelnemers heb ik voor het keerpunt al ingehaald, ook de sterke één minuut voor mij gestarte Sjaak Bloemberg.

Op het keerpunt word ik door Martin Merkelbag snel omgezet en kan de retourrit worden aangevangen. Het is nu tegen wind en het begint licht te regenen.  Het weer op gang komen na de vrijwel volledige stilstand is heel moeilijk. Het duurt ruim 2 minuten voor ik de maximum snelheid van 59 km/u haal.  Ook Jeroen heeft het moeilijk, ik loop zelfs op hem in. Omdat ie al 30 seconden op mij is ingelopen heeft het geen zin hem te passeren, als ik dat al zou kunnen. Het is nu echt doorbijten en de snelheid daalt verder naar 54 km/u. Gelukkig weet ik even later weer 57 km/u op de speedometer te krijgen.

Op dat moment, halverwege de retourrit, hoor ik een knal en veel lawaai. Eén van de stroomlijnkappen schuurt over de grond en is het einde race. Als ik mezelf van de dichtgeplakte racekap heb ontdaan en uitstap zie ik snel dat linksvoor lek is. Een auto van de organisatie stopt achter me en de bezorgde bemanning informeert of het goed met me gaat. Zij kregen gerapporteerd dat ik gecrasht zou zijn. Zij zullen de bezemwagen bellen. Die komt ook snel. Vlak daarvoor zijn de Questrijders Georg Krug en Martin Merkelbag die het keren hebben verzorgd, op weg naar de start, ook naast me gestopt. Doortastend krijg ik van George een warme sweater en Martin verwisselt snel de voorband. Gedrieën rijden we naar de finish waar ik 47 minuten na de start arriveer. Georg en Martin bedankt voor de hulp.

Het niet halen van de finish is het gevolg van een gok. Ik schreef eerder dat ik de Michelin radiaal band aan de binnenzijde had gerepareerd met een plakker voor een binnenband. Precies op die eerder beschadigde plaats, hebben de koordlagen het begeven.

Natuurlijk is het jammer dat ik de finish niet in recordtijd heb bereikt. Thuis lees ik de SRM uit en dat stemt tot grote tevredenheid. Over de hele race, inclusief stop halverwege, trap ik 232,7 Watt. Het eerste stuk tot aan het keerpunt heb ik zelfs 244,6 Watt geleverd. Dat is maar liefst 37,6 Watt meer dan tijdens de uurs-race op de RDW baan. Zelfs tijdens de zware retourrit lever ik tot aan de lekke band 229,1 Watt, ook nog altijd 22,1 Watt meer dan tijdens de uurs-race.  De gemiddelde snelheid over het eerste deel komt uit op 63,35 km/u. Het tweede deel op 53,9 km/u. De gemiddelde hartslag is steevast 155 slagen per minuut, 6 slagen meer dan tijdens de uurs-race. De cadans is een voor mij comfortabele 83 tot 85 omwentelingen per minuut. Dit komt door de grotere wielomtrek van de Super Moto achterband.

De HIT, of High Intensity Training, heeft zijn vruchten meer dan afgeworpen.

De eerste drie finishers zijn Ymte Sybrandy, Jeroen Koeleman en ... Cees Roozendaal. Mannen gefeliciteerd. De volledige uitslag:










dinsdag 3 september 2013

Voorbereidingen NK Tijdrijden Texel 2013


De training voor het NK Tijdrijden is goed verlopen. Uiteraard mede met dank aan het mooie weer van de laatste tijd. Vorig jaar kon ik met een gemiddelde snelheid van 53,8 km/u mijn tijd van 2011 niet halen. Het scheelde 1,8 km/u. Nou wil het geval dat ik in 2011 met een lelijke gestroomlijnde staart heb gereden, gemaakt van een paar stukken Lexan. Zou dat het verschil gemaakt hebben?

Ik heb Jan Reus eerder gevraagd een staart voor de Quest te maken. Dat mocht provisorisch zodat ik er met de SRM mee kon meten. Die simpel uit een stukje polystyreen schuim gevormde staart ligt al even op een plank omdat ik dacht dat een paar stripjes Lexan hetzelfde resultaat zou opleveren. Wil ik harder rijden komende zaterdag, ik moet uiteraard proberen Jeroen Koeleman voor te blijven, dan moet er liefst wat meer snelheid in de Quest komen.

De provisorische staart breng ik vanmiddag met de Quest naar Jan in Enkhuizen. Jan zal hem wat fatsoeneren en van een laagje carbon voorzien. De achterste wielkap was al door Jan vergroot om de Super Moto achterband te kunnen gebruiken. De Super Moto heeft een flink grotere omtrek dan de tot nu toe gebruikte Furious Fred. Met weinig wind of achterlijke wind moet ik met de Furious Fred een te snelle cadans trappen. Snelheden van 60 km/u zijn dan lastig vol te houden. Dat zal hoop ik met de Super Moto wel lukken.

De verschillen met vorig jaar zijn dat er nu carbon voetengatbakjes zijn, een snellere en grotere Super Moto achterband en een nieuwe 'staart'. Ben je er klaar voor Cees?

Update donderdag 5 september
De versleten Michelin radiaal banden probeer ik vandaag op te lappen. Er zitten vier beschadigingen in de vorm van sneetjes in het loopvlak waardoor de koordlagen zichtbaar zijn. Normaal zou ik zulke banden linea recta de vuilnisbak in gooien. Maar met zulke lichtlopende heel moeilijk te verkrijgen banden van € 200,- per stuk doe ik dat niet makkelijk. Op alle plaatsen waar een beschadiging zit plak ik binnen in de buitenband een plakker voor een binnenband. Dat versterkt de buitenband op die plaats heel goed en voorkomt dat er water binnendringt.
Dan smeer ik het hele loopvlak van de beide banden in met Bison rubberrepair. Dat is een behoorlijk slijtvaste transparante rubberlaag. Alvorens dat te doen penseel ik een groene streep verf over het midden van het loopvlak. Nieuwe beschadigingen en slijtplekken zijn zo makkelijk te zien.


zaterdag 1 september 2012

Weer derde bij Tijdrit Texel

Vanmorgen rij ik op tijd naar Texel. Met de Quest op de auto blijven de kosten van de overtocht beperkt tot 35 euro, met de aanhanger bijna het dubbele. De voetengaten worden afgeplakt met Lycra en de wielstroomlijnkappen plak ik op zijn plaats. Rob Kaag helpt me daarbij. Ik maak de spieren wat los door een kwartiertje in te rijden op de Tacx trainer. Jan Geel houdt in de gaten of de rollen niet te heet worden. Als de Quest recht op de trainer staat worden de rollen niet meer dan handwarm.
Cees Roozendaal is laat en moet zijn Quest nog helemaal leegmaken om maximaal licht aan de wedstrijd te beginnen.

Er zijn verschillende supporters aangekomen. George Krug, Kees van Hattem, Rob Kaag, Jan Geel en André Dronkers zijn van de partij. De eerste drie gaan naar het keerpunt om de velomobielen om te zetten. Mannen bedankt!

Om 3 minuten over één mag ik starten. Cees Roozendaal, mijn eeuwige opponent, vertrekt een halve minuut eerder. Als ik naar de startlijn rij merk ik dat mijn achterband tegen de stroomlijnkap aanloopt. Het maakt veel lawaai. Ik hoop er maar het beste van, maar lekker is het niet. De eerste helft van de rit gaat noordwaarts en is voor de wind. Deze is ongeveer 4 Bft en dat maakt hoge snelheden mogelijk. Met nogal wat moeite kom ik boven de zestig km per uur. 63 km/u is het maximum dat ik haal. Ik had evenwel meer verwacht. Een kleinere racekap en snellere banden zou dit mogelijk moeten maken. Toch lukt het niet. Twijfel over de aanlopende achterband maken het tussen de oren niet beter. Ik krijg Cees dan ook voorlopig niet te pakken. Wel komt Ymte, hij startte een halve minuut na mij, met een redelijk snelheidsverschil voorbij.

Het omzetten op het keerpunt door Rob verloopt snel en ik kan weer op weg. Nu wordt het doorbijten, Bft 4 tegen is heel andere koffie dan Bft 4 mee. Ik krijg de snelheid op maximaal 54 km/u en dat zakt langzaam tot 51 à 52 km/u. Langzaam haal ik Cees in. Hij rijdt rond de 50 km/u en ik kruip achter hem. Mijn hartslag is steeds rond 160 geweest en daalt nu tot 154.
Als ik Cees kan bijhouden, en nu reken ik me rijk, word ik waarschijnlijk tweede. Daarmee zal ik bedrogen uitkomen. Ik heb domweg niet in de gaten dat Jeroen Koeleman, voor mij gestart, is weggereden. Jeroen versloeg ik op CycleVision redelijk gemakkelijk. Hij heeft enkele belangrijke verbeteringen aan zijn volledig gestroomlijnde tweewieler aangebracht en is nu een stuk sneller.

Enkele kilometers voor de finish haal ik Cees toch in en ga de laatste kilometers in met 53 km/u op de snelheidsmeter.
Op de finish blijk ik 53,8 km/u gemiddeld te hebben gereden, 1,8 km/u minder dan vorig jaar. De wind stond weliswaar niet gunstig, ook Ymte kon zijn eerdere record niet verbeteren, maar ik denk dat de aanlopende band de hoofddader is. Toch mag ik met de derde prijs weer op het podium plaatsnemen. Einduitslag: 1. Ymte Sybrandy, 2. Jeroen Koeleman, 3. Wim Schermer, 4. Cees Roozendaal.

Als ik de Quest weer op de auto zet hoor ik geschreeuw en krakend carbon. Een juist finishende wielrenner wordt door een collega in de wielen gereden en maakt een harde smak op het asfalt. Het ziet er ernstig uit, maar na tien minuten staat de ongelukkige valler toch weer overeind.

Na de prijsuitreiking bedank ik Dirk Vinke van de organisatie. Hij meldt me en passent dat het volgend jaar wederom niet zeker is of de ligfietsers welkom zijn. De organisatie krijgt steeds meer aanmeldingen en moet meer en meer renners teleurstellen. Als er geen ligfietsers zijn kunnen er meer normale wielrenners deelnemen. Daarnaast was ie onaangenaam getroffen door het niet afzeggen en niet verschijnen van meerdere ligfietsers. Ik kon gelukkig weerleggen dat het om ziek geworden deelnemers gaat waarvan het niet meedoen aan de starter is gemeldt.


zaterdag 3 september 2011

NK Tijdrijden Texel 3e plaats 55,6 km/u

De weersvooruitzichten voor de tijdrit op Texel zijn prima. Toch zie ik het somber in. Dagenlang verstook ik meer dan twee pakjes tissues. Ik ben snotverkouden. Tot overmaat van ramp is mijn linker wijsvinger twee keer zo dik als normaal nadat ik in een doorn van een roos heb gegrepen. Het zweert onderhuids stevig. Gelukkig hoef ik links niet te schakelen.
Omdat ik niet echt ziek ben ga ik het toch proberen.
De afgelopen dagen heb ik de Quest al klaar gemaakt. Nieuwe RVS Bebop pedalen, voetengaten dichtmaken, racekap ophalen bij Jan en alles bij elkaar zoeken.
Met een vol hoofd zet ik de Quest op de Foldycar voor de rit naar Texel. Dit keer zwijn ik niet. Vorig jaar moest ik maar 35 euro voor de overtocht betalen, dit keer heeft een slimme jongeman in de gaten dat er een aanhanger achter de Audi hangt. Ik moet bijbetalen tot een bedrag van 60 euro.
Ik ben een van de eersten bij de start en kan een mooi plaatsje opzoeken met een zacht graskantje. De wielkappen om de voorwielen plak ik erop. Ook installeer ik de 'staart' weer. Dit lukt minder mooi dan eerder, maar ach.
Ymte blijkt niet mee te fietsen. Zijn achillespees speelt op en hij heeft zelfs zijn Quest niet meegenomen om niet toch te bezwijken voor de verleiding. Als ik me helemaal fit zou voelen zou ik als het een beetje meezit in de prijzen kunnen rijden. Ik heb Cees Roozendaal mijn oude racekap toegezegd. Dat is natuurlijk niet slim want zo kan Cees wel een kilometer of 4 harder rijden. We zullen zien.

Om even na 13.00 uur start ik. Eduard Botter start een halve minuut voor mij, Cees Roozendaal weer een halve minuut daarvoor. Alleen Alwin Visker komt nog na mij. Met de wind in de rug probeer ik snel boven de 60 km/u te komen. Dat lukt vrij snel en met een heel hoge cadans trek ik door naar 64 km/u. Dat kan ik niet vasthouden, de trapfrequentie is met het 57-tands voorblad te hoog. Ik laat de fiets steeds even uitlopen zonder te trappen. Bij 62 km/u geef ik weer volgas tot 64, soms 65 km/u. Ik merk dat ik bij hartslag 156 aan de grens zit. Een korte verhoging tot in de 160 zoals normaal wel lukt, zit er nu niet in.
Ik zie Eduard Botter niet dichterbij komen. Alwin Visker hou ik tot het keerpunt achter me. Maar dan is ie er ook en heeft in de eerste 14,5 km 30 seconden op mij goedgemaakt. Kees van Hattem tilt me snel om en kan dezelfde route terug worden genomen.
Terug is de wind recht tegen. De snelheid lijdt daar natuurlijk flink onder. Ik kan de snelheidsmeter slecht aflezen, maar zie gemiddeld niet meer dan 52 tot 54 km/u op de teller komen. Het lijkt wel of ik een leeglopende band heb.
Wil ik mezelf in de prijzen rijden, dan moet ik Cees Roozendaal binnen een minuut zien te rijden. Maar is dat Cees niet die 500 meter voor me rijdt? Het lijkt er wel op. Ik raap nog een keer alle kracht bij elkaar en rij langzaam naar Cees toe. Een kilometer voor de finish haal ik hem met een behoorlijk snelheidsverschil in. Dat zou een derde prijs kunnen opleveren. Het moment van inhalen is door Ronald Timmer prachtig in beeld gebracht.

Na de finish ben ik dwars af. Niet gek met een stevige verkoudheid en 24 graden C. Ik ben inderdaad derde geworden met een gemiddelde snelheid van 55,6 km/u. Ik ga nadat ik me heb omgekleed op een stoel voor de tent zitten en val in slaap. Dat is, zie ik nu, aan enkele fotografen niet onopgemerkt voorbij gegaan. Thuis gekomen staat de linker voorband leeg.

Foto prijsuitreiking: Jan Botter, de vader van Eduard
Foto vertrek: Jan Reus, de vader van de kappen
Foto op snelheid: Jan Hovestreijdt
Foto achtervolging Cees: Ronald Timmer