vrijdag 28 september 2007

Giessen zondagmiddag 23-9-2007

Na de heel zware klimmen is het laat in de middag wat relaxter fietsen. We weten dat er verderop wegwerkzaamheden zijn en er een kans is dat we er niet door komen. Tijdens een pauze komt een rondbuikige Duitser uit zijn huis om ons te bekijken. Ik zit zonder water en vraag of ik mijn Camelbak mag vullen. Hij gaat naar binnen en even later heb ik twee liter vers drinkwater. Dat herhaalt zich nog vijf keer en iedere keer gaat de stevig hijgende oosterbuur naar zijn keukenkraan.

Hans Wessels en Ellen van Vught, zij hebben deels een andere route genomen, voegen zich weer bij ons. Zij zijn slimmer dan wij en hebben de steilste klimmen mooi ontweken. Hans legt zijn fiets op zijn kant en spant de spaken. In zijn nieuwe Quest waar Ellen mee rijdt, zijn twee spaken gebroken, geen probleem, Ellen is niet zo zwaar.
Om zes uur rijden we de camping aan de Sorpe See weer op. Een paar durfals, waaronder Mark, Ymte en John spoelen het vele zweet af door een duik in de hels koude Sorpe See. Ik neem een lekker warme douche en ben snel weer 'het mannetje'. Wel vallen de knutten, een klein jeuk veroorzakend insect, iedereen lastig. John en Allert pakken zich helemaal in.
's Avonds gaan vrijwel alle fietsers in de kantine aan de Warsteiner met schnitzel.

Giessen zondagochtend 23-9-2007

Vandaag de eerste etappe van de thuisreis naar de Sorpesee. Ik besluit met een groep onder aanvoering van Frank Cornelese mee te rijden. Frank heeft een mooie alternatieve route gevonden. Dit blijkt een route te zijn met stijgingspercentages van 15%. Manmoedig begint de groep aan de klim. Het is letterlijk een loodzware operatie. Er is geen wind en de zon schijnt fel. Ik voel me goed en ga er stevig tegenaan. Met de hartslag op rond de 140 tot 145 bpm, kom ik niet sneller dan met 5 km/u omhoog. Dat is sneller dan Harry en Epko. Ik rij ze voorbij en neem al snel honderden meters afstand.
Boven gekomen applaudisseren Allert en John. Dat doet Wim goed. Harry en Epko komen na enkele minuten ook boven. Epko, 8 jaar jonger, snapt niet hoe ik dit kan. Hij vindt het bovenmenselijk. Epko heeft het extra moeilijk, zijn Mango ontbeert een bergversnelling. Hij moet echt omhoog stumpen.
Had ik eerder pek over iemand willen uitsprenkelen, Frank mag er ook de veren bij krijgen :).
We rijden de spoorweg nu af van zuid naar noord. De helling omlaag is maar één tot twee procent. Dat weerhoudt de Quest er niet van tot 53 km/u te versnellen, heerlijk.

Giessen avond 22-9-2007

Na de rit naar Marburg is er plenty tijd om te praten over alles rond de Velomobiel. Ook het bekijken van andermans fietsen is een prettig tijdverdrijf. Ik ontmoet een aimabele Amerikaan met een grote witte haardos. Hij blijkt Mark Rullens goed te kennen. Helaas heeft hij zich behoorlijk bezeerd. Hij drinkt rustig een biertje terwijl het bloed uit zijn onderarm druipt.
Paulus den Boers fiets schakelt niet goed. De mooie Quest wordt op een tafel gehesen en er wordt gesleuteld door Ymte en Allert. John Poot maakt een proefrit en de problemen lijken opgelost.
Ook mijn Quest schakelt niet goed. Ik kan de eerste versnelling met moeite inschakelen, tegen een helling lukt het in het geheel niet. Ymte en Allert lossen het probleem deels op. Ik kan in ieder geval 1 en 2 gebruiken, al is de eerste versnelling niet bepaald stil.
Het gezamenlijke avondeten wordt voorafgegaan door een mededeling van Hans Wessels dat 'iedereen hier aanwezig' in staat is om Parijs-Brest-Parijs te rijden. Daarna volgt een korte uiteenzetting van o.m. Mark Burgers over verlichting voor ligfietsen.
Na het eten wordt een prachtig stuk gebak, een model van een Cabbike aangesneden. De Cabbike is zo groot dat ie lang niet op gaat.

donderdag 27 september 2007

Giessen - Marburg 22-9-2007

Vandaag rijden we met een grote groep Velomobielen naar Marburg, 38 km van Giessen. Er wordt traditioneel onderaan de helling op een groot parkeerterrein verzameld. Een woest besnorde voorrijder met een opvallende randonneur met aanhanger, gaat weer voorop. De groep is nu wel 50 fietsers groot, een garantie op een heel lang durende rit. Vermakelijk is het drukke gedoe van één van de organisatoren. De man is 63, maar loopt rond in hippe fietspakjes. Hij rijdt pardoes met zijn Cabbike Speedster kruisingen op, steekt zijn hand op en alle Duitsers stoppen subiet. Dit is echt ongelofelijk, moet je niet in Nederland proberen.
We rijden een lang traject door het bos. Daarna volgt een lange afdaling met snelheden tot 87 km/u. Het wegdek is soms slecht en ik voel de achterkant van de Quest soms flinke zijdelingse sprongen maken. Aan het eind van de afdaling is een bijna haakse bocht. Ik hoor geschreeuw en zie fietsers uitstappen. Een Cabbike Speedster, uitgeleend aan een Australische gast, heeft de bocht niet gehaald en ramt een eigenbouw Velomobiel die omslaat. De Cabbike vliegt door de lucht, draait in de lucht 360 graden en valt op zijn rechterzijde. De kleine Australiër komt er goed vanaf. Wat schaafwonden aan zijn schouder zijn eigenlijk alles. Wel moet ie een nieuwe helm kopen, die is een stuk afgesleten. De Cabbike is flink gekrast en hier en daar zijn wat dingen van zijn plaats. De carbon rolbeugel is gescheurd maar heeft veel botsingenergie opgenomen.
In het centrum van de oude stad Marburg wordt op een plein verzameld. Het is er warm en ik loop met Kees van de Wetering de stad in. Daar zien we Marcel van Eyck en Bastiaan Welmers. We lopen veel traptreden omhoog en komen in de prachtige oude hoofdstraat.
Om 14.00 uur vertrekt de gedecimeerde groep, een aantal Nederlanders is halverwege afgeslagen naar Giessen, weer naar Giessen. Wij zitten lekker te eten en zijn te laat . Geen probleem, we komen wel weer thuis. Deden we er over de heenweg naar Marburg bijna drie uur over, nu zijn we binnen anderhalf uur weer bij het Forsthaus. Al zijn we zeker een half uur later vertrokken, wij zijn anderhalf uur eerder bij ons gastverblijf.

Giessen vrijdagmiddag 21-9-2007

De ruwe rit in de ochtend door het skigebied wordt afgewisseld met rijden over prachtige asfaltwegen. Er moet ook nu meer geklommen worden dan vorig jaar, maar het is goed te doen. Op enkele plaatsen zijn spoorrails verwijderd en vervangen door mooi asfalt. Er hoeft maar heel weinig te worden geklommen, treinen klimmen ook niet zo makkelijk.
Onderweg wordt gestopt bij een supermarkt om inkopen te doen en lekker te lunchen. Dat levert altijd veel bekijks op.
Het venijn zit toch weer in de staart. De finale is namelijk een rit door het bos naar het Forsthaus in Giessen. Is dit normaal al een moeilijk traject, nu blijkt er nagenoeg geen weg meer te zijn. Het gravel wegdek is opgenomen door graafmachines en ook nu gaat het weer hotsebotsend op een mountainbike-achtige manier. Het laatste steile stuk naar het Forsthaus is nog maar een toetje.
De ontvangst is allerhartelijkst. Vele bekende gezichten zijn al aanwezig en een eerste biertje lijkt wel een druppel op een gloeiende plaat.

Giessen vrijdagochtend 21-9-2007

Vandaag rijden we naar Giessen. Voor dag en douw vertrekken de fietsers in drie groepen, een snelle groep, een gemiddelde en een wat langzamere groep. Met maximaal tien man is het in het verkeer veel praktischer. Auto's kunnen makkelijker passeren en de snelheid van een kleinere groep is makkelijker gelijkmatig te houden.
Er zijn een behoorlijk aantal nieuwe fietsers die zich grondig voorbereid hebben. Zo heeft één Questrijder een stalen rolbeugel op zijn Quest gemonteerd. Hij heeft zich zelfs in de Quest vastgesnoerd met een vierpuntsgordel uit een vliegtuig. Zou hij nu al weten wat hem later op de dag te wachten staat?
Ondanks dat de groep redelijk netjes rechts rijdt, worden we door een opgewonden politieman gemaand achter elkaar te rijden.
Plotseling houdt de weg op en een heel grof gravelpad ontrolt zich voor ons. Dit kan toch niet de bedoeling zijn? Ik vraag rond en het lijkt er echt op dat de Quest zich als mountainbike zal moeten leren gedragen. Het pad wordt steeds beroerder en ik wordt letterlijk heen en weer gesmeten in de Quest. De bedenker van deze route wens ik een emmer pek toe :). Op één plek kom ik zelfs niet meer omhoog en moet de fiets uit om over een steil stuk rots verder te klauteren. Het wordt nog gekker. Diepe gaten vol modder en water maken een passage bijna onmogelijk. Hans Wessels rost er volgas doorheen, hij vindt het prachtig. De natuur is prachtig en de afdaling over het bospad verloopt ruw maar zonder probleem.

woensdag 26 september 2007

Giessen donderdagmiddag 20-9-2007

Na het prettige bezoek aan Hase gaan we weer onderweg richting Sorpe See. Vorig jaar meldde ik al dat Duitse automobilisten zich fantastisch gedragen. Ook al is er voldoende ruimte, ze blijven bij het klimmen rustig wachten tot er echt zonder bezwaar kan worden ingehaald.
Er zitten veel steilere klimmen in dan vorig jaar. Nu de meeste fietsers nog slaapzak en mat aan boord hebben, hebben verschillende fietsers het zwaar. Toch komt iedereen boven, je rijdt je eigen tempo. Bovenop de heuvel wordt er meestal gewacht tot iedereen compleet is. Dan volgt de heerlijkheid van de afdaling. Als ik de rem loslaat accelereert de Quest als een jet tot snelheden van 90 km/u. Helaas moeten de remmen er veelvuldig aan te pas komen en ik ruik na een snelle afdaling de remmen behoorlijk. Enkele fietsers gebruiken nu remparachutes. Hiermee blijft de snelheid beperkt tot rond de 55 km/u en er hoeft dan ook weinig geremd te worden. Het is alleen niet zo spectaculair en laat me dan ook als een kogel omlaag vallen. Wel verwijder ik mijn wieldoekjes om de remmen zo goed mogelijk te koelen.
Na een vrij korte tocht van 140 kilometer arriveren we op de camping aan de Sorpe See. Aluminium blokhutten kunnen maximaal 8 slapers bevatten en zijn redelijk uitgerust. Direct wordt er pasta en pannekoeken gebakken. Hans Wessels is zoals altijd de pannenkoeken specialist en ik laat me er een goed smaken. De even later in de kantine van de camping geserveerde schnitzel krijg ik niet weg. De collega's ontfermen zich er snel over.
Er zijn goede bedden in de blokhutten en ik slaap goed. Voor het eerst gebruik ik een zijden lakenzak. Heerlijk fris en wel zo hygiënisch.

Giessen donderdagochtend 20-9-2007

Vriend Jan Veenis brengt me woensdagavond met de bus naar Winterswijk. Op de camping Appleweide is een bont gezelschap Velomobiel liefhebbers neergestreken. Het eerste dat me opvalt is een wonderschoon bestickerde Quest van Paulus den Boer. Een prachtige afbeelding van Escher, bestaande uit 60 vliegende vissen, leveren de naar mijn mening mooiste Quest ter wereld op.
Vorig jaar had ik een fles Port mee. Daar werd door een enkeling gulzig van gesnoept en die fles was wel heel snel soldaat gemaakt. Dit jaar weer zo'n hartversterker meegenomen. Omdat je zo'n zware fles niet meeneemt is ook deze ter plekke in de glasbak terecht gekomen.
De ligfietsers, er zijn verschillende nieuwe gezichten bij, gaan vroeg op stok en komen even zo vroeg weer uit de veren. Ik ben gewend om een paar uur later te gaan slapen en een neutje moet me dan ook in slaap soezen. Dat lukt aardig en ik ben zelfs iets voor zeven uur uit de slaapzak. Het is dan een heel geregel om op tijd te vertrekken. Vooral het secuur inpakken van de fiets is een aardig puzzeltje. Uiteraard neem ik altijd teveel mee, al moet gezegd dat het elk jaar minder wordt. Je moet het goeddeels over de heuvels slepen, omlaag gaat als een razende, omhoog wat minder :).
Om even na acht uur gaat de hele karavaan, zo'n 30 Velomobielen, waarbij één vrouwelijke diehard Ellen van Vught, van start. Mark Burgers van ACE ligfietsen uit Winterwijk heeft een mooie route uitgezet die korter zou zijn dan de route die we normaal rijden.
Het eerste deel van de route gaat over gravelpaden langs een kanaal. Volgens de gegevens zou er aan enkele bruggen worden gewerkt en er geen doorgang zijn. Mark probeert het toch en.... op een gegeven moment is de blokkade daar. Er is gelukkig een doorsteek vanuit het kanaal omhoog naar een woonwijk en met aanloopje lukt het iedereen om de fiets omhoog te krijgen.
Wij rijden dit jaar eerst naar de fabriek van Hase ligfietsen. Dit bedrijf produceert een kleine 1500 ligfietsen, vooral driewielers. Deze worden vaak aangepast voor gehandicapte gebruikers. De fabriek is gevestigd in een voormalig mijnbouwgebouw in heel fraaie art-deco stijl. Prachtig metselwerk en met liefde verbouwd met behoud van de oorspronkelijke vorm. In het gebouw was vroeger de lampen werkplaats gevestigd en veel foto's herinneren daar aan. We krijgen een interessante rondleiding door de fabriek. We mogen overal komen, al staat op de ontwikkelingsafdeling Frank met een spikeband in de hand die er wel heel schielijk door onze rondleider uitgetrokken wordt. Niet voor onze ogen bestemd zogezegd.

zondag 16 september 2007

Rondje vogelrijk Noord-Holland

Vanmorgen is de beloofde zon present, echter....de beloofde wind ook. Eerst krijgt de Quest nieuwe TDP pedalen. Meestal moeten de clips bijgevijld worden, maar ik probeer het eerst zo maar. Ik laat uit de beide voorbanden wat lucht ontsnappen om ze op 6 bar te krijgen. Dit is wat comfortabeler dan de wedstrijddruk van 7 bar.
Om 10.00 uur vertrek ik. De wind is Bft 5 en zal tot aan Den Oever min of meer achterlijk inkomen. Voor Heiloo geef ik het mooie asfalt van de rijbaan de voorkeur en met 40 km/u ben ik snel in Alkmaar. Wel steekt een Volvo bestuurder zijn middelvinger op, hij doet maar.
Benoorden Alkmaar gaat het grote genieten beginnen. Een snelheid van 43 km/u kan ik vasthouden met een hartslag van rond 111. De wind is inmiddels aangetrokken tot Bft 6 en de Quest lijkt wel vleugels te hebben. Binnen anderhalf uur ben ik bij het Total benzinestation bij De Kooij. Ook de rit naar Den Oever gaat makkelijk, al komt de wind nu al half in.
Overal zijn grote aantallen vogels te zien. Boven het Amstelmeer vliegen honderden ganzen. Je hoort het kenmerkende gakkende geluid zelfs boven de harde wind uit. Vlak bij Den Oever strijken enkele duizenden plevieren neer. Ze hebben zich al verzameld voor de trek naar het zuiden, maar fourageren enkele dagen op het wad en rusten op de weilanden. Dat doen ze vaak samen met andere vogels als bijv. meeuwen. Ik maak enkele foto's en vervolg mijn rit naar Medemblik.
Vanmiddag krijgen wij bezoek van vrienden die de stolp komen bekijken, geen tijd dus voor een bezoek aan de jachthaven van Den Oever. Voorbij het Robbenoordbos komt de wind al behoorlijk voorlijk in. Ik moet stevig trappen om 35 km/u vast te houden. Mijn hartslag zit nu tussen 120 en 130, een heel ander verhaal als op de heenweg. Niet verbazingwekkend natuurlijk. Met 43 km/u rij ik voor de wind de wind dood. Rij je daar met 35 km/u tegenin, dan ervaar je wel Bft 9 om je hoofd.
In Medemblik is de hele dorpskom afgezet in verband met een wielerwedstrijd. Net als ik wil omkeren, komt de bezemwagen langs en mag ik het parcours op. Dat levert vermakelijke taferelen op. Het massaal langs de baan staande publiek applaudisseert als ik langskom. Bij restaurant Kwikkel is het rustig, het publiek maakt zich op voor de komende harddraverij. Ted de Lange, de ligfietshandelaar, komt aangelopen met een rug-aan-rugtandem. Hij gaat meedoen met de 'dikke bandenrace'. Waarom dan met een rug-aan-rugtandem? Nou, op een RAR kun je tussen de beide zitplaatsen een mooi reclamebord bevestigen, zo is Ted ook wel weer.
Vanaf Medemblik is het recht in de wind naar Alkmaar. Een pittige klus en de snelheid blijft met enige moeite op 34 km/u.
Via Alkmaar rij ik oostelijk van het Noord-Hollands kanaal naar de pont in Akersloot. Er moet lang gewacht worden op een vloot grote motorboten van de Koninklijke Motorboot Club uit Muiden. Als de pont weer naar de oostelijke oever komt vaart een achterblijver van de vloot motorboten volgas op de over het water hangende kabel af. Iedereen ziet het fout gaan en begint te schreeuwen. Automobilisten toeteren en het wordt een pandemonium. De schipper van de Fulco, zo heet de boot, wordt eindelijk wakker en de boot wordt in één keer vol in zijn achteruit gegooid. Enkele meters voor de kabel ligt de boot stil.
Om kwart over drie ben ik weer thuis. Op de hartslagmeter zijn de inspanningen goed af te lezen. Had ik in Den Oever nog maar 560 Kcal verbruikt, op het tweede deel van de rit is daar 1600 Kcal bijgekomen. De pedaalclips zitten veel te strak, zelfs het geheel verwijderen van de stelschroeven lost het niet op. Voordat ik naar Giessen vertrek moet de Dremel er nog aan te pas komen.
Vanavond zie ik de Fulco langs De Woude varen. Een deel van het gezelschap van de Koninklijke dineert op De Woude. Ik maak het voorval bespreekbaar en adviseer de schippers hun collega eens naar een opticien te sturen.

zaterdag 8 september 2007

Wim 'winnaar' 100 km Gerrie Kneteman Classic

Vanmorgen om half negen rij ik naar het wielerstadion in Alkmaar. Ik ga de 100 km lange Gerrie Kneteman Classic rijden. Behalve de 100 km is er ook nog een 150 km rit. Deze heb ik vorig jaar gereden, maar vanmiddag ga ik met mijn zoon een auto kopen, daarom vandaag de korte versie.
Bij het wielerstadion is het een drukte van belang. In het stadion worden de chips uitgedeeld. Ik heb nog niet ingeschreven, maar dat is zo gepiept. Het is geen wedstrijd, maar er wordt wel degelijk hard gereden. Ik heb de Quest in normale toertrim gelaten, het hoeft niet zo hard als op Texel. Nadat ik mijn startnummer 2681 heb opgeplakt, rij ik om 09.25 uur door de startlijn. De chiplezer piept ten teken dat ik ben gestart. Eerst gaat het richting Egmond. Steeds haal ik pelotons wielrenners in. Er zullen er in de komende uren nog honderden worden ingerekend. De claxon maakt letterlijk overuren. De groepen wielrenners gaan dit keer over het algemeen uitstekend aan de kant, dat was vorig nogal anders.
Door de vele dorpen is het tempo laag. Door Bergen en Schoorl is het normale weekendverkeer druk en pas als ik aan de oostzijde van het Noord-Hollands kanaal ben kan de gaskraan echt open. Dan ook heb ik de wind in de rug en kan ik tegen de 50 km/u rijden. In Heerhugowaard is het tempo weer laag. Wel kan ik soms een stuk over de rijbaan waar de renners het fietspad moeten nemen. Ik doe dit overigens zo weinig mogelijk, er liggen diverse geheime controlelussen en die liggen zeker niet op de rijbaan. Na Heerhugowaard gaat het echt de polder in en slingeren de vele pelotons over de dijken naar Oterleek. Daar rij ik bijna verkeerd, even vol in de remmen, een stuk achteruit flintstonen en weer de goede dijk op.
Mijn hartslag is steeds tussen 140 en 145, de snelheid steeds 43 tot 45 km. Vaak reageren de deelnemende fietsers door te roepen, gemiddeld ga ik zoveel harder dat ik het meestal niet goed kan horen.
Dwars door de Schermer kom ik uit in West-Graftdijk. Onder de brug door gaat het richting Spijkerboor, vervolgens zuidwest waarts om door een heel druk Krommenie de route op te pakken naar Uitgeest. De wind is nu tegen en de benen begin ik na 85 km wel te voelen. Ik heb bij geen enkel ravitailleringspunt gestopt en ik neem genoegen met een snelheid van 38 km/u, het is tenslotte een toertocht :).
Op alle gevaarlijke kruisingen houden verkeersregelaars het verkeer tegen en er kan dus lekker doorgereden worden.
Via Akersloot en Heiloo ben ik na 2 uur en 39 minuten weer terug bij de finish op 101 km.
Ik lees een gemiddelde snelheid af van iets boven de 38 km/u.
Bij de finish wordt direct de chip ingenomen en begint het uitdelen van allerlei goodies. Op het moment dat ik een paar wielrensokken aanpak heb ik niet in de gaten dat een wielrenner voor me stil staat. Met een licht gekraak uit het vooronder sta ik stil. Een gelukkig maar heel klein kraakje in de gelcoat is het gevolg.
In het rennerskwartier heeft de commercie zijn tenten opgeslagen. Ik scoor achtereenvolgens een mooie bidon, een Polar gereedschapset en een stel bandenlichters. De zadelhoezen laat ik maar liggen, niet nodig.
Ik eet en drink wat en zie grote aantallen renners binnenkomen. Veel fietsers komen naar de Quest en spreken hun verbazing uit over de 'enorme' snelheid waarmee ik ze gepasseerd ben. Een van de renners informeert naar de prijs van de Quest. Hij blijkt voor zijn carbon karretje hetzelfde te hebben betaald. 'Het gaat helemaal nergens over' besluit ie als ie hoort met welke snelheid ik het parcours heb gereden.
Ik wacht de prijsuitreiking niet af en stap weer in de Quest. Nou voel ik de bilspieren flink en met een luiersnelheid van 30 tot 32 km/u peddel ik naar huis.
Vanavond kijk ik even op de uitslag. Blijk ik de snelste van 698 fietsers te zijn. Mijn naam staat verkeerd gespeld, maar het startnummer is eenduidig 2681. Natuurlijk is dit geen eerlijk vergelijk, al is het vele rijden door drukke bebouwde kommen niet de goede biotoop voor een Quest.

dinsdag 4 september 2007

Nieuwe TDP pedalen

Mijn ruim een jaar geleden in mijn TDP pedalen gemonteerde nieuwe assen zijn na een kleine 10.000 km versleten. Dit is wat snel, zeker als je weet dat de TDP-161 pedalen met de origineel gemonteerde assen 15.000 km meegingen. Kennelijk zijn later gemonteerde assen qua levensduur minder. Ik laat dit de fabrikant wel weten.
Ik bestelde afgelopen week nieuwe dubbelzijdige TDP-101 pedalen. Zonder dat ik er om gevraagd heb stuurt Ralph Zeetsen me behalve de bestelde pedalen kosteloos een setje reserve assen mee. Heel aardig.
Op de foto de nieuwe pedalen en de set assen. Deze assen zijn ook ingebouwd in de pedalen. De bovenste foto laat de as in uitgeschoven stand zien, de onderste pedaal is ingeschoven. Tijdens elke trapomwenteling schuiven de pedalen over deze afstand in en uit. Het doel, de knieën door een wisselende belasting te ontzien, heeft bij mij een goed resultaat.

zondag 2 september 2007

Tijdrit Texel 3e met 49,25 km/u

Vanmorgen stop ik de Quest in de bus en rij via De Woude, daar is het gipsen begonnen, naar de veerboot in Den Helder. Het is er rustig en met de boot van 13.00 uur vaar ik over.
Bij Oudeschild zijn nog maar weinig bekende liggers aanwezig. Wel opvallend is een Mango die voorzien is van een triplex stroomlijnpunt.
Ik heb verschillende banden bij me, maar ik besluit de er nu om liggende Avocet banden erom te laten. De Tioga Comp Pools zijn wel een stuk sneller, maar gaan ook snel lek, zeker nu ze meer dan half versleten zijn. Ik wil nu wel eens aankomen en niet zoals tijdens Lelystad-Enkhuizen-Lelystad en CycleVision, met een lekke band uitvallen. Wel pomp ik 7 bar in de voorbanden, de Kojak achter krijgt 6 bar druk.
Na een uur zijn alle bekende namen ter plaatse. Harry Lieben, Eduard Botter, Bastiaan Welmers, Henk de Koning en Theo van Goor bereiden zich voor.
Nadat ik alle ballast uit de fiets heb verwijderd en voldoende heb gegeten, begin ik met een paar kilometer inrijden. Daarna haal ik de racekap uit de bus en begeef me naar de startlijn. Bob Vroegh moet voor me starten, maar hij is er niet. Ik begrijp van Bastiaan dat ie boeken voor school moet ophalen. Daarom moet ik vier minuten wachten voor ik de verhoging bij de start op mag.
Om 15.26 uur hoor ik 'vijf, vier, drie, twee, één, start en weg ben ik. Om snelle verzuring te voorkomen accelereer ik niet al te snel. Na ruim een minuut zit ik op 50 km/u en even later stabiliseert de snelheid zich op 52 km/u. Hartslag dan 161 en dat voelt goed. De racekap heeft een vizier dat ik kan open zetten. Zo gauw ik dat vizier iets te ver open zet, komt de frisse wind in mijn gezicht. De snelheid duikelt direct met 1,5 km/u omlaag. Doe ik het vizier weer bijna dicht, dan heb ik die 1,5 km/u er snel weer bij. Halverwege de 15 km naar het noorden langs de Waddenzee dijk, ben ik lekker warm gedraaid en kruipt de snelheid naar 54 km/u. Op 4 kilometer van het keerpunt zakt deze weer naar 52 km/u, ik krijg de wind meer voorlijk in.
Op het keerpunt staat dezelfde mevrouw van vorig jaar. Ik vraag haar mij even op te tillen en om te zetten. Met enige moeite lukt het haar en ik kan weer aanzetten.
Op de terugweg zie ik al vrij snel Eduard Botter aankomen. Hij zal toch niet nu al vier minuten op mij hebben goedgemaakt? Het duurt nog wel tot het 30 km punt voordat Eduard mij voorbijkomt. Het slechte wegdek en de verschillende korte bochten reduceren mijn snelheid tot soms 45 km/u. Na het vierkant op het eiland ben ik blij weer op de weg onderaan de dijk te rijden. Daar kan ik geleidelijk de snelheid weer op 51 km/u krijgen. Ik heb Henk de Koning op zijn Razz Fazz met stroomlijnpunt, hij is drie minuten voor mij gestart, al een tijd in het vizier. Op het bochtige stuk op het eiland kom ik niet dichterbij, ik verlies zelfs op hem. Vlak voor de finish haal ik hem toch in. Ook een tandem haal ik in. Zij snijden de bochten voorbeeldig aan, echter, als ik er voorbij wil moet er wel wat ruimte blijven. Ik toeter en de bestuurder geeft me wat ruimte. Met 53 km/u finish ik in 49 minuten en 57 seconden.
Gemiddelde snelheid 49,25 km/u. Zo snel was ik hier nog niet. Twee jaar geleden reed ik 47 km/u, vorig jaar met heel harde wind 46 km/u. Het effect van de racekap is wel aangetoond en bedraagt dus 2,5 km/u. Met de Tioga Comp Pool waar ik toen op reed zou het zeker nog 1 km/u harder zijn gegaan. Het verschil beloopt per saldo dus zo'n 3 tot 3,5 km/u. Misschien moet ik er toch maar een keer een -laten- maken :).
In de uitslag blijkt dat ik hiermee derde ben geworden. Harry Lieben is 20 seconden sneller en me dus net nog voor. Eduard Botter is ongenaakbaar eerste met een gemiddelde snelheid van 52,60 km/u. Eduard heeft het koelprobleem waarschijnlijk goed opgelost met een computer ventilator recht voor zijn gezicht.
De prijzen worden uitgereikt door oud-wielrenner Adri van der Poel.
Bij het vertrek van de parkeerplaats maakt de vader van Eduard Botter nog een aardige foto van de groep deelnemers. Een deel rijdt naar huis, een deel blijft nog een nacht op de camping. Ik neem de boot van 18.00 uur en om kwart over zeven ben ik weer thuis.
Een mooie dag op een mooi eiland met een mooi resultaat.

Update: Ik heb nog wat meer foto's gemaakt, o.m. van de roeifietsers, de prijsuitreiking, de rond de veerboot vliegende meeuwen en een paar leuke zeegezichten. Ga naar http://tinyurl.com/328sdo om deze foto's te zien.

donderdag 30 augustus 2007

Racekap

Vanavond een rondje De Woude gemaakt. Omdat het zaterdag tijdens de tijdrit op Texel met 18 gr. C. vrij koel zal zijn en de wind met Bft 4 uit het noordwesten zal waaien, zou de racekap toch enig voordeel kunnen geven.
Daarom zet ik de kap er vanavond toch nog een keer op. Voor de wind gaat het naar Uitgeest en de combinatie hartslag en snelheid bewijst dat een racekap geen voordeel oplevert. Het stuk naar De Woude komt de wind voorlijk van links in en nu zie ik dat een snelheid van 50 km/u mogelijk blijft. Zonder kap zou ik 47 km/u rijden. Het fietspad naar Akersloot betekent recht in de wind rijden. Ook nu kan ik met hartslag rond 150 wederom 50 km/u aanhouden. Dat lukt zonder kap zeker niet.
Linksom of rechtsom, het blijft een hete bedoening. Met het vizier op een kier is het leefbaar te houden, zeker met een lage buitentemperatuur.
Na thuiskomst poets ik met Turtle glasscleaner de ruit van de racekap. Het doorzicht verbetert iets, maar de vele krassen krijg ik niet weg. Morgen zal ik een afgescheurde klittenband aan de achterkant vervangen en het vizier met een klittenbandje op de uitzetter verstelbaar maken.

zondag 26 augustus 2007

Snelheid en uithoudingsvermogen

Vanmiddag een rondje De Woude, althans een heen en weertje over de langste afstand. Het waait 4 Bft uit het noordwesten en de wind blijft dus achterlijk. Da's altijd lekker bij de start. Zoals eerder gemeld voer ik met intervallen steeds de snelheid op tot een niveau dat ik langere tijd wil kunnen volhouden. De stukken tussen Castricum en Uitgeest, Uitgeest naar Krommenie en van Krommenie naar De Woude zijn daar heel geschikt voor. Lange rechte en vooral mooie fietspaden. Met 6 meter per seconde zit de wind op 22 km/u en rij ik deze dus dood tot 22 km/u. Ik versnel voorbij Uitgeest direct tot 58 km/u, dus de wind is dan wel weer 36 km/u of een dikke Bft 5 tegen. De hartslag blijft op 160 tot 162, een waarde die ik wel een kwartier kan volhouden.
Langzamerhand komt het gevoel dat het langer volhouden van hoge hartslagfrequenties door zowel mijn hart als mijn beenspieren wordt verdragen. Ver voor Krommenie kan ik de benen stil houden om langs het station met gematigde snelheid door rood te kunnen rijden :).
Op het fietspad naar De Woude is het zo druk dat een hogere snelheid dan 46 km/u er niet inzit.
Op De Woude tank ik mijn Camelbak halfvol vers drinkwater. Op de pont zijn veel dagjesmensen die nog nooit een Quest hebben gezien. De vragen zijn niet van de lucht.
Iets relaxter dan op de heenweg rij ik dezelfde weg weer terug naar huis.
40 km 3125 km totaal

zaterdag 25 augustus 2007

Snelste rit naar De Woude

Vanavond rij ik een trainingsrondje naar De Woude. Ik moet proberen mijn hartslag wat hoger te krijgen en ook te houden. Dat is voor mij moeilijk tijdens toerritten, bij wedstrijden gaat dat veel makkelijker. Wil ik hoge hartslagfrequenties voldoende lang volhouden om een tijdrit van 41 kilometer met een snelheid van 47 km/u af te leggen, dan moet er nog wel wat getraind worden.
Direct na vertrek, de wind is heel zwak maar wel noordelijk, gaat de gaskraan open en al vlot zit ik tegen de 50 km/u. Bij het station in Uitgeest, ik rij dan al een kilometer zonder trappen uit, negeren twee oude dames de haaientanden en rijden voor me de voorrangsweg op. Ik moet stoppen en mopper wat tegen de dames. De oudste voegt me toe 'je moet wat rustiger rijden'. Ik heb nog tijd om de dames duidelijk te maken dat er regels zijn die ook voor hen gelden. Is aan dovemans oren gericht.
Voorbij Uitgeest is de flauwe helling naar beneden na een duiker een mooi lanceerplatform om snel een hoge snelheid te bereiken. Met hartslag 149 staat de snelheidsmeter stil op 52 km/u en dat blijft zo tot aan Krommenie. Da's best een mooie waarde. In Krommenie staan de lichten op groen en zelfs bij de spoorwegovergang kan ik doorrijden. Alleen bij de afslag naar links richting De Woude moet ik even wachten voor de verkeerslichten. Ik zie dat er een heel snelle tijd naar De Woude in zit. Was de snelste rit tot nu toe 33 minuten, daar is nu flink wat van af te knabbelen. Daarom rij ik langs het industrieterrein al weer boven de 40. Het laatste stuk is wel een mooi fietspad, maar de zwakke wind heb ik nu tegen. Met 47 km/u vind ik het welletjes en zie bij de afslag naar de pont bij De Woude een tijd van maar 30 minuten en 33 seconden op het klokje staan. Gemiddeld 39,5 km/u is een uitstekende tijd.

zondag 19 augustus 2007

Thuis bij Meindert Valenteijn

Vandaag zijn er twee mogelijkheden om naar toe te fietsen. Enerzijds fietst ALF zijn maandelijkse tocht, anderzijds kan ik een tocht fietsen naar Oosterblokker om een CD met foto's naar Meindert Valenteijn te brengen. Meindert belde gisteravond om te informeren naar mijn Quest als ik hem volgend jaar verkoop.
Ik kies er voor om een rondje naar Oosterblokker te fietsen. Ik kan de hele rit mijn eigen tempo aanhouden en dat is nogal wat sneller dan rijden met ALF. Dit is ook beter als training voor de tijdrit op Texel die op 1 september wordt gehouden.
Om even na 12.00 uur vertrek ik met een heerlijke temperatuur van 23 gr. C, een lichte hoge bewolking en zuidelijke wind met kracht 3 tot 4 Bft.
Eerst rij ik naar Wormer, waar het kajakcentrum van Arend Bloem is gevestigd. Ik ben me aan het oriënteren op de aanschaf van een kajak. Als ik de sluis naar De Poel nader wordt ik door een driftige jonge mevrouw tot stoppen gedwongen. Er blijkt een kano wedstrijd aan de gang en 50 meter verder is een kanoër bezig zijn boot uit het water van De Poel te halen om hem langs de sluis te dragen en weer in de Zaan te water te laten. Het zal nog wel een minuut duren voordat de kanoër de weg zal oversteken. Ik wil daarop niet wachten en zet weer aan. De driftige jonge dame wordt nu hysterisch. Ik roep haar toe dat het goed voor haar zou zijn als ze zich wat normaler zou gedragen. Ik kijk in mijn spiegels en als ik zeker al honderd meter weg ben loopt de kanoër de weg over.
Bij Arend Bloem heeft het personeel de Quest direct in de smiezen en ze vragen honderduit. Binnen gekomen zit er zes man te lunchen en gaan daar lekker mee door. Als ik achterin de hal loop hoor ik de baas mopperen dat ie verwacht dat zijn personeel de klanten gaat helpen. Arend Bloem zelf helpt me en het wordt een prettig gesprek. Met enkele folders van geschikte kajaks stap ik in de Quest.
Met de wind in de rug tot iets achterlijker dan dwars rij ik noordwaarts naar Oosterblokker, een klein plaatsje noordoostelijk van Hoorn. Trainingskilometers toch? Nou dan, het gas erop!. Met snelheden tussen 38 en 52 km gaat het er stevig van langs. Er zijn voldoende wielrenners om af en toe de nodige stimulans op te doen. Ik rij via Jisp en Purmerend over de oostelijke dijk van de Beemster naar Hoorn. In een uur en 10 minuten zijn de 40 km naar Oosterblokker onder de wielen doorgerold.
In Oosterblokker sorteer ik voor om linksaf te slaan. Ik geef richting aan met de LEDs en ga tegen de wegas rijden. Ik zie in mijn spiegels met grote snelheid een Volkswagenbus naderen. Dit gaat niet goed en ik wacht op de klap. De chauffeur komt met gillende banden vlak achter me tot stilstand. Ik ga naar rechts en de chauffeur stapt uit. Hij verwijt me dat ik eerst naar rechts richting heb aangegeven en toen naar links. Ik vraag de man waarom ie zo hard rijdt. Hij antwoordt dat ie 50 km/u rijdt. Met de schrik in mijn benen rij ik door en sla verderop alsnog linksaf.
Het bezoek aan Meindert Valenteijn is minimaal gedenkwaardig. Ik kom binnen in een kleine eengezinswoning. De voordeur kan slechts op een grote kier, er staat een ligfiets in het kleine halletje. In de kleine huiskamer resideert een kolossale 1150 cc motorfiets. Aan de muur hangt in stalen beugels een grote hangglider. Ook de voorraad stalen buizen in lengten van 5 meter hangt daar. Enkele kite vliegers in grote zakken wonen ook in de huiskamer. Er is nog net plaats voor drie twee zits banken en een tafel. In de doorloop naar de keuken staan een grote sterrenkijker, de computer, een tekenbord en een kast met tandwielen en ander fietsmateriaal. Twee personen kunnen elkaar nauwelijks passeren.
Tot zover de eerste verbazing. Buiten staan drie schuren en meerdere afdakken. Alles staat vol met fietsen, frames, stroomlijnen en de mallen daarvoor, onderdelen van fietsen, vele tientallen tandwielen, tot 168 tanden aan toe, en veel gereedschap. Ook een total loss Quest ontbreekt niet. Op de werkbanken liggen de onderdelen 30 cm hoog opgetast. 'Er moet wat opgeruimd worden' vindt Meindert met een reusachtig gevoel voor understatement. Ook een grote oude draaibank staat er. Al met al staan er zeker vijfentwintig min of meer complete fietsen. Daar blijft het niet bij, hij heeft ook allerlei draagvleugelboten ontworpen die op heel ingenieuze wijzen voortgestuwd worden. Zelfs het op een treeplank stampen kan een goede aandrijving zijn. Ook geavanceerde fietsaanhangers kun je in Meinderts tuin vinden.
Meindert, hij is fulltime uitvinder, heeft overal een mooi verhaal bij en raakt niet uitgepraat.
Ik wil een paar foto's maken, maar kom tot de conclusie dat er geen geheugenkaart in mijn Nikon zit. Dom Dom.
Om 17.00 uur vertrek ik, niet nadat Meindert allerlei details van de Quest heeft bewonderd. Ik wordt door Meindert, zijn vrouw en vriend Paul uitgezwaaid.
Onderweg realiseer ik me dat het doel van de rit, het afgeven van de CD, door alle overweldigende indrukken, in het water is gevallen. De CD zit nog in mijn tas.... Ik stuur hem maar op.
Een bijzonder bezoek bij een heel bijzondere man.
104 km.

zaterdag 18 augustus 2007

Purmerend

Vanmorgen laat ik mijn schoonzusje de nieuwe boerderij op De Woude zien. Ik fiets er naar toe, Marian en Anneke komen even later met de auto. Een stoplicht tegen en een klein stukje file en de Quest is over 20 km sneller dan de auto.
Na het bezoek aan De Woude rij ik naar Purmerend om een medewerker op te zoeken.
TomTom Navigator wil me steeds rechtsaf hebben terwijl ik wil doorrijden tot de oostelijke ringdijk van de Beemster.
Yan, een van onze technische dienst medewerkers, zit al een half jaar thuis na een zeer ernstig ongeval. Een automobiliste had verzuimd haar voorruit schoon te maken en reed dwars over zijn been. Het gaat nog steeds heel moeizaam en meer dan tien meter lopen met een stok zit er niet in.
Na mijn vertrek volg ik TomTom om de buitenwijken van Purmerend weer uit te komen. Mispoes dus, ik beland op een N weg en daar hoort een Quest echt niet thuis. Ik kies een andere route en ben snel de plaats uit. Het gaat regenen, maar niet hard genoeg om de kap er op te zetten. Vanuit Purmerend rij ik over de schitterende Zuiddijk naar Spijkerboor. Daar wordt de dijk automatisch de Westdijk. Werkelijk een prachtige rit, links het water van de ringvaart, rechts de diepliggende Beemster. De regen houdt op en met een dwars inkomende wind is het met 38 km/u heerlijk relaxed rijden. Via Oost- en West Graftdijk, ik kijk daar altijd naar de mooie makelaars, houten toptekens op de huizen, rij ik naar de pont over het Noord-Hollands kanaal. Automobilisten die ik voorbij rij, maken een opmerking over voordringen. Niet zo zinvol, er staan maar twee auto's dus iedereen kan per definitie mee.
Nadat ik nog even praat met een stel collega's van iCentre die zojuist de winkel hebben afgesloten, rij ik naar de kanovereniging Uitgeest aan de Meldijk. Ik ben aan het kijken naar een kajak en wil bij de kanovereniging de sfeer eens opsnuiven. Kansloos, alles is dicht en er is geen kano te zien.
Via de jachthaven Zwaansmeerpolder rij ik weer naar huis.
80 km, 2990 totaal.

zondag 12 augustus 2007

Vroeg rondje Noord-Holland

Vanmiddag gaan we naar een verjaardag. Ik heb zin in een rondje Noord-Holland. Dat gaat niet samen of ..... toch wel? Natuurlijk wel, alleen moet er dan vroeg ontkofferd worden. Om precies 8.00 uur zit ik in de fiets en met heel fraai weer vertrek ik noordwaarts. Al bij de grens van de bebouwde kom het eerste evenement, balorige dronkaards hebben op drie plaatsen het fietspad veranderd in een glasbak. Ik probeer zoveel mogelijk glas aan de kant te schoppen, een bezem heb ik niet bij me.
Het is rustig op de route door Limmen en Heiloo, een goede reden om de rijbaan te nemen.
Benoorden Alkmaar moet ik eerst een slecht stuk fietspad voor lief nemen alvorens fraai asfalt onder de wielen door glijdt. De wind is zwak en zuidelijk, dus zonder veel inspanning kruis ik tussen 35 en 40 km/u. Om 9.30 uur ben ik bij het Total benzinestation bij de Kooi. Onderweg krijg ik een warm achterwerk en het voelt alsof de bilspieren verzuren. Ik haal de gelmat uit de Ventisit mat, deze voelt erg warm aan, en ik ga onderweg naar Den Oever. Op het moment dat ik weg rij passeert een peloton jonge wielrenners. Uiteraard moet ik ze inhalen, maar het viaduct omhoog kunnen de mannen een stuk sneller. Het duurt even voor ik er bij ben, ze rijden 36 km/u tegen wind, da's best snel. Ik geef een beetje gas bij en met 40 km/u ga ik er langzaam voorbij. Ik verwacht dat ze zullen aanpikken, maar dat doen ze niet, heel verstandig :).
In Den Oever stop ik niet en doe dit halverwege de rit naar Medemblik. Mooi beeld, geen mens te zien en de weidsheid van het polderlandschap is overweldigend. Ik maak een plaatje, eet een broodje en ga met gemiddeld 35 km/u weer onderweg naar Medemblik. Om vijf over elf arriveer ik en zie dat het centrum afgezet is. Via een omleiding kom ik bij restaurant Kwikkel voor mijn espresso. Er is een concours d'elegance voor historische auto's, heel leuk om te zien en het wachten waard.
Op de dijk naar Enkhuizen is het uiteraard behoorlijk druk, op het water is het nog drukker. Er wordt massaal gezeild, met windkracht 3 Bft durft de watersport gemeenschap wel het water op.
Een oude man roept me toe 'niet brommen' niet brommen'. Maar lieve man, ik brom helemaal niet. De man snapt het niet en blijft met beide armen omhoog achter.
Om 12.10 uur passeer ik Enkhuizen om snel weer de dijk naar Hoorn op te zoeken.
Het ontbreken van de gelmat is prettig, de warmteafvoer is weer OK en het verzuren komt niet meer voor.
Automobilisten gaan op de dijk vaak helemaal rechts rijden, zelfs tot naast de verharde weg. Vervolgens gooien zij enorm veel stof op waar ik steeds doorheen moet, bepaald onprettig. Binnen een uur komt Hoorn in zicht en op snelheid rij ik er door heen.
Ga ik nog via Edam of rij ik via Avenhorn?. Het wordt het laatste, mede omdat het weer verslechtert en ik beloofd heb op tijd thuis te zijn. Na Avenhorn neem ik de mooie route door de Mijzenpolder tot aan Schermerhorn. Via Zuid-Schermer bereik ik de pont in Akersloot waar het enorm druk is en er zelfs discussie ontstaat over voordringen. Ik sta net goed voor het eerste contingent en ben snel aan de overkant. Het wordt nu snel donkerder en plots begint het flink te regenen. Bij een benzinestation stop ik onder de overkapping om mijn regenhesje aan te doen. Een automobilist vraagt of ik kom tanken, nou nee.
Om kwart over twee ben ik thuis na een mooie snelle rit.
168 km.