maandag 26 juli 2010

Ierland dag 4 26 juli Dromore - Crossmaglen

Bekijks en in de krant
Vanmorgen is het miezerig en met man en macht proberen we de was te drogen. We gebruiken zelfs een föhn in het damestoilet. Dit oude geval is niet bestand tegen intensief gebruik en de slang valt spontaan uit elkaar. Ducktape is de redder in nood en we kunnen de belangrijkste kledingstukken drogen.
Dan is mijn fiets onderwerp van inspectie. We zetten de Quest op twee houten tafels en Cees Roozendaal bekijkt alles grondig. Er lijkt niks scheef te staan, er zijn geen tanden gebroken en ook de ketting loopt soepel over de tandwielen. Ik heb het idee dat de ketting domweg te lang is. Na het verwisselen van het grote voorblad met 57 tanden voor één met 53 tanden is de ketting niet ingekort. Hoewel Cees en Ben denken dat het goed is, bel ik met Ymte van Velomobiel.nl. Hij denkt dat de ketting niet te lang is, maar denkt dat het verwijderen van twee schakels geen kwaad kan. Zo gezegd zo gedaan. Cees klaart dit klusje snel en sluit de ketting met een sluitschalm. Na het schakelen op het grootste blad voor en het grootste blad achter staat de poot van de derailleur nog steeds niet horizontaal naar voren. Er kan zelfs nog een schakel uit. Eerst maar eens proberen. Om een angstig en lang verhaal kort te maken, dit is de goede oplossing. De ketting laat zich nu makkelijk op het voorste kleine blad schakelen en daarvoor hoef ik de derailleur achter niet op te schakelen. Wel, Ymte adviseerde dat dringend, is het kleine voorblad alleen te gebruiken met de drie grootste kransjes achter. Daarboven krijgt de ketting alsnog weer te veel lengte. Ik ben een heel blij mens.
Ymte wil overigens best naar Ierland komen, per fiets. Gelukkig kunnen we door.
Van de camping in de buurt van Hillsborough koersen we zuidwaarts. De Garmin tovert een route naar Dronmare te voorschijn. Als we die volgen blijkt dat we weer noordoost waarts worden gestuurd. Er blijkt nog een Dronmare te bestaan, uiteraard heb ik de verkeerde gekozen. Gevolg is dat we fors moeten klimmen en bijgevolg spectaculair dalen. We bereiken al een hoogte van 245 meter. Omlaag komen de remparachutes van pas. De werking lijkt beperkt, maar bij snelheden van 60 tot 70 km/u staat er heel wat trekkracht op de draden. Beide chutes uit, ze slingeren soms wild heen en weer, levert een reductie van ongeveer 15 km per parachute op.
In Rathfriland arriveren we na een zeer steile klim op het dorpsplein. Direct worden we besprongen door de lokale drinkebroers. Heel vervelend want elk dorp heeft meerdere van die lastpakken die zich niet laten wegsturen. Even later worden we door de fotograaf van de lokale krant gespot. Er worden meerdere foto's gemaakt en ik wordt uitgenodigd voor een interview op de redaktie. Dat duurt even, de dienstdoende journalist is even zoek. De hoofdredacteur doet het zelf. Na alle standaardvragen waar we vandaan komen, waar we heengaan en waar die wonderbaarlijke fietsen vandaan komen, word ik bedankt en vertrek. Buiten gekomen staat een lokale vrouwelijke wethouder 'call me Lizzz', die ons hartelijk welkom heet. We moeten opnieuw op de foto, nu van haar voorkeurs fotograaf. Al met al zijn we anderhalf uur kwijt, niet iets om iedere dag te doen.
Het landschap is betoverend mooi en vooral tijdens het klimmen is er alle tijd om van genieten.
We zijn een grote bezienswaardigheid. Op vele erven staan mensen te applaudiseren of steken minimaal hun duim op. Veel auto's draaien hun raampje open en roepen naar ons. We worden talloze keren gefotografeerd. Als we even stoppen staan er direct boeren met hun gezin bij ons. Een oude boer vindt dat we 'totally crazy' zijn.
Marian rijdt nu niet achter ons, de B-wegen zijn te smal en inhalen is voor de Noord-Ieren te moeilijk. We spreken enkele rendez-vous plaatsen af. Heel fijn om even een warme kop koffie te drinken na een serie beklimmingen. Marian SMSt steeds haar juiste positie en rijdt er via grotere wegen naar toe.
De Noord-Ieren zijn zeer voorkomende chauffeurs. Als we willen invoegen stoppen ze onmiddellijk en rijden vervolgens kilometers met fietssnelheid achter ons aan. Ook het maken van een fout wordt niet afgestraft.
We eindigen de dag aan Loch Ross, geen camping, maar we zijn hartelijk welkom. Het toiletgebouw heeft keurige voorzieningen en zelfs warm water.
We hebben maar 82 km gereden, maar het zijn wel hard bevochten kilometers.

NB. De groepsfoto in Rathfriland is genomen door Richard van de Banbridge Chronicle Press, 14 Bridge Street, Banbridge

zondag 25 juli 2010

Ierland dag 3 25 juli Crocketford - Stranrear

Het regent als we vertrekken voor de etappe naar Stranrear aan de Engelse oostkust. Het is nog een honderd kilometer voor we met de HSS, een razendsnelle catamaran van Stena Line, naar Ierland varen. Ook nu weer is het klimmen en dalen, al komen we nu nog maar net boven de 200 meter. De snelste afdaling is nu boven de 90 km/u.
Tijdens een korte stop stopt ook een Joodse familie. Ze vragen honderduit en willen met de fiets van Cees rijden. Als ie dat niet goed vindt willen ze dat niet goed begrijpen. We zullen ze nog diverse keren zien.
20 kilometer voor Stranrear zie ik een groot aantal wilde berggeiten op de hoge rotsen.
In Stranrear hebben we nog een uurtje de tijd en hebben we weer gedoe met een bootwerkster. Marian rijdt achter ons aan, maar heeft nog geen ticket. Dat levert wat gesnauw op van de bootwerkster en van Marian. Als de bootwerkster onze reisbevestiging nog eens bestudeert ziet ze dat ze zelf een foutje gemaakt hebben. Het ontbrekende ticket wordt alsnog bezorgd en we mogen aan boord.
Het varen is een spektakel. Blijft de boot in de grote inham tegen de 30 km/u varen, buitengaats gaat het gas erop. Zo nu en dan vaart het schip ruim 70 km/u. Achterop het schip is het geweld van de schroeven goed te zien.
Na twee uur en tien minuten zijn we in Belfast. Het ontschepen gaat efficiënt. Ik mag nu voorop rijden. Het is niet makkelijk om het 'Cyclepath 9' te vinden. Wij rijden op de rijbaan en missen de aansluiting op het fietspad. Via een korte omweg komen we toch op het geplande fietspad. Het is inderdaad een betoverend mooi fietspad dat continue een kleine rivier volgt. Soms is het pad zo smal dat een Quest er net overheen kan, soms is het wat breder. Het wegdek is vrij glad asfalt, beter dan de normale openbare weg waar het asfalt meestal ruw is met veel reparatieplekken
Een stel vriendelijke Ieren, man, vrouw en twee dochters, rijden met mountainbikes met ons op. Ook zij gaan naar Lisburn.
De camping waar we vandaag verblijven ligt iets zuid-oostelijk van Hillsborough. Helaas zijn de douches koud, we zijn te laat.
Ik krijg steeds meer hinder van een overslaande ketting. Als ik op het kleine blad voor rij, is het niet mogelijk achter op 6 of hoger te rijden. De ketting slaat er zelfs een keer af en samen met Cees leggen we hem er weer om. Het probleem blijft en ik moet soms zelfs omhoog lopen. Morgen maar eens kijken of we het op kunnen lossen. Ik voel me hier niet erg gerust door en maak me echt zorgen.

zaterdag 24 juli 2010

Ierland dag 2 24 juli Noord-Engeland en Schotland

Overtocht naar Newcastle en eerste rit naar Crocketfordk
Om tien uur de volgende ochtend doemt New Castle aan de horizon op. Na een half uurtje varen over de slingerende Tyne, meert de boot af. Het ontschepen verloopt snel en gaat Ben voorop richting New Castle. Ben heeft de rit samen met Herman Blanken in 2002 gemaakt en weet de beste route.
De rit is fraai maar best pittig. We klimmen tot 236 meter en halen soms daalsnelheden van 80 km/u. Voor Kees is het klimmen een forse klus. Geen probleem, hij komt steeds boven. Klimmen doe je per definitie in je eigen tempo.
Marian rijdt met de camper steeds achter ons aan. Op die manier worden de automobilisten gedwongen om afstand te houden. Dat levert soms aardig wat filevorming op. Een enkele bestuurder vind dat zo onprettig dat ze ons op enkele centimeters passeren. Als Marian niet achter ons rijdt is het soms wild-west. Vrachtauto's halen ons gemiddeld met voldoende afstand in. Ze dwingen dan wel tegenliggers tot stoppen. Dubbele strepen, verdrijvingsvakken en andere wegbelijning zijn voor de Noord-Engelsen en Schotten niet meer dan illustratie, ze trekken zich er niks van aan.
In de middag begint het licht te regenen. De schuimkappen gaan erop. Beurtelings rijden we over de A75 een soort snelweg en binnenwegen.
We slaan ons kamp op op een camping in de buurt van Dumpfries. De hele camping loopt uit, ze vinden het maar een wereldwonder. Ben slaapt in zijn eigen tentje, Cees heeft ook een tent mee maar kiest ervoor in het gangpad van de camper te slapen. Betekent wel dat de WC versperd is.
Na de warme hap en een drankje gaan we op tijd slapen. Na 182 km met flink wat klim- en daalwerk wil de slaap wel komen.

vrijdag 23 juli 2010

Ierland dag 1 23 juli Vertrek naar IJmuiden

Om twee uur verzamelen zich de Ierlandgangers Marian en Kees van Hattem, Ben Wiggers en Cees Roozendaal in huize Schermer op De Woude. Marian gaat mee met de camper die als moederschip zal dienen. Vooral prettig omdat zo de zware bagage niet in de fietsen mee hoeft.
Jan Geel, Jan Reus en Juf Katje komen ook naar De Woude om samen naar IJmuiden te rijden en ons uit te zwaaien. Mijn vriend Jan Veenis is ook van de partij. Als de hele ploeg op de pont staat komt ook Yvonne de Muis aan rijden. In een rustig tempo rijden we naar IJmuiden.
Tijdens het wachten worden we blootgesteld aan de grillen van een vrouwelijke bootwerker. 'Op je plek en blijf waar je bent'. Dan rijden we de imposante open bek van de Princess of Norway binnen. De fietsen kunnen gewoon op hun drie wieltjes blijven staan. Ben en Cees zetten er voor de zekerheid een spanband overheen, maar dat is niet nodig.
Na het opzoeken van onze hutten, Kees en Marian liggen luxe op het 8e dek, gaan Cees, Ben en ik naar dek 2, diep de ingewanden van het schip in. Om half zes vertrekt het schip. Vriend Jan belt in de avond en ziet via het AIS systeem 'ons' schip op het internet over de Noordzee voortbewegen.
We zijn een welkomstdrankje tegoed dankzij het feit dat wij lid van de ANWB zijn. Dan volgt een wel heel royaal Scandinavisch buffet. Het is maar goed dat wij nogal wat kilometers zullen gaan fietsen.
Na een lekker drankje gaan we te kooi.
Slapen op een veerboot is altijd wat rommelig. Het waait niet hard, maar de motoren zijn goed hoorbaar.

dinsdag 20 juli 2010

Remparachutes compleet

Nadat Marian van Hattem gisteravond het naaiwerk aan de remchuutjes heeft gecompleteerd, maak ik ze vandaag compleet. Paulus den Boer gaf me nog wat aanvullende informatie. Na het aanbrengen van de primaire trekdraden, uit één stuk, knoop ik per chute vier 50 cm lange draden met paalsteken vast aan zowel de primaire trekdraden als aan de centrale ring. Dit ringetje is net een centimeter in diameter en bevestig ik vervolgens aan de wartel. Vlak daarvoor schuif ik de vooraf vervaardigde Ibiliet beschermingsknoppen over de trekdraden. Ditzelfde doe ik ook aan de wartelkant. Dit is nodig omdat parachutes pal naast de Quest niet stabiel zullen zijn en soms hard tegen de body aan zullen slaan. Met de schuimrubber beschermingsknoppen over de ring en de wartel zal dit zonder schade blijven. Als laatste maak ik een 4 mm gevlochten nylon trekdraad aan de wartel en schuif de Ibiliet knop erover heen. Om afschuiven te voorkomen smeer ik er wat Bisontix op.
De foto's vertellen het verhaal verder.

De afmetingen van de chutes zijn 50 x 50 cm met een gat in het midden van ongeveer 10 cm. De vier hoeken die eruit geknipt worden meten 10 x 10 cm. Voor het naaien van de chute is smal dubbelzijdig tape heel prettig, nylon schuift geweldig makkelijk. Nu hebben we de chutes in elkaar geplakt en daarna genaaid. Let wel op dat het naaien met tape makkelijk leidt tot vervuiling van de naald. Een beetje siliconenspray op de naald voorkomt dit.

De remparachute mag niet onder het achterwiel komen en ook is het niet de bedoeling dat mede fietsers worden meegesleurd. Daarom is de treklijn vrij kort. Ook moeten de chutes zo'n 10 tot 20 cm in lengte verschillen om in elkaar draaien te voorkomen.
Tenslotte is het belangrijk het geheel niet overmatig sterk te maken. De wartel heeft een treksterkte van 75 kg, ruim voldoende.
De kogel gelagerde wartels koop je in de viswinkel, kosten helemaal € 0,50 per stuk. Het spinnakerdoek kost € 17,50 per m2. De treklijntjes zijn van 2 mm gevlochten nylon, de nylon treklijn is 4 mm dik.

maandag 19 juli 2010

Bezoek aan Ventisit en remparachutes maken

Rond het middaguur rijden Kees en ik naar Castricum om boodschappen te gaan doen bij Ventisit.
Kees krijgt als eerste een speciaal voor de bredere Quest en Strada stoel ontworpen Ventisit mat. Het ziet er heel fraai uit.
Kijk maar even op Kees' blog:
Bart vervangt de Ventisit tussenlaag in mijn speciale zachte mat. Het meest recente materiaal dat speciaal voor Ventisit wordt gemaakt is veerkrachtiger. Tenslotte krijg ik een Ventisit nekrol mee om te proberen.
Dan rijden Kees en ik nog een rondje via Egmond en Heiloo alvorens wij weer op huis aan gaan.

Vanavond rij ik naar Heerhugowaard om samen met Marian, Kees' vrouw, 8 remparachutes in elkaar te zetten. Marian heeft veel ervaring met het zwaardere naaiwerk. o.m. voor het maken van kleding en tenten voor haar optreden in de middeleeuwse groep de 'Compagnie van Brederode'. Het spinnakerdoek is superdun, maar daarom niet makkelijk te naaien.
Na anderhalve avond knippen, plakken en naaien zijn de chuutjes klaar en kan ik er nog 2 mm draden aan maken. Als laatste maak ik een wartel in de trekkende draad om in elkaar draaien van de draden te voorkomen.

zondag 18 juli 2010

Fortenroute 2010

Het is om half zes reveille, erg vroeg om voor een hobby het warme bed te verlaten. Maar voor fietsen hebben we het graag over.
De Quest gaat voor het eerst sinds de vorige versie van de Fortenroute in 2009 weer op de roeiboot. Ging de Quest vorig jaar bijna zwemmen, nu ben ik een gewaarschuwd man.
Yvonne De Muis is om kwart over zes de eerste op de vaste wal en helpt de boot afmeren. Het afrijden van de Quest is dan een fluitje van een cent. Kees van Hattem komt om even voor half zeven aanrijden terwijl Ron Dekker ons tegemoet rijdt als wij richting West-Graftdijk rijden.
Het is prachtig weer met mooie mistige kanalen en sloten. De hazen in de Beemster zijn al druk in de weer.
Wij rijden het laatste deel van de Fortenroute als eerste. Via Edam, Monnickendam en Durgerdam arriveren we aan de voet van de Schellingwouder brug en wachten we op de groep fietsers die vanaf het Centraal Station komt. We hebben dan vanaf De Woude de eerste 61 km al achter de wielen.
Mark-Jan Bastian is om tien over negen nog niet bij het CS. Hij heeft een lekke band, de eerste van een serie.
Tegen half tien is de groep bij ons en met totaal 16 fietsers, merendeels met velomobielen, vervolgen we de mooie rit.
Na het drukke Muiden rijden we over smalle dijkwegen die de forten van de Stelling van Amsterdam met elkaar verbinden. In Ouderkerk moeten we lage poortjes passeren. Sommigen kunnen er onder door. Ik niet, mijn dikke voor- en achterband maken de Quest te hoog. Ron Dekker loopt een kras op de tunnel op, hij kon er dus eigenlijk niet onder door.
Na de koffie met appeltaart koersen we op Schiphol aan. Vanzelfsprekend lachen we ons gek om de schapen. Ze blijven op de weg liggen tot ze bijna overreden worden. Dan springen ze op als een klipgeit en gaan aan de kant. Even verder interesseert het schapen geen moer meer, ze blijven liggen waar ze liggen.
Dan komen we bij Schiphol onverwacht voor enkele hekken te staan. We kunnen er niet door. Of ... toch wel? De aannemer heeft de hekken met sloten vastgezet en de harpsluiting afgeslepen zodat deze niet open te draaien is. Met wat inventiviteit van Ron en De Muis lukt het toch. Even later moeten we door een zandbak en staan we .... op een afrit van de A4. Snel rijden we via de splinternieuwe busbaan Hoofddorp binnen.
Mark-Jan krijgt weer een lekke band en even later weer. Met vereende krachten wordt een nieuw velglint geplaatst. Zou het probleem nu opgelost zijn? Nou nee, maar dat komt later.
Na de lunch in het park bij Hoofddorp gaat het via Haarlem naar pont Buitenhuis. Ik rij achter Mark-Jan en hoor 'pssst'. Weer een lekke band. Tot mijn verrassing moet er steeds geplakt worden, reserve binnenbanden zijn niet aan boord.
Het wordt nu wel erg laat om de hele route af te maken. Mijn zoon wil me een goede reis naar Ierland wensen, maar dan moet je er wel een keer zijn. Ik neem, samen met Kees, afscheid van de groep en 20 minuten later zijn we op De Woude.
Mooie rit met zo nu en dan een hindernisje.
167 km, nu totaal 4985 km.

vrijdag 16 juli 2010

Duitse liggers door Noord-Holland

In maart schrijft Robert Frischemeier me een mailtje met de vraag of ik hem, samen met een stel Duitse velomobilisten, door Noord-Holland wil loodsen. Natuurlijk, geen probleem.
Vandaag is de dag. Om 8.00 uur staat Kees van Hattem al voor zijn deur te wachten, geen koffie dus :(. We rijden met harde wind in de rug naar Middenmeer, kijken of Pé wat van dat bruine goed klaar heeft staan. Helaas, Pé is gevlogen.
Om even na half tien komen de Duitse vrienden gelijk met Kees en mij aanrijden bij de haven van Den Oever. Behalve Robert is onder meer René Friesing en Frank Terfort van de partij. Drie Questen en één Milan zijn hun vervoermiddelen. Tegen tien uur komt ook Jan Geel de gelederen versterken.
Na een praatje gaan we richting Medemblik. Kees gaat voorop. De harde wind is om en nabij op de kop en met tussen 30 en 33 km/u moet er stevig gewerkt worden. We tracteren de mannen op een ritje bovenop de dijk naar Enkhuizen. De wind rukt stevig aan de fietsen, maar alles blijft onder controle. In Enkhuizen maken we even een stop voor de Dromedaris. In Hoorn moeten we de verplichte omleiding volgen. Dat voert ons langs een weg met enkele gemene drempels. De Milan is hier niet thuis. Met nogal wat acoustisch geweld schraapt de Milan over de stenen.
Dan gaat het richting De Woude waar we koffie drinken bij ons thuis. De pontbaas is wel wat gewend, maar 7 velomobielen is bijna een pont vol. Na de koffie begeleiden we de Duitse vrienden naar pont Buitenhuizen.
Daar nemen we afscheid en zeggen toe dat dit voor herhaling vatbaar is. De Duitse vrienden zijn zeer tevreden met de begeleiding en gaan na pont Buitenhuizen richting Den Haag.
182 km totaal nu 4810 km.

donderdag 15 juli 2010

1e carbon Quest in augustus

Vandaag rijden Kees van Hattem en Jan Geel met mij naar Velomobiel.nl in Dronten. Het waait hard, op de vlakte 6 Bft. Op de dijk van Enkhuizen naar Lelystad is het even tricky op het moment dat we over de kruin van de dijk naar het oostelijk gelegen fietspad rijden. De Quest wordt flink door elkaar geschud en er moet stevig opgestuurd worden.
In Dronten wordt mijn fiets Ierland geschikt gemaakt. Allereerst past Ymte op de draaibank de beide Kneesavers aan. Hij ziet kans om de breedte van twee centimeter terug te brengen tot 12 mm. Nu kan ik zonder de body te raken mijn voeten goed ronddraaien. Ook raak ik met mijn kuiten de kettingafscherming niet meer.
Jan Wijn bouwt de veerpoten uit en stelt vast dat ik er wel heel veel olie in gespoten heb. Vervangen hoeft niet, nieuwe 'schuimpjes' en goed schoonmaken is voldoende. Er wordt voor een nieuw blad 53 geplaatst ter vervanging van het 57-tands blad. Nu kan ik alle voorbladen weer schakelen, een voorwaarde voor Ierland. De cassette achter, een 11-28, wordt vervangen door een 11-34.
Met een 30 voor en een 34 achter moet ik wel omhoog kunnen komen. De grote omtrek van de Schwalbe Super Moto maakt die 34 echt nodig. Kees van Hattem heeft een 32 achter en klimt dus iets zwaarder. Voor Kees is een 50 mm brede Kojak dan ook een betere keus. Kees neemt een Kojak mee zodat ook voor hem het klimmen goed zal verlopen.
Jan vervangt twee voorwiellagers. Deze niet gesmeerde hybride keramische lagers zijn na 4500 km nog in goede staat, maar omdat ik ze heel licht hoor, wil ik voor de reis naar Ierland geen risico nemen.

Carbon Quest
Ik wist, ik beschreef dat hier al, dat er een plug van een Quest in juni mee is gegaan naar Tsjechië. De bouwer van de Strada heeft daar mallen van gemaakt en kan er dus weer nieuwe Questen mee gaan bouwen. Het goede nieuws is dat dat carbon Questen gaan worden. De Tsjechische fabrikant heeft er zin in, want al in augustus komt de eerste carbon Quest naar Nederland. Die fiets moet uiteraard goed getest worden. Ook de leveringsomvang is nog niet vastgesteld. Wel is de verwachting dat een min of meer standaard uitgeruste carbon Quest net onder de 30 kg kan blijven. De meerprijs lijkt met rond 1200 euro heel redelijk.

De rit naar huis is er een van uitersten. Voor de heel harde wind rij ik tot 64 km/u, op het vasteland vraagt 30 km/u al aardig wat trapvermogen. Wij stoppen even bij de snackwagens bij de Houtribsluizen. Jan Geel maakt me attent op de 'bediening' in de snackwagen. Dat is een hond, een bizar gezicht.
Op het grastalud van de dijk huizen duizenden spreeuwen. Als wij langsrijden gaat het hele stel de lucht in en vormen zich letterlijk wolken spreeuwen. Dit bijzondere schouwspel houdt ons vrijwel de hele rit over de dijk bezig.
Na een winderige maar snelle tocht ben ik na 195 km weer thuis.

woensdag 14 juli 2010

Lowlands passeert De Woude in de nacht

Gisteren is in Zwolle het brevet Lowlands 1200 van start gegaan. Rond 80 fietsers hebben besloten de strijd met zichzelf aan te gaan en 1200 kilometer te fietsen binnen 90 uur. Enkele bekende Questrijders, waaronder Hans Wessels zijn onder de deelnemers. Ook Peter de Rond, Tom Hospes, Robert Lammerts, Wim Rutten, Jan van Steeg en Pieter Jan Bouma doen onder meer mee.
Peter de Rond laat me weten dat hij in de nacht van dinsdag op woensdag tussen 02.00 en 03.00 uur langs De Woude zal rijden. Of ik hem wil komen aanmoedigen.

Mijn vrouw verklaart me voor gek, het regent en waait als ik in de stikdonkere nacht met de roeiboot de Markervaart over roei. Koffie en fris mee. Om half drie komt de eerste felle LED koplamp in zicht. Met vrij grote snelheid rijdt een oranje Quest langs en ik roep de fietser aan. Het blijkt Hans Wessels te zijn die heel enthousiast reageert als ie me herkent. Na wat water overgepompt te hebben werkt Hans een banaan naar binnen. We praten wat over de groep waarmee ie vertrokken is. Wim Rutten ging het wat te hard, gemiddeld 38 km/u, en Jan van Steeg heeft maagproblemen. Hans trekt na 10 minuten het schuimdeksel over zich heen en verdwijnt weer in de donkere nacht.
Tien over drie komt Jan van Steeg aan. Zijn maagproblemen zijn over en hij drinkt wat van mijn meegenomen frisdrank.
Jan heeft tijdens CycleVision 5 ronden achter mij aan gereden. Daarna kon hij nog wat harder, niet zo gek als je 32 jaar bent in vergelijking met een oude baas van 63 jaar :).
We praten wat over het begin van ons beider Quest leven en over de Quest. Jans' fiets is een echte lawaai papegaai en als ie wegrijdt ratelt het kettingwiel dat het een lieve lust is. Jan zal mijn ervaringen met Polycord in de gaten houden.
Beide Quest rijders laat ik op de iPhone Buienradar.nl zien. Ze zijn blij dat de regen over is en ook niet weer zal vallen.
Na de eerste twee Questen komen er drie tweewielers langs. Zij stoppen wel, maar rijden snel weer door als zij in de gaten krijgen dat ik geen verborgen stempelpost ben.
Even later weer enkele Questen waaronder die, denk ik, van Wim Rutten. Deze rijders hebben haast en rijden door.
Weer een half uur later stopt Tom Hospes in zijn Quest. Hij wil de groep voor hem inhalen en trapt snel weer de duisternis in.
Ik hoor van Tom dat Peter de Rond heeft opgegeven. Nou heer De Rond, daar staat je supporter midden in de nacht vergeefs op je te wachten :)
Om kwart over vier vind ik het mooi en roei weer naar het eiland terug.

Het is heel fraai om via het internet de monsterrit te volgen. Eén van de leukste is Pieter Jan Bouma. Hij heeft een goedwerkende tracking applicatie draaien in Google Maps. Elke minuut, soms enkele minuten, wordt zijn positie in de kaart weergegeven, met richting en snelheid. Via Twitter doet ie af en toe verslag binnen dezelfde applicatie. Kijk om hem te volgen op:
http://www.pieterjanbouma.nl/Default.aspx